Op 14 november 2018 publiceerde Knack een interview met Jan Willem Stutje over diens biografie Hendrik de Man. Een man met een plan. Die biografie heeft inmiddels al grote publieke aandacht gekregen. Ontluisterend, spectaculair en weldoordacht, dat vinden haast alle recensenten en opiniemakers. Immers, de vorige biografen zouden al te zeer De Man autobiografische geschriften hebben nagevolgd. Stutje ziet die geschriften veeleer als 'autobioficties'.

Maar is Stutjes biografie niet veeleer een biofictie?

Brongetrouwheid

Nemen we Hendrik de Mans The Remaking of a Mind. A Soldier's Thoughts on War and Reconstruction (1919). Aan dat boek heeft Stutje een aantal beweringen en citaten ontleend, zoals die over de 'joy in killing' die in het Knack-interview ter sprake is gekomen. We zetten Stutjes formuleringen naast die van De Man.

Zo schrijft Jan Willem Stutje in Hendrik de Man. Een man met een plan:

"Hij hield zijn emoties bewust verborgen voor de manschappen. Dat gold voor de gevoelens van angst, (...) voor de gevoelens van affectie (...). En het gold voor de gevoelens van extase: 'the joy in killing', het immense genoegen dat een voltreffer verschafte, inclusief de aanblik van krijsende slachtoffers en door de lucht vliegende lichamen, armen en benen. 'Ik moest mezelf toegeven dat het een van de gelukkigste momenten van mijn leven was'"

Bij Hendrik de Man in The Remaking of a Mind lezen we:

De oorlog heeft jammer genoeg de 'joy in killing' doen herleven. Tegenover dat instinct dacht ikzelf immuun te zijn totdat ik betrokken raakte in een mortierengevecht aan het front. Toen ik na een voltreffer van eigen hand lichamen en lichaamsdelen door de lucht zag vliegen en het gekrijs van de slachtoffers hoorde, moest ik tot mezelf bekennen dat die voltreffer één van de gelukkigste momenten in mijn leven was. Echter, zodra ik de beestachtigheid van die vreugde inzag, voelde mijn geweten zo'n brandende schaamte dat de indruk daarvan waarschijnlijk minstens even duurzaam zal zijn als die van het incident waardoor ze was veroorzaakt. Wie moet zich niet verontrust voelen door het feit dat de oorlog bij de massa's soldaten die er deel aannamen, veeleer bruten dan helden heeft gemaakt? Het beest in de mens loslaten, dat is een gevaar dat des te meer te vrezen valt, mochten de geallieerde overwinnaars de overwinning misbruiken, de idealen vergeten waarvoor een generatie zichzelf heeft opgeofferd, en de hoop verraden die ze bij de massa hebben gewekt op een betere wereld.

Stutje heeft dus De Mans ideeën verminkt laten overkomen. Hij selecteert een zin met spektakelwaarde, maar laat de context en de kapitale nuances weg. Dat is alleszins nog bij vier andere passages uit The Remaking of a Mind het geval.

Opbouw en opzet

Bij Stutje heeft De Man als politicus de bovenhand gekregen op De Man als denker.

Zo besteedt hij weinig aandacht aan het theoretische werk van De Man tijdens de jaren twintig en is diens pacifisme bij hem onder de radar verdwenen. Nochtans had de voormalige oorlogsvrijwilliger aan de Eerste Wereldoorlog een grote desillusie overgehouden. Aan een ideologische oorlog zou hij voortaan geen geloof meer hechten. Vandaar ook zijn steun aan de Belgische neutraliteit einde jaren dertig.

Stutje heeft het over de 'nationalistische', 'autoritaire' en 'corporatistische' De Man, zonder de juiste inhoud van die epitheta toe te lichten. De Man was een felle tegenstander van het nationalisme en aanvaardde de term 'socialisme national' enkel aangezien er noodgedwongen diende te worden gewerkt binnen een nationaal kader. In de jaren dertig wilde hij met zijn Plan van de Arbeid de democratie redden door de uitvoerende macht te versterken, zonder evenwel de grondwettelijke vrijheden op te geven. Zo'n 'autoritaire' democratie mag niet op één hoop worden gegooid met zijn politieke plannen in de jaren veertig waarin dat laatste wel het geval was. Onder corporaties verstond hij de autonome organisatie van beroepsbelangen, los van de staat.

De Man privéleven komt uitvoerig aan bod. Zo ontstaat een eendimensionaal, Hobbesiaans totaalbeeld. 'Homo homini lupus'. Of De Man nu als denker, politicus of privépersoon actief was, de mensen had hij niet lief.

De historisch-maatschappelijke context

Stutje gaat voorbij aan de nawerking van de Eerste Wereldoorlog bij de tijdgenoten. Die oorlog kostte immers aan België 76.037 dodelijke verliezen. In de jaren dertig lag hij nog vers in het geheugen. Velen zagen in de Belgische neutraliteit het laatste sprankeltje hoop om buiten de wereldbrand te blijven. Maar dat die factor weleens van enige betekenis zou kunnen zijn, ziet Stutje over het hoofd. Als Leopold III en De Man zich voor een neutraliteitspolitiek uitspreken, vermoedt hij enkel een heimelijk ontzag voor de Duitse zaak.

Tegenstrijdigheden en reductionisme

Volgens Stutjes biografie kwam De Man begin jaren dertig dicht in de buurt van Hitler, terwijl hij later in het boek voorlopig nog ver verwijderd bleef van het totalitaire fascistische antwoord. Ook wordt op de ene bladezijde betwijfeld of de boeken van De Man in 1933 op de nazibrandstapels zijn beland, maar is dat enkele bladzijden later een zekerheid geworden. En in zijn nawoord kant hij zich tegen een essentialistische aanpak, terwijl in het hele boek door aan De Mans machtswil als ultieme verklarende factor niet te ontkomen valt.

Besluit

Stutjes omgang met de bronnen is ronduit problematisch. Maar ook de wijze waarop hij zijn studie heeft geconcipieerd, de terminologie heeft geïnterpreteerd, de historische context heeft bekeken en het denken en doen van de gebiografeerde tot één centraal motief heeft teruggebracht, is uitermate betwistbaar. Zijn werkwijze heeft uiteindelijk een verminkt, eendimensionaal en dus gefictionaliseerd levensverhaal opgeleverd.

Lode Hancké en Johnny Anthoons zijn lid van de Vereniging voor de Studie van het Werk van Hendrik de Man. Een uitvoerige en geannoteerde versie van deze repliek vindt u op de weblog van de Vereniging voor de studie van het werk van Hendrik de Man.