Opinie

Jean-Marie Dedecker (LDD)

‘Er zijn geen heiligen in het Congolees onafhankelijkheidsverhaal’

Jean-Marie Dedecker (LDD) Voorzitter van LDD en lijstduwer op de N-VA-Kamerlijst in 2019

‘Zowel schuld als onschuld verliezen hun betekenis wanneer het nageslacht schuld moet dragen voor de zonden van de voorouders’, schrijft Jean-Marie Dedecker. Hij verwacht weinig van het bezoek van de parlementaire commissie aan Congo.

Overstemd door onze energiemiserie is onze parlementaire Congocommissie met stille spleettrommel deze week toch op missie vertrokken naar Kinshasa en omstreken. Aanvankelijk werd dit koloniaal uitstapje door het Bureau van de Kamer geweigerd. Enkele partijen blijven nu wel uit verspillingsschaamte ostentatief thuis (N-VA, VB en Open VLD), maar de smeekbede van haar commissievoorzitter Wouter Devriendt (Groen) om als Kuifje zijn moment de gloire in hartje Afrika te mogen beleven, heeft voor een vijftal plucheklevers toch een snoepreisje van 48.000 euro op kosten van de belastingbetaler opgeleverd.

Het aanwakkeren van blanke identiteitsschaamte en zelfkastijding waren vaste ingrediënten in deze onderzoekscommissie naar ons koloniaal verleden. Voor de Congolese erfgenamen, die hier allen een vrijer en lucratiever bestaan leiden dan in hun afkomstland, stond een witte knieval met dito schuldbekentis en een schadevergoeding voor het leed van hun voorouders op het programma.

Even terug in de tijd. Om zijn koloniale droom te verwezenlijken leende koning Leopold II 16 miljoen frank bij de Rothschild-bankiers, omgerekend naar vandaag zou dat 88 miljoen euro zijn. Pas vanaf 1901 was zijn bloederig slavenrijk rendabel met een jaaropbrengst van omgerekend 80 miljoen euro. Volgens toenmalig diplomaat Jules Marchel brachten Pollekes koloniale plunderingen in totaal 8 miljard euro op. Het is een fabeltje dat de tweede koning der Belgen “zijn” Congo in 1908 aan de natie cadeau heeft gedaan. Hij verkocht het voor omgerekend 1,1 miljard euro, opgehoest door de Belgische Staat (o.a. 600 miljoen euro schuldovername, 250 miljoen voor zijn nationale bouwprojecten en 272 miljoen “als teken van erkentelijkheid voor de grote offers die hij zich getroost heeft voor Congo”…).

We moeten dus stoppen met eeuwige “sorry” te zeggen en mee te spelen in een show van schuld en boete, zoals de begrafenis van een “tand” waarop men nog geen DNA-test durfde uit te voeren uit vrees dat het stukje ivoor een valse relikwie zou kunnen zijn. De kies van Lumumba als de Congolese lijkwade van Turijn. Er zijn geen heiligen in het Congolees onafhankelijkheidsverhaal. Zo liet Lumumba een slachtpartij aanrichten onder de Baluba in Zuid-Kasai die door de toenmalige secretaris-generaal van de Verenigde Naties zelfs een genocide genoemd werd. Wie meer over die communistische volksheld wil weten, raad ik het 712 pagina’s tellend wetenschappelijk historisch werk van professor Luc De Vos & Co aan: “Lumumba. Complotten? De moord”.

Tot de onafhankelijkheid van Congo in 1960 paste de Belgische belastingbetaler elk jaar de begrotingstekorten van dit Afrikaanse land braafjes bij, want het waren industriële groepen zoals de Union Minière en de Société Génerale die in de voormalige kolonie met de winsten gingen lopen. De Koloniale Loterij werd hier zelfs opgericht om de Congolese tekorten bij te passen. In elk schooltje verzamelden witte kindjes zilverpaper voor hun verre zwarte fictieve vriendjes, en op elke toog van een plattelandswinkeltje stond een koloniaal spaarpotje van ‘een ja-knikkend negertje’. Goedbedoelde naïeve solidariteit.

