Vlaams Belang-fractieleider Chris Janssens vroeg bij ordemotie om Jos D'Haese de toegang tot het gebouw te ontzeggen. 'We zien parlementsleden deelnemen aan betogingen waar tot tienduizend mensen verzamelen. Vervolgens komen die gewoon hier het daar opgelopen virus verder verspreiden, ik vind dat ontoelaatbaar', zei de Vlaams Belanger. 'Als die parlementsleden, zoals meneer D'Haese, niet vrijwillig willen wegblijven uit bekommernis voor alle personeelsleden, parlementsleden en medewerkers na hun deelname aan een illegale bijeenkomst, dan vind ik dat u hem de toegang tot dit gebouw moet ontzeggen en dat hij in geen geval deze plenaire vergadering kan bijwonen.'

Jos D'Haese vond dat hem niets ten laste kan worden gelegd. 'Ik snap dat het Vlaams Belang graag zou hebben dat PVDA niet meer in dit parlement zit, maar zo eenvoudig is het natuurlijk niet. De waarheid heeft ook haar rechten', repliceerde hij. 'Net als iedereen, neem ik aan, in dit parlement heb ik sinds het begin van de coronacrisis alle maatregelen strikt opgevolgd.'

D'Haese gaf wel toe dat de betoging niet vlekkeloos is verlopen. 'Het is evident dat er zondag te veel volk was, dat was niet te voorspellen. Wat ik heb gedaan, is mijn verantwoordelijkheid nemen. Dat is zorgen dat ik daar was met een mondmasker, tussen mensen waar ik iedere dag mee samenwerk. Op anderhalve meter en met handen wassen. Wanneer het te druk werd, ben ik naar huis gegaan.'

Voorzitter Homans ging niet in op de vraag van Vlaams Belang. 'Collega Janssens, ik kan natuurlijk de toegang van dit parlement niet ontzeggen aan collega D'Haese', besloot ze het incident. 'Het is aan hemzelf om zijn conclusies te trekken.'

Ook Hannelore Goeman van SP.A was zondag overigens op de betoging, maar zij ging nadien in quarantaine. 'Als mevrouw Goeman hier vandaag niet aanwezig is, en ik op deze stoel zit, dan is het omdat zij ook op deze betoging aanwezig was, zeer terecht', zei Bruno Tobback in de plenaire. 'Ze heeft dus ook zeer terecht gekozen om zichzelf veertien dagen te isoleren en niet aanwezig te zijn op deze vergadering.'

Vlaams Belang-fractieleider Chris Janssens vroeg bij ordemotie om Jos D'Haese de toegang tot het gebouw te ontzeggen. 'We zien parlementsleden deelnemen aan betogingen waar tot tienduizend mensen verzamelen. Vervolgens komen die gewoon hier het daar opgelopen virus verder verspreiden, ik vind dat ontoelaatbaar', zei de Vlaams Belanger. 'Als die parlementsleden, zoals meneer D'Haese, niet vrijwillig willen wegblijven uit bekommernis voor alle personeelsleden, parlementsleden en medewerkers na hun deelname aan een illegale bijeenkomst, dan vind ik dat u hem de toegang tot dit gebouw moet ontzeggen en dat hij in geen geval deze plenaire vergadering kan bijwonen.' Jos D'Haese vond dat hem niets ten laste kan worden gelegd. 'Ik snap dat het Vlaams Belang graag zou hebben dat PVDA niet meer in dit parlement zit, maar zo eenvoudig is het natuurlijk niet. De waarheid heeft ook haar rechten', repliceerde hij. 'Net als iedereen, neem ik aan, in dit parlement heb ik sinds het begin van de coronacrisis alle maatregelen strikt opgevolgd.' D'Haese gaf wel toe dat de betoging niet vlekkeloos is verlopen. 'Het is evident dat er zondag te veel volk was, dat was niet te voorspellen. Wat ik heb gedaan, is mijn verantwoordelijkheid nemen. Dat is zorgen dat ik daar was met een mondmasker, tussen mensen waar ik iedere dag mee samenwerk. Op anderhalve meter en met handen wassen. Wanneer het te druk werd, ben ik naar huis gegaan.' Voorzitter Homans ging niet in op de vraag van Vlaams Belang. 'Collega Janssens, ik kan natuurlijk de toegang van dit parlement niet ontzeggen aan collega D'Haese', besloot ze het incident. 'Het is aan hemzelf om zijn conclusies te trekken.' Ook Hannelore Goeman van SP.A was zondag overigens op de betoging, maar zij ging nadien in quarantaine. 'Als mevrouw Goeman hier vandaag niet aanwezig is, en ik op deze stoel zit, dan is het omdat zij ook op deze betoging aanwezig was, zeer terecht', zei Bruno Tobback in de plenaire. 'Ze heeft dus ook zeer terecht gekozen om zichzelf veertien dagen te isoleren en niet aanwezig te zijn op deze vergadering.'