‘Voelt u zich op dit moment angstig? Dat is perfect normaal’

© Elizabeth Sanduvete
Ann Peuteman
Ann Peuteman Redactrice bij Knack

Oekraïne, de VS in Venezuela, het klimaat, onze pensioenen… Redenen genoeg om ‘s nachts wakker te liggen. ‘Het is dan ook helemaal niet zo vreemd om in deze tijden bang te zijn’, zeggen ­psychologen. ‘Belangrijk is hoe je daarmee omgaat.’

Zo begint het vaak: je wordt ’s nachts wakker en daarna kun je de slaap niet meer vatten. Kun je de CO-melder wel tot in de slaapkamer horen? Zou die terloopse opmerking van je baas iets betekenen? En is het wel veilig dat je dochter ’s nachts alleen naar huis fietst?

Gaandeweg kun je ook overdag dat gepieker niet meer uitzetten. Je concentratie op kantoor lijdt eronder, en die hardnekkige nekpijn helpt ook al niet. Je voelt je voortdurend uitgeput, en dus stop je met fitnessen en zeg je vaker afspraken met vrienden af. Zeker sinds dat etentje in je favoriete restaurant, toen je het plots ontzettend benauwd kreeg. Heel even dacht je dat het een hartaanval was.

‘Zoek zinvolle afleiding: ga wandelen of sporten, breng tijd door met vrienden of speel met je kinderen.’

Opvallend veel mensen hebben dat soort klachten. ‘Het aantal gediagnosticeerde angststoornissen is al twintig jaar lang licht aan het stijgen, en de pandemie heeft voor een versnelling gezorgd’, zegt psychotherapeute en professor psychologie Imke Baetens (VUB).

‘We spreken van een angststoornis als de klachten langere tijd aanhouden en een significante impact hebben op je dagelijks leven. Daarnaast is er een nog grotere toename van het aantal mensen dat zich angstig voelt en veel piekert zonder dat er echt sprake is van een stoornis. Volgens Sciensano heeft 20 tot 25 procent van de Vlaamse volwassenen angstklachten. Bij jongeren is dat zelfs 40 procent.’

Alarmsysteem

Op zich kan iedereen er last van hebben. Al is de ene mens vatbaarder dan de andere. ‘Naast je temperament en wat je al hebt meegemaakt, spelen hoogstwaarschijnlijk ook genetische factoren een rol’, zegt gedragstherapeute en professor psychologie Sara Scheveneels (KU Leuven), die gespecialiseerd is in de behandeling van angst. ‘Er wordt ook veel onderzoek gedaan naar de impact van hormonen op angstgevoelens. Wellicht is het geen toeval dat meer vrouwen dan mannen ermee worstelen.’

Nu kranten dagelijks berichten over oorlogen, dreigende milieurampen en zware begrotingsproblemen hoeft het niet te verbazen dat veel mensen zich angstig voelen. ‘Het klopt in elk geval niet dat wij minder veerkrachtig zijn dan de generaties voor ons, zoals soms wordt beweerd’, zegt Baetens. ‘Wel leven we in een maatschappij die voor veel onzekerheid zorgt. Van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat checken we onze sociale media en moeten we bereikbaar zijn voor onze werkgever of voor school. Daardoor komen er constant berichten binnen die ons alarmsysteem inschakelen, en dat kan op den duur angstklachten veroorzaken.’

Sommige studenten komen niet meer naar de les omdat ze de aula niet binnen durven te gaan.

Nu is er op zich niets mis met een beetje angst, want daardoor zijn we op onze hoede voor dreiging en gevaar. ‘Angst zorgt ervoor dat we niet door vuur lopen of zomaar een drukke straat oversteken’, zegt eerstelijnspsychologe Nathalie Haeck, docente aan de interuniversitaire opleiding eerstelijnspsychologische zorg. ‘Het is wat je ermee doet dat bepaalt of je al dan niet een angststoornis ontwikkelt. Het is, bijvoorbeeld, normaal dat je bang bent voor oorlogen. Dat zorgt er voor dat je je informeert over de situatie in de wereld. Maar het is een ander verhaal wanneer je je daardoor in je huis opsluit en de hele tijd door nieuwsapps scrolt.’

Natuurlijke reflex

The only thing we have to fear, is fear itself’, wist de Amerikaanse president Franklin D. Roosevelt al. Hij had een punt. ‘Angst is allesbehalve een fijn gevoel en dus willen mensen er zo snel mogelijk weer vanaf’, zegt Haeck. ‘Ze vechten ertegen en zijn ontzettend bang om de controle te verliezen. Gevolg: ze maken hun angst nóg groter. Omdat ze er niet in slagen om greep te krijgen op dat gevoel, worden ze vaak heel boos en verdrietig – en dan gaat het hun leven nóg meer beïnvloeden. Daarom is het veel beter om te leren aanvaarden dat je bang bent. Zoek zinvolle afleiding: ga wandelen of sporten, breng tijd door met vrienden of speel met je kinderen.’

