Een nieuw jaar lonkt. Voor velen het moment waarop ze zich voornemen om gezonder te eten. Of dat ook lukt? Dat hangt niet alleen van jou af. Beleid van overheden, maar ook de winkelomgeving bepaalt in grote mate of we onze goede voornemens kunnen waarmaken. En daar kunnen onze supermarkten nog veel meer doen dan vandaag het geval is.

Als het over gezondheidsbeleid gaat, kijken we vaak naar de overheid. En terecht. Recent riepen meer dan 80 wetenschappers en organisaties, waaronder ondergetekenden, op om over bevoegdheden heen (Landbouw, Omgeving, Mobiliteit, Sport, Economie, Onderwijs,...) een beleid voor een gezonde levensstijl te ontwikkelen. Het zou een no brainer moeten zijn, zeker als je weet dat een gezonde levensstijl minstens 80% van hart- en vaatziekten en diabetes type 2, en 40% van de kankers kan voorkomen.

Beste supermarkten, help ons gezond te eten.

Maar ook supermarkten en hun respectievelijke buurtwinkels staan in pole position om ons gezonder te helpen eten. Het is de voornaamste plek waar jong en oud hun voedingskeuzes maken. Vandaag laten onze supermarkten nog te veel kansen onbenut om mee het verschil te maken in deze urgente uitdaging.

In het kader van de Ik ben meer dan mijn kassaticket Award werden we als experts gevraagd om een aantal initiatieven van supermarkten te beoordelen die gezonde en duurzame voeding in de winkelomgeving aantrekkelijk en 'hanteerbaar' maken, met name voor kinderen en jongeren. Het aantal inzendingen was mager. Slechts 2 initiatieven vonden we impactvol en geloofwaardig genoeg om te nomineren voor de publieksstemming: Superplus van Delhaize en De Pottenlikkers van Colruyt.

Nochtans is de urgentie hoog en kunnen supermarkten een forse duw geven om gezonde eetpatronen van jongsaf vorm te geven. Daartoe kunnen ze werken op 3 hefbomen.

1. Een ambitieus bedrijfsbeleid uittekenen.

Gezonde voeding 'mainstreamen' vergt volgehouden innovatie en investeringen. Daarom is het belangrijk dat retailers voor alle bedrijfsonderdelen doelstellingen formuleren in hun beleid om gezonde voeding beter toegankelijk te maken, en daarover ook rapporteren. Intern moeten de neuzen van inkoop tot marketing in dezelfde richting staan.

2. Het assortiment verbeteren en verschuiven.

Hoe meer gezonde producten, hoe makkelijker het wordt om ervoor te kiezen. Supermarkten kunnen hun productaanbod bijsturen zodat er meer gezondere producten aanwezig zijn. Ook de productsamenstelling kan, in samenwerking met voedingsproducenten en wetenschappelijke instellingen, verbeterd worden zodat voedingsproducten minder toegevoegde suiker, vet en zout bevatten.

Dat kan bijvoorbeeld door de receptuur van producten bij te sturen zodat ze een Nutri-score A of B krijgen. De Belgische supermarkten waren "early adaptors" van de Nutri-score. Onderzoek leert dat deze score de keuze van de consument beïnvloedt, wat supermarkten en voedingsbedrijven de prikkel geeft om hun receptuur te verbeteren. Enkel producten eten met Nutri-score A of B, is nog geen garantie op een evenwichtig eetpatroon. Toch is het een instrument dat wel een goede richtingaangever is voor de consument, mits het ingebed is in een pakket van maatregelen.

Een fundamentelere ingreep zou er bijvoorbeeld in bestaan om structureel meer producten uit de groene zone van de voedingsdriehoek aan te bieden en minder producten uit de rode zone. Met andere woorden: Meer groenten, fruit, volkoren graanproducten, peulvruchten en ongesuikerde dranken en minder ultrabewerkte en suikerrijke voedingsmiddelen en dranken.

3. De keuze eenvoudig en aantrekkelijk maken

Onze overbelaste hersenen kiezen vaak de makkelijkste weg bij het maken van keuzes. Daarom moet gezonde voeding makkelijk vindbaar zijn en een positieve associatie opwekken: gezond is lekker. Dat kan met een aantrekkelijke verpakking en een zichtbare positie in het winkelrek. Zo plaatst Colruyt het logo van haar kookprogramma voor kinderen, "De Pottenlikkers", bij de producten van de gezonde recepten.

