In de EU is België de vierde grootste flessenwaterverbruiker, met gemiddeld 135 liter per persoon per jaar, na Italië, Duitsland en Hongarije. En die hoeveelheid stijgt: in 2017 werd nog 130 liter per persoon per jaar gerapporteerd. Ter vergelijking: onze noorderburen consumeren gemiddeld 29 liter flessenwater per persoon per jaar.

Toch komt drinkwater ook hier gewoon uit de kraan.

Ons leidingwater komt uit oppervlaktewater en (diep) grondwater. Die verdeling is ongeveer 50/50, maar de weg die dat water aflegt, verschilt wel. Oppervlaktewater, blootgesteld aan de elementen en menselijke invloeden, is kwetsbaarder. Grondwater is zuiverder door de natuurlijke zuiveringsprocessen tijdens de insijpeling. Grondwater heeft daarom slechts een beperkte behandeling nodig.

Chloor

Dat betekent echter niet dat drinkwater bereid uit oppervlaktewater minder drinkbaar is. Het moet aan exact dezelfde voorwaarden voldoen en wordt even streng gecontroleerd. Finaal wordt in België meestal nog chloor aan het drinkwater toegevoegd om ervoor te zorgen dat het tijdens de distributie hygiënisch blijft.

Er is geen enkele reden om als gezonde mens met flessen water te zeulen.

Al die stappen worden zeer streng opgevolgd, en de drinkwaterkwaliteit wordt strikt gecontroleerd. De laboratoria van de drinkwaterbedrijven zijn geaccrediteerd voor het analyseren van het water, wat vaak veel verder gaat dan de bij wet vastgelegde 60 parameters. Ze zijn ook verplicht metingen uit te voeren overal waar ze drinkwater leveren. Zo worden jaarlijks tienduizenden stalen genomen bij huishoudens, ziekenhuizen, scholen, kinderdagverblijven, sporthallen en andere plekken waar water gedronken wordt of aan derden aangeboden kan worden. Op die manier wordt via steekproeven de kwaliteit in het volledige drinkwaternet goed opgevolgd.

Pesticiden, hormonen en geneesmiddelenresidu's

Een grote bezorgdheid is vaak de aanwezigheid van pesticiden, hormonen en geneesmiddelenresidu's in het water. Die vinden we inderdaad terug in de bronnen, in de eerste plaats in oppervlaktewater. Dat is logisch, omdat we met zijn allen graag gebruikmaken van moderne geneeskunde en landbouw om aan onze behoeftes te voldoen. Anderzijds hebben we zulke nauwkeurige meetmethoden ontwikkeld dat ook zeer lage concentraties niet aan detectie ontsnappen.

Toch moeten we ons over drinkwater geen zorgen maken. De drinkwaterbehandeling maakt gebruik van technieken om die stoffen eruit te halen, en het finale product wordt streng gecontroleerd. Dat gaat veel verder dan de parameters gedefinieerd in de wetgeving. Drinkwaterbedrijven die oppervlaktewater gebruiken als bron controleren regelmatig op meer dan 100 stoffen. Als nieuwe chemische producten op de markt komen, wordt extra gescreend of die teruggevonden worden. Daarnaast wordt via 'indicator-organismen' de algemene microbiologische waterkwaliteit goed opgevolgd. Afwezigheid van die indicatoren betekent dat het zuiveringsproces goed en hygiënisch verlopen is. Drinkwaterbedrijven zetten stilaan ook meer in op geavanceerde technieken die verder kijken dan de wettelijk verplichte microbiële parameters en die het volledige microbiële profiel monitoren.

Te veel mineralen

Ook voor onze gezondheid is er weinig tot geen verschil tussen kraanwater en flessenwater. Integendeel zelfs: sommige mineraalwaters bevatten meer mineralen dan aanbevolen als je alleen dat water drinkt. In kraanwater zijn de normen zo dat een overdosis mineralen niet mogelijk is. Dat wil niet zeggen dat sommige mensen niet alsnog moeten oppassen met kraanwater, zoals zwangere vrouwen en baby's (bij hogere nitraatgehaltes) of mensen met nieraandoeningen (die gevoeliger zijn aan mineralen), maar datzelfde geldt voor flessenwaters. De gemiddelde samenstelling van je kraanwater kun je trouwens gewoon terugvinden op de website van je drinkwaterbedrijf.

Er is dus geen enkele reden om als gezonde mens met flessen water te zeulen, die bovendien 500 keer meer CO2-uitstoot veroorzaken, minstens 100 keer duurder zijn en waarvoor 3 liter water nodig is om 1 liter water te bottelen. Om maar te zwijgen over de afvalberg die we ermee in stand houden. Kraanwater is dus niet alleen goed voor je gezondheid, maar vooral ook voor het milieu én je portemonnee.

Marjolein Vanoppen, de auteur van dit stuk, is bio-ingenieur. Haar artikel kwam tot stand met medewerking van Paul Bielen en Katrien De Maeyer van drinkwatermaatschappij Pidpa.

