De bijzondere maatregelen die ook het Vlaamse onderwijs in volle flank raken, zijn een goede week operationeel en daar komt de hamvraag al: 'Hoe zullen de leerlingen de achterstand die ze noodgedwongen oplopen ooit inhalen?' of nog sterker geformuleerd: 'Hoe weten we of onze kinderen volgend jaar naar een volgend leerjaar kunnen overstappen?'

Legitieme bezorgdheden waarop ik aan de hand van vier vragen probeer te antwoorden.

  • 1) Welke doelen moeten behaald worden?

De Vlaamse samenleving heeft via haar vertegenwoordigers in het parlement de doelen vastgelegd: de eindtermen. Dit zijn weliswaar minimumdoelen waar bovenop de onderwijsverstrekkers hogere en meer doelen kunnen toevoegen (via hun leerplannen, goedgekeurd door de Minister van onderwijs).

Wat zullen we bij leerlingen evalueren in deze coronatijden?

Bedenking hierbij in corona-tijden: welk gewicht geven we aan deze bijkomende doelen? Wat zullen we bij leerlingen evalueren in deze coronatijden? Wat als na de paasvakantie de scholen nog een maand sluiten tot 20 mei? Wat indien ze nog twee maanden sluiten, tot 20 juni? Willen de afzonderlijke onderwijsverstrekkers dan dat al hun doelen bovenop het maatschappelijke minimum bereikt zijn om over te gaan naar een volgend leerjaar? Dit is een discussie die we volgens mij moeten durven voeren.

  • 2) Wanneer moeten de doelen aantoonbaar behaald zijn?

De eindtermen moeten volgens de regelgeving behaald zijn 'op het einde van een cyclus'. Voor het Basisonderwijs is dit dus op het einde van het 6de leerjaar. Als een leerling het leesniveau of wiskundeniveau van het 1ste leerjaar niet bereikt heeft, dan zijn er in principe nog vijf leerjaren om die te bereiken. Op basis van die redenering kan wat in juni 2020 niet behaald is (omwille van de corona-maatregelen) wel gerealiseerd worden in de vijf volgende jaren van het lager onderwijs en kan de leerling de overgang naar een volgend leerjaar maken.

Wel moet vastgesteld zijn wat wel en wat niet is bereikt in het betrokken leerjaar. Wat niet bereikt is, zal de leraar van het volgende leerjaar opnemen. Voor het 6de leerjaar ligt dit anders. Hier gaat het over het einde van de cyclus en zijn de behaalde eindtermen de basis om over te gaan naar de A-stroom of de B-stroom van het secundair onderwijs. Voor deze leerlingen zullen we met zijn allen moeten afspreken welke doelen wel moeten behaald worden en welke niet. Dezelfde redenering geldt voor de leerlingen van het secundair onderwijs.

  • 3) Wie bepaalt of de doelen behaald zijn?

Vlaanderen laat dit over aan de individuele leraar of school. De schooleigen toetsen jureren de leerlingen. Van die toetsen zegt de Vlaamse onderwijsinspectie nochtans elk jaar opnieuw dat ze doorgaans noch valide noch betrouwbaar zijn. Blijven we in de huidige crisissituatie de Vlaamse schoolregeltjes volgen waarbij we het slagen of niet slagen van onze kinderen in handen leggen van niet-valide, niet-betrouwbare toetsen? Of willen we die 'toetsen toetsen' aan een externe toets? We hebben het dan over instrumenten die opgesteld worden door onafhankelijke deskundigen, voor iedereen gelijk wat volgens bv. onderzoek in Nederland (2016) leidt tot meer gelijke kansen voor iedereen. In het basisonderwijs is die stap al gezet: naast de schooleigen toetsen moeten de scholen voor twee leergebieden een externe, valide toets gebruiken op het einde van het 6de leerjaar. Gebruiken we die methodiek nu niet meteen - gezien het bijzondere verloop van dit schooljaar - voor het secundair onderwijs, op het einde van elke graad, o.m. door de paralleltoetsen te gebruiken en ze nu gratis aan te bieden?

  • 4) Wat zijn de consequenties als mijn kind de doelen van dit jaar niet heeft bereikt?

Als we de gebruikelijke schoolregeltjes blijven hanteren, dan is het antwoord: je kind moet overzitten. De huidige crisisweken zijn daarom volgens mij een noodzakelijke wake-upcall om de houdbaarheid van dit model eens ten gronde te evalueren. Scholen kunnen nu al de hoger geschetste uitgangspunten hanteren. Scholen kunnen nu al de leerlingen laten overgaan ook indien ze niet alle doelen van een bepaald jaar hebben bereikt. Zoals gezegd: pas op het einde van een cyclus (6de leerjaar Basisonderwijs, 2de jaar van een bepaalde graad in het Secundair onderwijs) wordt gekeken of de lat gehaald wordt. En ook dan rest de vraag: hoe hoog leggen we de lat? Die moet voor allen hoog! Kunnen we het overlaten aan een individuele leerkracht of een specifieke school om die lat ofwel merkelijk te hoog of opmerkelijk te laag te leggen? Of is een krachtdadig beleid op zijn plaats om eruit te geraken dit jaar? Op zijn minst dit jaar.

