De files zijn weer een dagelijks feit. De eerste dagen van september waren ze zelf hoger dan voor corona. Hebben we dan niets geleerd? De coronacrisis heeft immers een grote positieve kant zien: als het noodzakelijk is, kunnen we de maatschappij grondig aanpassen. Ineens werd er, in naam van de volksgezondheid, snel ingegrepen. Dat moet ook gebeuren om een duurzamere mobiliteit te bereiken. Daarbij is het nodig maatregelen te treffen volgens drie V's: vermijden, verschuiven en verschonen.

Verlies het corona-momentum voor een betere mobiliteit niet uit het oog.

Het autogebruik daalde tijdens de lockdown met zo'n 75%. Dat is ongezien en had gevolgen op heel wat vlakken. Er waren een pak minder files en de concentraties stikstofdioxide en dieselroet lagen tot 70% lager dan het jaar voordien tijdens dezelfde periode. En ook het aantal verkeersslachtoffers verminderde.

Beperk onnodige verplaatsingen

Vermijden is het eerste en het meest fundamentele omdat het kijkt naar de onderliggende structuur van het systeem. Het heeft te maken met waar we wonen, werken ... kortom, de ruimtelijke ordening die de onderliggende patronen voor ons verplaatsingsgedrag bepaalt. De coronacrisis leerde mensen opnieuw naar die nabijheid te gaan. Mensen herontdekten hun buurtwinkels, leerden hun buren kennen, en leerden lokale landbouwproducten appreciëren. Laat ons dat allemaal zeker behouden.

Hetzelfde voor het telewerken en videobellen voor vergaderingen. Massaal veel mensen mochten kennismaken met de enorme voordelen ervan: geen onnodige verplaatsingen en makkelijk te plannen. De Belgen zien het af en toe kunnen thuiswerken ook na de coronacrisis nog zitten. Vele bedrijven zijn hun telewerkbeleid en mobiliteitsbeleid dan ook grondig aan het herbekijken. Telewerken blijven stimuleren, bijvoorbeeld door het fiscaal interessant te maken, is een manier om die nieuwe ervaringen en het positief effect op de mobiliteit te bestendigen.

Ook het onderwijs, psychologen, dokters en veel andere beroepen hebben gemerkt dat online evengoed voor heel veel zaken mogelijk is. En ook in de privésfeer waren mensen online ontzettend creatief. Voor veel zaken is het online gebeuren een zegen en (hopelijk) een blijver. Want het kan, zo blijkt, heel wat onnodige verplaatsingen vermijden.

Halt aan dichtbevolkt openbaar vervoer

Komen we tot de tweede V: verschuiven. Naar meer milieuvriendelijke transportmodi: het openbaar vervoer, fietsen en wandelen. We hebben het openbaar vervoer enorm nodig als ruggengraat van een duurzaam mobiliteitssysteem. Mensen zijn maar schoorvoetend terug gekeerd naar het openbaar vervoer maar eens ze het terug gebruikten, bleken ze over hun angst heen te zijn en er te blijven. Er blijft echter nog steeds een vermindering van het openbaar vervoergebruik. Dus laten we opnieuw deze crisis aangrijpen om ook aan het gezondheidsaspect van het openbaar vervoer iets te doen. Daarom moet de capaciteit verder opgedreven worden om niet als sardientjes in de trein, metro, tram of bus te zitten. Dat vonden we voor de crisis ook niet leuk.

Wat we ook tijdens de lockdown al opmerkten, is dat de doorstroomsnelheid van de bussen en trams fel verbeterd is. Opnieuw een mooie les, want waarom zou je het openbaar vervoer gebruiken als het vastzit tussen de wagens? De openbaar vervoersmaatschappijen zijn ook volop aan het kijken hoe ze hun abonnement systemen voor bedrijven kunnen aanpassen aan de nieuwe flexibiliteit die mogelijk wordt door meer thuis te werken.

Bovendien kreeg fietsen in het algemeen een enorme boost tijdens de lockdown. De fiets werd vooral voor recreatieve doeleinden gebruikt, maar na de recente versoepelingen is het enorm belangrijk om deze manier van fietsgebruik te bestendigen door nieuwe fietspaden bij te maken en betere aansluitingen te voorzien en het fietsgebruik voor woon-werk verkeer te stimuleren.