Maar gezonde voedingspatronen zouden ook niet duurder, en liefst zelfs goedkoper moeten zijn dan ongezonde. Het Superplus-initiatief van Delhaize om extra korting toe te kennen voor producten met Nutri-score A en B en op alle groenten en fruit, is er een mooi voorbeeld van. Vandaag leven we helaas nog vooral in de omgekeerde wereld. Uit een recente publicatie van de Nationale Bank bleek dat verse groenten en fruit met meer dan 8% in prijs gestegen waren de voorbije maanden. Bewerkte, veelal ongezondere, levensmiddelen stegen met slechts 2,1% in prijs.

Ook in de reclameboodschappen zijn het de ongezondere producten die de toon zetten. Een onderzoek van Question Mark toonde aan dat bij Nederlandse supermarkten gemiddeld 82% van de aanbiedingen in folders ongezond is. Bovendien worden nog te vaak populaire kinderfiguurtjes (mis)bruikt om de aandacht van kinderen en jongeren af te leiden naar ongezonde producten.

De praktijk leert dat een sterk overheidsbeleid rond voedingsreclame voor kinderen de verkoop doet afnemen. Maar laat dat geen excuus zijn voor bedrijven om de kat uit de boom te kijken. In Nederland introduceerde ALDI een assortiment gezonde kinderproducten met personages van Disney en Pixar. In België werken Delhaize en Colruyt wel al samen met Disney en Studio 100 om de brug te slaan naar de jonge doelgroep, maar het kan nog een pak verregaander.

Een voedingspatroon met de nodige aandacht voor groenten, fruit en volle graanproducten is de goedkoopste, preventieve gezondheidszorg. Als overheden, kennisinstellingen, voedingsbedrijven en supermarkten zich op één lijn zetten, maken we als samenleving een enorme sprong op vlak van gezondheid én het betaalbaar houden van onze gezondheidszorg. Laten we dus ambitieus zijn in ons voornemen om in 2021 gezonder te eten.

Christophe Matthys is Professor humane voeding aan de KU Leuven.

Hendrik Slabbinck is professor Consumentengedrag en onderzoeker aan het Be4Life onderzoekscentrum ter bevordering van duurzame consumptie van de UGent.

Loes Neven is Senior stafmedewerker gezonde voeding bij Vlaams Instituut Gezond Leven)

De auteurs zetelden in de jury van de Ik ben meer dan mijn kassaticket Award die initiatieven in de kijker zet van supermarkten die ook kinderen en jongeren beter doen eten. Tot 10 januari kan je hier nog stemmen...