Drinkwaterbedrijven die oppervlaktewater gebruiken als bron controleren regelmatig op meer dan 100 stoffen. Als nieuwe chemische producten op de markt komen, wordt extra gescreend of die teruggevonden worden., GETTY
Drinkwaterbedrijven die oppervlaktewater gebruiken als bron controleren regelmatig op meer dan 100 stoffen. Als nieuwe chemische producten op de markt komen, wordt extra gescreend of die teruggevonden worden. © GETTY

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

In de EU is België de vierde grootste flessenwaterverbruiker, met gemiddeld 135 liter per persoon per jaar, na Italië, Duitsland en Hongarije. En die hoeveelheid stijgt: in 2017 werd nog 130 liter per persoon per jaar gerapporteerd. Ter vergelijking: onze noorderburen consumeren gemiddeld 29 liter flessenwater per persoon per jaar. Toch komt drinkwater ook hier gewoon uit de kraan.Ons leidingwater komt uit oppervlaktewater en (diep) grondwater. Die verdeling is ongeveer 50/50, maar de weg die dat water aflegt, verschilt wel. Oppervlaktewater, blootgesteld aan de elementen en menselijke invloeden, is kwetsbaarder. Grondwater is zuiverder door de natuurlijke zuiveringsprocessen tijdens de insijpeling. Grondwater heeft daarom slechts een beperkte behandeling nodig. ChloorDat betekent echter niet dat drinkwater bereid uit oppervlaktewater minder drinkbaar is. Het moet aan exact dezelfde voorwaarden voldoen en wordt even streng gecontroleerd. Finaal wordt in België meestal nog chloor aan het drinkwater toegevoegd om ervoor te zorgen dat het tijdens de distributie hygiënisch blijft. Al die stappen worden zeer streng opgevolgd, en de drinkwaterkwaliteit wordt strikt gecontroleerd. De laboratoria van de drinkwaterbedrijven zijn geaccrediteerd voor het analyseren van het water, wat vaak veel verder gaat dan de bij wet vastgelegde 60 parameters. Ze zijn ook verplicht metingen uit te voeren overal waar ze drinkwater leveren. Zo worden jaarlijks tienduizenden stalen genomen bij huishoudens, ziekenhuizen, scholen, kinderdagverblijven, sporthallen en andere plekken waar water gedronken wordt of aan derden aangeboden kan worden. Op die manier wordt via steekproeven de kwaliteit in het volledige drinkwaternet goed opgevolgd. Een grote bezorgdheid is vaak de aanwezigheid van pesticiden, hormonen en geneesmiddelenresidu's in het water. Die vinden we inderdaad terug in de bronnen, in de eerste plaats in oppervlaktewater. Dat is logisch, omdat we met zijn allen graag gebruikmaken van moderne geneeskunde en landbouw om aan onze behoeftes te voldoen. Anderzijds hebben we zulke nauwkeurige meetmethoden ontwikkeld dat ook zeer lage concentraties niet aan detectie ontsnappen. Toch moeten we ons over drinkwater geen zorgen maken. De drinkwaterbehandeling maakt gebruik van technieken om die stoffen eruit te halen, en het finale product wordt streng gecontroleerd. Dat gaat veel verder dan de parameters gedefinieerd in de wetgeving. Drinkwaterbedrijven die oppervlaktewater gebruiken als bron controleren regelmatig op meer dan 100 stoffen. Als nieuwe chemische producten op de markt komen, wordt extra gescreend of die teruggevonden worden. Daarnaast wordt via 'indicator-organismen' de algemene microbiologische waterkwaliteit goed opgevolgd. Afwezigheid van die indicatoren betekent dat het zuiveringsproces goed en hygiënisch verlopen is. Drinkwaterbedrijven zetten stilaan ook meer in op geavanceerde technieken die verder kijken dan de wettelijk verplichte microbiële parameters en die het volledige microbiële profiel monitoren. Ook voor onze gezondheid is er weinig tot geen verschil tussen kraanwater en flessenwater. Integendeel zelfs: sommige mineraalwaters bevatten meer mineralen dan aanbevolen als je alleen dat water drinkt. In kraanwater zijn de normen zo dat een overdosis mineralen niet mogelijk is. Dat wil niet zeggen dat sommige mensen niet alsnog moeten oppassen met kraanwater, zoals zwangere vrouwen en baby's (bij hogere nitraatgehaltes) of mensen met nieraandoeningen (die gevoeliger zijn aan mineralen), maar datzelfde geldt voor flessenwaters. De gemiddelde samenstelling van je kraanwater kun je trouwens gewoon terugvinden op de website van je drinkwaterbedrijf. Er is dus geen enkele reden om als gezonde mens met flessen water te zeulen, die bovendien 500 keer meer CO2-uitstoot veroorzaken, minstens 100 keer duurder zijn en waarvoor 3 liter water nodig is om 1 liter water te bottelen. Om maar te zwijgen over de afvalberg die we ermee in stand houden. Kraanwater is dus niet alleen goed voor je gezondheid, maar vooral ook voor het milieu én je portemonnee.