Vaak proberen mensen het voorwerp van hun angst zo veel mogelijk te vermijden. Maar dat helpt ook niet, zegt Heack. ‘Het is nochtans onze natuurlijke reflex. Als je, bijvoorbeeld, bang bent voor spinnen, vermijd je het tuinhuis waar die beestjes kunnen zitten. Je hebt het gevoel dat je angst vermindert, maar eigenlijk maak je die in je hoofd alleen maar groter en neemt de impact op je leven toe.’

‘40 procent van de Vlaamse jongeren heeft angstklachten.’

Dat merkte ook een veertiger met claustrofobie die zo vaak mogelijk de trap nam en beweerde dat hij dat deed om aan zijn conditie te werken. Op den duur stapte hij helemaal nooit meer in een lift. Gevolg? Hij kwam voortdurend te laat voor vergaderingen, ging niet meer langs bij vrienden die hoog in een flatgebouw wonen en zei zelfs werkafspraken af. Toen pas besefte hij dat hij écht een probleem had.

Bang voor de aula

In universiteiten en hogescholen kennen ze dat soort vermijdingsgedrag maar al te goed. Geregeld zijn er studenten die niet meer naar de les komen omdat ze de aula niet binnen durven te gaan. ‘Soms begint dat met een paniekaanval waar een docent en een groep medestudenten getuige van zijn’, legt Haeck uit. ‘Omdat de student bang is dat hem dat nog eens zal overkomen, begint hij de aula te mijden en uiteindelijk gaat hij ook andere sociale situaties met grote groepen zo veel mogelijk uit de weg.’

Er zijn ook psychologen in opleiding die wegens hun sociale angst niet deelnemen aan de werkcolleges. ‘Ik kan best begrijpen dat de rollenspelen die ze daar moeten doen heel beangstigend kunnen zijn. Maar die maken wel een belangrijk deel uit van de opleiding’, zegt Baetens. ‘Daarom gaan wij altijd na hoe we zo’n student kunnen helpen om toch naar de les te komen. We gaan zeker niet mee in zijn angstvermijding.’

Ook in het secundair onderwijs worden leerkrachten steeds vaker geconfronteerd met de angsten van hun leerlingen. Sommige jongeren worden permanent vrijgesteld van groepswerk, zijn niet verplicht om mee te gaan op klasuitstap, mogen de turnlessen overslaan, hoeven in de klas nooit hardop voor te lezen of geven hun spreekbeurt wanneer er geen andere leerlingen in het lokaal zijn. ‘Ik heb een leerling die ik in de klas nooit mag aanwijzen om te antwoorden’, vertelde leerkracht Engels Yasin Burakcin in de Leraarskamer van Knack. ‘Alleen als hij vooraf weet waarover het zal gaan en wat hij moet antwoorden, mag ik hem een vraag stellen.’

‘Fijn dat leerkrachten er rekening mee houden, maar ze moeten ook niet te ver meegaan in vermijdingsgedrag.’

Burakcin betreurt dat, want daardoor krijgen sommige leerlingen hun hele schooltijd lang niet meer de kans om hun angst te overwinnen. En hij is niet de enige. ‘Het is fijn dat leerkrachten daar rekening mee houden, maar scholen moeten wel uitkijken dat ze niet te ver meegaan in dat soort vermijdingsgedrag’, zegt Scheveneels. ‘Vaak kun je jongeren beter ondersteunen zodat ze toch eens proberen om een presentatie te geven. Alleen als ze positieve ervaringen hebben, kunnen ze weer zelfvertrouwen krijgen.’

Onschadelijke spinnetjes

Vaak nemen mensen pas iemand in vertrouwen wanneer hun relatie, werk of opleiding onder hun angst begint te lijden. Op zich is het heel goed om erover te praten, alleen: hoe reageer je? De meeste mensen hebben geen idee hoe ze iemand met angstproblemen kunnen helpen. We hebben vaak de neiging om meteen een oplossing te zoeken. ‘Maar je kunt iemands angsten helemaal niet oplossen. Wel doe je er goed aan om te luisteren en de persoon te helpen om dat gevoel te accepteren’, zegt Baetens.

Het is ook belangrijk om de angstgevoelens van je kind, partner of vriend niet te minimaliseren. ‘Mensen zeggen dan vaak: daar hoef je echt niet bang voor te zijn, zo’n klein spinnetje kan je niets doen. Meestal beseft de andere dat zelf ook wel. Alleen verandert het niets aan zijn gevoel’, zegt Scheveneels. ‘Op zich is er niets mis mee om objectieve informatie te geven, maar veel bereik je er doorgaans niet mee. Je kunt beter goed luisteren en je mild opstellen.’