Luc De Man is gewezen hoofd van de pedagogische begeleidingsdienst van het GO! en gewezen voorzitter van de Raad secundair onderwijs van de Vlaamse Onderwijsraad. Hij is voorzitter van de redactieraad van het onderwijskundig tijdschrift 'Beleid voeren in onderwijs'.

De bijzondere maatregelen die ook het Vlaamse onderwijs in volle flank raken, zijn een goede week operationeel en daar komt de hamvraag al: 'Hoe zullen de leerlingen de achterstand die ze noodgedwongen oplopen ooit inhalen?' of nog sterker geformuleerd: 'Hoe weten we of onze kinderen volgend jaar naar een volgend leerjaar kunnen overstappen?'Legitieme bezorgdheden waarop ik aan de hand van vier vragen probeer te antwoorden.De Vlaamse samenleving heeft via haar vertegenwoordigers in het parlement de doelen vastgelegd: de eindtermen. Dit zijn weliswaar minimumdoelen waar bovenop de onderwijsverstrekkers hogere en meer doelen kunnen toevoegen (via hun leerplannen, goedgekeurd door de Minister van onderwijs).Bedenking hierbij in corona-tijden: welk gewicht geven we aan deze bijkomende doelen? Wat zullen we bij leerlingen evalueren in deze coronatijden? Wat als na de paasvakantie de scholen nog een maand sluiten tot 20 mei? Wat indien ze nog twee maanden sluiten, tot 20 juni? Willen de afzonderlijke onderwijsverstrekkers dan dat al hun doelen bovenop het maatschappelijke minimum bereikt zijn om over te gaan naar een volgend leerjaar? Dit is een discussie die we volgens mij moeten durven voeren.De eindtermen moeten volgens de regelgeving behaald zijn 'op het einde van een cyclus'. Voor het Basisonderwijs is dit dus op het einde van het 6de leerjaar. Als een leerling het leesniveau of wiskundeniveau van het 1ste leerjaar niet bereikt heeft, dan zijn er in principe nog vijf leerjaren om die te bereiken. Op basis van die redenering kan wat in juni 2020 niet behaald is (omwille van de corona-maatregelen) wel gerealiseerd worden in de vijf volgende jaren van het lager onderwijs en kan de leerling de overgang naar een volgend leerjaar maken. Wel moet vastgesteld zijn wat wel en wat niet is bereikt in het betrokken leerjaar. Wat niet bereikt is, zal de leraar van het volgende leerjaar opnemen. Voor het 6de leerjaar ligt dit anders. Hier gaat het over het einde van de cyclus en zijn de behaalde eindtermen de basis om over te gaan naar de A-stroom of de B-stroom van het secundair onderwijs. Voor deze leerlingen zullen we met zijn allen moeten afspreken welke doelen wel moeten behaald worden en welke niet. Dezelfde redenering geldt voor de leerlingen van het secundair onderwijs.Vlaanderen laat dit over aan de individuele leraar of school. De schooleigen toetsen jureren de leerlingen. Van die toetsen zegt de Vlaamse onderwijsinspectie nochtans elk jaar opnieuw dat ze doorgaans noch valide noch betrouwbaar zijn. Blijven we in de huidige crisissituatie de Vlaamse schoolregeltjes volgen waarbij we het slagen of niet slagen van onze kinderen in handen leggen van niet-valide, niet-betrouwbare toetsen? Of willen we die 'toetsen toetsen' aan een externe toets? We hebben het dan over instrumenten die opgesteld worden door onafhankelijke deskundigen, voor iedereen gelijk wat volgens bv. onderzoek in Nederland (2016) leidt tot meer gelijke kansen voor iedereen. In het basisonderwijs is die stap al gezet: naast de schooleigen toetsen moeten de scholen voor twee leergebieden een externe, valide toets gebruiken op het einde van het 6de leerjaar. Gebruiken we die methodiek nu niet meteen - gezien het bijzondere verloop van dit schooljaar - voor het secundair onderwijs, op het einde van elke graad, o.m. door de paralleltoetsen te gebruiken en ze nu gratis aan te bieden?Als we de gebruikelijke schoolregeltjes blijven hanteren, dan is het antwoord: je kind moet overzitten. De huidige crisisweken zijn daarom volgens mij een noodzakelijke wake-upcall om de houdbaarheid van dit model eens ten gronde te evalueren. Scholen kunnen nu al de hoger geschetste uitgangspunten hanteren. Scholen kunnen nu al de leerlingen laten overgaan ook indien ze niet alle doelen van een bepaald jaar hebben bereikt. Zoals gezegd: pas op het einde van een cyclus (6de leerjaar Basisonderwijs, 2de jaar van een bepaalde graad in het Secundair onderwijs) wordt gekeken of de lat gehaald wordt. En ook dan rest de vraag: hoe hoog leggen we de lat? Die moet voor allen hoog! Kunnen we het overlaten aan een individuele leerkracht of een specifieke school om die lat ofwel merkelijk te hoog of opmerkelijk te laag te leggen? Of is een krachtdadig beleid op zijn plaats om eruit te geraken dit jaar? Op zijn minst dit jaar.Luc De Man is gewezen hoofd van de pedagogische begeleidingsdienst van het GO! en gewezen voorzitter van de Raad secundair onderwijs van de Vlaamse Onderwijsraad. Hij is voorzitter van de redactieraad van het onderwijskundig tijdschrift 'Beleid voeren in onderwijs'.