Ging Sihame El Kaouakibi in de fout door 33.000 euro van Open VLD niet officieel aan te geven als campagne-uitgaven? Die vraag moesten de experts van de federale controlecommissie voor verkiezingsuitgaven beantwoorden.
...

Ging Sihame El Kaouakibi in de fout door 33.000 euro van Open VLD niet officieel aan te geven als campagne-uitgaven? Die vraag moesten de experts van de federale controlecommissie voor verkiezingsuitgaven beantwoorden.Het bedrag van 33.000 euro maakte deel uit van een grotere som geld dat Vlaams Parlementslid Sihame El Kaouakibi kreeg in de aanloop naar de verkiezingen van 26 mei 2019. Haar partij Open VLD betaalde in totaal 103.000 euro. Eén factuur van 20.000 euro diende voor 'typische campagne-uitgaven'. Een communicatiebedrijfje van El Kaouakibi factureerde op zijn beurt 50.000 euro voor het maken van video's voor andere Open VLD-kandidaten.Maar het was het bedrag van 33.000 euro dat vragen opriep. El Kaouakibi gaf het bedrag immers nooit aan als campagne-uitgaven. Haar partij verdedigde zich door te zeggen dat zulke uitgaven wettelijk niet aangifteplichtig zijn. De Vlaamse liberalen wijzen naar het vademecum van de federale controlecommissie voor verkiezingsuitgaven. De cruciale zin in die tekst gaat als volgt: 'De loonlast van de individuele medewerkers van politieke mandatarissen en van de fractiemedewerkers in de brede zin van het woord dient niet in rekening te worden gebracht.' Let op de woorden 'in de brede zin'.Volgens de Open VLD deed de medewerker in kwestie veel meer dan louter campagnewerk. Zo zou er ook sprake zijn van 'afstemming met de nationale partij, de provinciale campagne, afdelingen, praktische organisatie en agendabeheer, en inhoudelijke en communicatieve steun'.Maar die uitleg nam de twijfels niet weg. Onder meer politoloog Bart Maddens (KUL) vroeg zich luidop af of er geen sprake was van verkiezingsfraude. De betrokken medewerker werd immers tijdelijk aangeworven naar aanleiding van de campagne, zo stelt hij. 'En de wet schrijft uitdrukkelijk voor dat alle uitgaven voor propagandaboodschappen moeten worden aangegeven.'Maar zo ver willen de experts in de federale controlecommissie dus niet gaan. Meer nog: het viertal, waaronder Herman Matthijs (VUB/UGent) en Gunther Vanden Eynde (KUL), zegt geen uitspraak te kunnen doen over de uitgaven van El Kaouakibi, aangezien haar uitgaven gecontroleerd zijn door de controlecommissie van het Vlaams Parlement. Een advies van een federale commissie 'zou kunnen gezien worden als een hiërarchische commentaar op een beslissing van een andere controlecommissie', zo klinkt het. 'Het is nochtans onbetwistbaar dat er geen hiërarchie bestaat.'Opvallend, de controlecommissie voor de verkiezingsuitgaven van het Vlaams Parlement is voorlopig niet van plan om actie te ondernemen. 'Onze commissie kijkt louter of de aangifte is ingevuld en of er niet meer is aangegeven dan toegelaten', zegt voorzitter Andries Gryffroy (N-VA). 'Als er klacht is over fraude, dan moet die volgens mij neergelegd worden door de federale instantie.' Bovendien zou die klacht sowieso aan het parket gericht moeten worden. Voor inbreuken op de regels inzake campagnefinanciering geldt er voor politieke procedures immers een verjaringstermijn van 200 dagen, die al is overschreden.Een en ander heeft mogelijk verstrekkende gevolgen. De campagne-uitgaven worden in ons land strikt gereglementeerd. Nu de experts zich niet over de grond van deze zaak uitspreken, zou de federale controlecommissie een precedent kunnen scheppen. Verkiezingskandidaten, ook nieuwkomers van buiten de politiek, zouden immers probleemloos medewerkers kunnen inschakelen voor hun campagne zonder dat ze daar per definitie aangifte van moeten doen. Een nieuw achterpoortje dreigt.Volgens sommigen is het wetgevend kader nu eenmaal te vaag en is dat dringend aan een opfrissingsbeurt toe. De Kamer van Volksvertegenwoordigers zou daaraan een mouw kunnen passen. Anderzijds gaan er ook stemmen op dat het Vlaams Parlement een eigen vademecum zou kunnen opstellen, zodat het zich niet langer hoeft te beroepen op de federale richtlijnen. Hoe dan ook ligt de kwestie gevoelig: politici moeten zich buigen over de regels voor de eigen campagnefinanciering. De zaak rond de 33.000 euro staat los van de vermeende malversaties met subsidies bij het project Let's Go Urban. Die zaak ligt nog steeds bij het gerecht.