Na de onafhankelijkheid stortte België nog miljarden franken en euro’s aan ontwikkelingshulp, en dit jaar gooit men weerom 100 miljoen euro in een bodemloze put. Tussen 1960 en 1969 kreeg het van de internationale gemeenschap 254 miljard oude Belgische franken (een dikke 6 miljard euro) aan ontwikkelingshulp. Dit zijn niet de enige westerse inkomsten voor dergelijke landen. Volgens een rapport van het Internationaal Fonds voor de landbouwontwikkeling (IFAD) zouden migranten in 2021 ongeveer 577 miljard euro naar hun families in de herkomstlanden hebben verstuurd, ook naar Congo, tegen 2030 zou dat 5.130 miljard euro bedragen.

Het grondstoffenrijke Congo samen met het olierijke Nigeria zijn bij de landen die van de Wereldbank decennialang de meeste middelen hebben gekregen. Toch is de armoede er het sterkst gestegen, omdat een elite van eigen zwarte kleptocraten hun landen onophoudelijk plunderde sedert de onafhankelijkheid. Als je bijvoorbeeld de opbrengsten van de Nigeriaanse olie-industrie over de bevolking zou verdelen, zou elke inwoner jaarlijks 500 euro krijgen volgens Stefan Dercon, Belgisch hoofdeconoom van de Britse Ontwikkelingssamenwerking en prof in Oxford. Maar, het geld wordt wordt verdeeld over 200.000 mensen die gemiddeld een half miljoen dollar beuren. In Lagos waren het figuren als Goodluck Jonathan. In Kinshasa waren het Mobutu en Kabila. De huidige niet-verkozen president Tshisekedi zit er nu aan de vetpotten, samen met China als nieuwe kolonisator. Congo is een Failed State.

Straks zien we waarschijnlijk ook de uit het “AfricaMuseum” van Tervuren gerepatrieerde kunstwerken opduiken in de privéverzameling van een oligarch. België gaf ooit al een keer kunstschatten terug en enkele maanden later lagen ze te koop in de brocantewinkels van de Brusselse Zavel.

Plant in Congo een bezemsteel en je oogst een tros bananen. Zeventig procent van de wereldlijke kobaltproductie komt uit dit land, en wordt er opgedolven door 40.000 kindslaven. In Oost-Congo heerst er al dertig jaar lang terreur, met als inzet de roof aan bodemrijkdommen zoals coltan en allerhande mineralen. De wetteloosheid is er zelfs doorgedrongen tot in de diepste krochten van de ngo’s die strooien met miljarden ontwikkelingshulp. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) moest onlangs nog mea culpa slaan omdat haar werknemers vrouwen, meisjes en enkele mannen misbruikten tijdens de Congolese Ebola-uitbraak in 2018-2020. Een tachtigtal klachten leverde 83 daders op. Seks was voor hen een paspoort naar werk bij Unicef, Oxfam, World Vision en Médecins sans Frontières. De wereldverbeteraars van Oxfam en het Rode Kruis kwamen in opspraak na feestjes met prostituees, en ook bij Amnesty International heerste op het Internationaal Secretariaat een giftige werkcultuur van pesterijen, vernederingen en discriminatie op vlak van huidskleur, geslacht en seksuele voorkeur.

Een onderzoek van The Konterra Group van Gaëtan Mootoo en Rosalind McGregor leverde een vernietigend rapport af na de zelfmoord van twee medewerkers. De Britten hadden in april 2021 al hun subsidies aan Oxfam opgeschort wegens een nieuw schandaal in Congo. In 2018 was er ook al een seksschandaal uitgekomen n.a.v. de hulpverlening bij de aardbevingen in Haïti. Blank blazoen, diepzwarte ziel.

Het kan nog driester. Gynaecologe Michèle Barzach was van 1986 tot 1988 minister van Volksgezondheid en leidde van 2012 tot 2015 Unicef Frankrijk, het kinderbeschermingsprogramma van de VN. Ze was jarenlang leverancier van voorbehoedsmiddelen aan kinderen. Ondertussen kon haar vriend, de Franse schrijver Gabriel Matzneff, zijn pedofiele lusten decennialang botvieren.

Laat ons dus ophouden met die zelfkastijding. Zowel schuld als onschuld verliezen hun betekenis wanneer het nageslacht schuld moet dragen voor de zonden van de voorouders.

Partner Content