Het klopt niet dat wij minder veerkrachtig zijn dan de generaties voor ons.’

Dat wil natuurlijk niet zeggen dat je zo iemand ook moet helpen om dat waar hij bang voor is te vermijden. ‘Vooral ouders doen dat vaak’, legt Scheveneels uit. ‘Als ze een kind hebben met sociale angst, een kind dat niemand durft aan te spreken, dan zijn ze snel geneigd om dat in zijn plaats te doen. Goedbedoeld, natuurlijk, maar ze helpen het er niet mee. Al heeft het ook geen zin je kind te dwingen om zijn angst in de ogen te kijken. Wel kun je het – zonder druk uit te oefenen – aanmoedigen om kleine stapjes te zetten.’

In therapie

Angstklachten kunnen op den duur weer verdwijnen, maar een echte angststoornis gaat niet vanzelf over.  ‘Alleen bij kinderen gebeurt dat soms omdat angst deel kan uitmaken van hun ontwikkeling’, weet Scheveneels. ‘Maar bij een volwassene verdwijnt die angststoornis niet zomaar. Als je je problemen niet aanpakt, worden ze meestal erger en krijgen ze een steeds grotere greep op je leven. In heel wat gevallen komen er dan ook depressieve gevoelens of andere klachten bij.’

Wanneer wordt het tijd om professionele hulp te zoeken? Dat is niet altijd zo duidelijk. ‘Aan de ene kant zou ik zeggen: hoe vroeger je er een psycholoog bijhaalt, hoe sneller die iets kan corrigeren, vermijdingsgedrag kan voorkomen en handvaten kan aanreiken om met je angst om te gaan’, zegt Haeck. ‘Aan de andere kant is het ook niet de bedoeling dat iederéén voor zijn angst in therapie gaat. Dan zouden de wachtlijsten nog langer worden.’

Sommige leerlingen en studenten hebben altijd een strip Xanax of Valium in hun penetui zitten.

Hoe dan ook kloppen tegenwoordig heel wat mensen bij een psycholoog aan omdat ze van hun angsten af willen. In veel gevallen wordt dan voor zogenaamde exposuretherapie gekozen, waarbij de persoon met angst heel geleidelijk wordt blootgesteld aan datgene waar hij bang voor is. ‘Daarbij gaan we na hoe we iemand kunnen helpen om in zijn eigen tempo met zijn angst geconfronteerd te worden’, legt Scheveneels uit. ‘Een tiener die doodsbang is om een spreekbeurt te geven, doet dat dan bijvoorbeeld eerst heel kort voor zijn therapeut. Vervolgens worden de presentaties wat langer en spreekt hij al eens voor een klein groepje. Zo begint hij langzaamaan weer te doen wat hij jaren heeft vermeden.’

Daarnaast krijgen nogal wat mensen met angstproblemen ook medicatie voorgeschreven, zoals antidepressiva of benzodiazepines. Sommige leerlingen en studenten hebben zelfs altijd een strip Xanax of Valium in hun penetui zitten voor als ze tijdens de les een paniekaanval krijgen. ‘Het is eigen aan deze tijd dat we elk probleem onmiddellijk willen oplossen’, zegt Baetens. ‘Angst willen we wegwerken met trucjes, therapie of pillen. Alleen werkt dat vaak contraproductief, want angst laat zich niet zomaar controleren. Wat we dan wel moeten doen? Aanvaarden dat we in een maatschappij leven die ons wat onzeker en angstig maakt. Al wil dat niet zeggen dat we ons daarbij moeten neerleggen. Het zou bijvoorbeeld al kunnen helpen om werk te maken van scholen en werkplekken die niet langer het onmogelijke van mensen verwachten.’

Hoe helpt u iemand die last heeft van angsten?

1.       Luister onbevooroordeeld naar zijn verhaal. Besef dat hij zijn gevoelens niet in de hand heeft.

2.       Minimaliseer niet waar hij bang voor is – of dat nu spinnen, spreekbeurten of Amerikaanse presidenten zijn.

3.       Probeer zijn angstprobleem niet weg te nemen. De kant-en-klare oplossingen die u voor ogen hebt, heeft hij vast al zelf bedacht en uitgeprobeerd.

4.       Doe samen leuke dingen die voor afleiding zorgen, zoals sporten, koffiedrinken of naar de film gaan.

5.       Help hem eventueel om zich – met héél kleine stapjes – aan zijn angst bloot te stellen. Stap met hem tot aan de deur van het tuinhok waar spinnen kunnen zitten, of ga samen naar de les en zoek een plek vlak bij de uitgang van de aula.   

6.       Als angst zijn leven echt begint te overheersen, kunt u voorstellen om samen professionele hulp te zoeken.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Expertise