Zuurvrij , berichten uit het AMVC-Letterenhuis, december 2002, 96 blz. (Besteladres: Minderbroedersstraat 22, 2000 Antwerpen, tel 03 222 93 20 / e-mail: amvc@cs.antwerpen.be)
...

Zuurvrij , berichten uit het AMVC-Letterenhuis, december 2002, 96 blz. (Besteladres: Minderbroedersstraat 22, 2000 Antwerpen, tel 03 222 93 20 / e-mail: amvc@cs.antwerpen.be) Ernest Claesgenootschap, Hemelhuis, Brusselse Steenweg 142, 3020 Winksele (tel 016 48 11 22 e-mail: ernest.claesgenootschap.vzw@pandora.be) Louis Paul Boon Genootschap, Stedelijk Museum Oud Hospitaal, Oude Vismarkt 13, 9300 Aalst (e-mail luc.geeroms@aalst.be) Vriendenkring Jean Ray, Ruitersweg 20, 8520 Kuurne (e-mail: verbrugghen@pandora.be) Hugues C. Pernath-Fonds, Ter Rivierenlaan 57, 2100 Deurne (e-mail: joris.gerits@ufsia.ac.be) Tiecelijn-Reynaert, Nijverheidsstraat 32, 9100 Sint-Niklaas (tel 03 777 90 15 / e-mail: tiecelijn.reynaert@online.be)Het W.E.G. mag dan wel het snelst groeiende en het duurste genootschap zijn van de Lage Landen, het Ernest Claes Genootschap is het grootste en misschien ook wel het goedkoopste van de 72 literaire verenigingen. Uiteraard dat je voor vijftien euro geen doos Sinterclaesgeschenken krijgt toegestuurd. Met zijn 1600 leden overvleugelt deze vereniging alle andere soortgelijke clubjes in Noord en Zuid. Jan van Hemelryck, de voorzitter, ligt ook niet direct wakker van meer subsidies. Hij zou graag zien dat de publicaties van zijn en van andere genootschappen makkelijker bij potentiële literatuurfans raken. Waarom zou de overheid er niet voor kunnen zorgen dat alle bibliotheken en universiteiten afnemer worden van de jaarboeken? Luc Geeroms van het Boongenootschap onderstreept eveneens het literair-wetenschappelijk belang van het werk van de genootschappen. André Verbrugghen van de Vriendenkring Jean Ray pleit voor meer aandacht en hulp vanwege literaire overheidsinstellingen. Joris Gerits van het Hugues C. Pernathfonds ziet een taak weggelegd voor het Fonds voor de Letteren om via de website informatie te bezorgen over het werk van de genootschappen. Rik Van Daele van de vereniging Tiecelijn-Reynaert, ten slotte, zegt dat hij al verschillende keren het idee heeft gelanceerd van een gemeenschappelijk platform voor de diverse genootschappen. De overheid heeft dan een enkel aanspreekpunt. Hij droomt zelfs van een vrijgestelde die de gezelschappen op diverse evenementen promoot. Zo ver zal het waarschijnlijk niet komen, maar de roep naar meer samenwerking en professionalisering klinkt haast unaniem. Het Fonds heeft daar wel oren naar en maakte verleden jaar voor het eerst een bescheiden budget van tweeduizend euro vrij om de verschillende verenigingen tijdens de Antwerpse Boekenbeurs een gezamenlijk informatiemoment te laten opzetten. Echt geslaagd was die eerste poging niet. Misschien dat de overheid de werking van de verenigingen in een bredere visie op het literaire erfgoedbeleid zou kunnen passen. Het zou geen kwaad kunnen om een keer per jaar via een nieuwsbrief een selectie uit de voornaamste nieuwigheden van elk afgelopen jaar bij de literaire genootschappen aan een literair geïnteresseerd publiek door te spelen. Andere organisaties die met erfgoed begaan zijn, zoals het AMVC-Letterenhuis, hebben alleszins niet getalmd en brengen elk halfjaar een blits uitziend tijdschrift uit waarin literair-historische pareltjes op een pittige manier worden geserveerd. In het decembernummer van Zuurvrij typeerde Benno Barnard de tegendraadse schoonheid van hetgeen literaire genootschappen of musea presteren in een prozaïsch gelegenheidsgedicht over een schrijversmuseum: 'Wat hebben we hier? (...) Nee, geen Keltische gesp, zeug van wijlen een vrouw, hemelvretend concept. Laat staan mode! Alles wat we hier hebben is bijzondere rommel - hooguit het tongbotje van min of meer melodieus tegen de tijd getierd hebbende doden.' Het zou zonde zijn mocht de huisvlijt van literaire verenigingen zonder meer verdwijnen in het zwarte gat van modieuze onverschilligheid. De tongbotjes van de Nederlandstalige schrijversgilde verdienen beter. Frank Hellemans