Een nieuw jaar lonkt. Voor velen het moment waarop ze zich voornemen om gezonder te eten. Of dat ook lukt? Dat hangt niet alleen van jou af. Beleid van overheden, maar ook de winkelomgeving bepaalt in grote mate of we onze goede voornemens kunnen waarmaken. En daar kunnen onze supermarkten nog veel meer doen dan vandaag het geval is. Als het over gezondheidsbeleid gaat, kijken we vaak naar de overheid. En terecht. Recent riepen meer dan 80 wetenschappers en organisaties, waaronder ondergetekenden, op om over bevoegdheden heen (Landbouw, Omgeving, Mobiliteit, Sport, Economie, Onderwijs,...) een beleid voor een gezonde levensstijl te ontwikkelen. Het zou een no brainer moeten zijn, zeker als je weet dat een gezonde levensstijl minstens 80% van hart- en vaatziekten en diabetes type 2, en 40% van de kankers kan voorkomen. Maar ook supermarkten en hun respectievelijke buurtwinkels staan in pole position om ons gezonder te helpen eten. Het is de voornaamste plek waar jong en oud hun voedingskeuzes maken. Vandaag laten onze supermarkten nog te veel kansen onbenut om mee het verschil te maken in deze urgente uitdaging. In het kader van de Ik ben meer dan mijn kassaticket Award werden we als experts gevraagd om een aantal initiatieven van supermarkten te beoordelen die gezonde en duurzame voeding in de winkelomgeving aantrekkelijk en 'hanteerbaar' maken, met name voor kinderen en jongeren. Het aantal inzendingen was mager. Slechts 2 initiatieven vonden we impactvol en geloofwaardig genoeg om te nomineren voor de publieksstemming: Superplus van Delhaize en De Pottenlikkers van Colruyt. Nochtans is de urgentie hoog en kunnen supermarkten een forse duw geven om gezonde eetpatronen van jongsaf vorm te geven. Daartoe kunnen ze werken op 3 hefbomen.Gezonde voeding 'mainstreamen' vergt volgehouden innovatie en investeringen. Daarom is het belangrijk dat retailers voor alle bedrijfsonderdelen doelstellingen formuleren in hun beleid om gezonde voeding beter toegankelijk te maken, en daarover ook rapporteren. Intern moeten de neuzen van inkoop tot marketing in dezelfde richting staan.Hoe meer gezonde producten, hoe makkelijker het wordt om ervoor te kiezen. Supermarkten kunnen hun productaanbod bijsturen zodat er meer gezondere producten aanwezig zijn. Ook de productsamenstelling kan, in samenwerking met voedingsproducenten en wetenschappelijke instellingen, verbeterd worden zodat voedingsproducten minder toegevoegde suiker, vet en zout bevatten. Dat kan bijvoorbeeld door de receptuur van producten bij te sturen zodat ze een Nutri-score A of B krijgen. De Belgische supermarkten waren "early adaptors" van de Nutri-score. Onderzoek leert dat deze score de keuze van de consument beïnvloedt, wat supermarkten en voedingsbedrijven de prikkel geeft om hun receptuur te verbeteren. Enkel producten eten met Nutri-score A of B, is nog geen garantie op een evenwichtig eetpatroon. Toch is het een instrument dat wel een goede richtingaangever is voor de consument, mits het ingebed is in een pakket van maatregelen. Een fundamentelere ingreep zou er bijvoorbeeld in bestaan om structureel meer producten uit de groene zone van de voedingsdriehoek aan te bieden en minder producten uit de rode zone. Met andere woorden: Meer groenten, fruit, volkoren graanproducten, peulvruchten en ongesuikerde dranken en minder ultrabewerkte en suikerrijke voedingsmiddelen en dranken. Onze overbelaste hersenen kiezen vaak de makkelijkste weg bij het maken van keuzes. Daarom moet gezonde voeding makkelijk vindbaar zijn en een positieve associatie opwekken: gezond is lekker. Dat kan met een aantrekkelijke verpakking en een zichtbare positie in het winkelrek. Zo plaatst Colruyt het logo van haar kookprogramma voor kinderen, "De Pottenlikkers", bij de producten van de gezonde recepten. Maar gezonde voedingspatronen zouden ook niet duurder, en liefst zelfs goedkoper moeten zijn dan ongezonde. Het Superplus-initiatief van Delhaize om extra korting toe te kennen voor producten met Nutri-score A en B en op alle groenten en fruit, is er een mooi voorbeeld van. Vandaag leven we helaas nog vooral in de omgekeerde wereld. Uit een recente publicatie van de Nationale Bank bleek dat verse groenten en fruit met meer dan 8% in prijs gestegen waren de voorbije maanden. Bewerkte, veelal ongezondere, levensmiddelen stegen met slechts 2,1% in prijs. Ook in de reclameboodschappen zijn het de ongezondere producten die de toon zetten. Een onderzoek van Question Mark toonde aan dat bij Nederlandse supermarkten gemiddeld 82% van de aanbiedingen in folders ongezond is. Bovendien worden nog te vaak populaire kinderfiguurtjes (mis)bruikt om de aandacht van kinderen en jongeren af te leiden naar ongezonde producten. De praktijk leert dat een sterk overheidsbeleid rond voedingsreclame voor kinderen de verkoop doet afnemen. Maar laat dat geen excuus zijn voor bedrijven om de kat uit de boom te kijken. In Nederland introduceerde ALDI een assortiment gezonde kinderproducten met personages van Disney en Pixar. In België werken Delhaize en Colruyt wel al samen met Disney en Studio 100 om de brug te slaan naar de jonge doelgroep, maar het kan nog een pak verregaander.Een voedingspatroon met de nodige aandacht voor groenten, fruit en volle graanproducten is de goedkoopste, preventieve gezondheidszorg. Als overheden, kennisinstellingen, voedingsbedrijven en supermarkten zich op één lijn zetten, maken we als samenleving een enorme sprong op vlak van gezondheid én het betaalbaar houden van onze gezondheidszorg. Laten we dus ambitieus zijn in ons voornemen om in 2021 gezonder te eten. Christophe Matthys is Professor humane voeding aan de KU Leuven.Hendrik Slabbinck is professor Consumentengedrag en onderzoeker aan het Be4Life onderzoekscentrum ter bevordering van duurzame consumptie van de UGent.Loes Neven is Senior stafmedewerker gezonde voeding bij Vlaams Instituut Gezond Leven)