Transport van de toekomst

Komen we tot verschonen ten slotte. Als we dan toch wagens moeten gebruiken, laat het dan de meest milieuvriendelijke zijn. De transitie naar elektrische wagens is onontbeerlijk om de klimaatdoelstellingen te halen. Op het vlak van luchtkwaliteit is het ook een winner. Je zou kunnen zeggen dat de coronacrisis op dat vlak niet veel verandering zal teweegbrengen, maar ook daar zie ik een hefboom. Mensen zijn zich meer bewust van hoe belangrijk de luchtkwaliteit is voor hun levenskwaliteit. Bovendien komt er opening in een relance-beleid dat economische doelstellingen dient te koppelen aan gezondheids- en ecologische doelstellingen. Tijdens het afgelopen jaar werden minder wagens verkocht maar het aandeel van elektrische wagens is wel sterk gegroeid.

Dankzij de coronacrisis wordt ook nagedacht waar vakantie dichterbij mogelijk wordt. En ook daar zie je bijzonder creatieve opportuniteiten om de Belgische steden en natuur veel meer te valoriseren. E commerce kende dan weer een enorme vlucht. Met een verdrievoudigen van het aantal pakjes dat Bpost te leveren had. Dat hoeft niet per se slechter te zijn voor onze leefomgeving. Het is zelf duurzamer dan dat we met zijn allen rondrijden naar winkels om al die goederen en eten te gaan kopen. Wel moeten er maatregelen komen om die pakjesleveringen nog duurzamer te maken. Zowel door in te zetten op cargofietsen en elektrische bestelwagens voor het leveren maar ook door de verkeersveiligheid en de sociale condities voor de pakjesleveraars te verbeteren.

Kortom, de coronacrisis heeft de kracht om ons leven naar een meer duurzame levensstijl te begeleiden. Net zoals alle crisissen, zijn er zaken die je nooit meer wilt meemaken. Sommige mensen zullen willen terugkeren naar vroeger, anderen zullen een ander verplaatsingsgedrag en ander koopgedrag blijven volgen. De overheid kan die duurzame transformatie aanmoedigen, en dat door het kader zo te stellen dat het wel degelijk richting meer leefbaarheid en duurzaamheid gaat. Laten we dit moment niet laten voorbij gaan.

De files zijn weer een dagelijks feit. De eerste dagen van september waren ze zelf hoger dan voor corona. Hebben we dan niets geleerd? De coronacrisis heeft immers een grote positieve kant zien: als het noodzakelijk is, kunnen we de maatschappij grondig aanpassen. Ineens werd er, in naam van de volksgezondheid, snel ingegrepen. Dat moet ook gebeuren om een duurzamere mobiliteit te bereiken. Daarbij is het nodig maatregelen te treffen volgens drie V's: vermijden, verschuiven en verschonen. Het autogebruik daalde tijdens de lockdown met zo'n 75%. Dat is ongezien en had gevolgen op heel wat vlakken. Er waren een pak minder files en de concentraties stikstofdioxide en dieselroet lagen tot 70% lager dan het jaar voordien tijdens dezelfde periode. En ook het aantal verkeersslachtoffers verminderde.Vermijden is het eerste en het meest fundamentele omdat het kijkt naar de onderliggende structuur van het systeem. Het heeft te maken met waar we wonen, werken ... kortom, de ruimtelijke ordening die de onderliggende patronen voor ons verplaatsingsgedrag bepaalt. De coronacrisis leerde mensen opnieuw naar die nabijheid te gaan. Mensen herontdekten hun buurtwinkels, leerden hun buren kennen, en leerden lokale landbouwproducten appreciëren. Laat ons dat allemaal zeker behouden.Hetzelfde voor het telewerken en videobellen voor vergaderingen. Massaal veel mensen mochten kennismaken met de enorme voordelen ervan: geen onnodige verplaatsingen en makkelijk te plannen. De Belgen zien het af en toe kunnen thuiswerken ook na de coronacrisis nog zitten. Vele bedrijven zijn hun telewerkbeleid en mobiliteitsbeleid dan ook grondig aan het herbekijken. Telewerken blijven stimuleren, bijvoorbeeld door het fiscaal interessant te maken, is een manier om die nieuwe ervaringen en het positief effect op de mobiliteit te bestendigen. Ook het onderwijs, psychologen, dokters en veel andere beroepen hebben gemerkt dat online evengoed voor heel veel zaken mogelijk is. En ook in de privésfeer waren mensen online ontzettend creatief. Voor veel zaken is het online gebeuren een zegen en (hopelijk) een blijver. Want het kan, zo blijkt, heel wat onnodige verplaatsingen vermijden.Komen we tot de tweede V: verschuiven. Naar meer milieuvriendelijke transportmodi: het openbaar vervoer, fietsen en wandelen. We hebben het openbaar vervoer enorm nodig als ruggengraat van een duurzaam mobiliteitssysteem. Mensen zijn maar schoorvoetend terug gekeerd naar het openbaar vervoer maar eens ze het terug gebruikten, bleken ze over hun angst heen te zijn en er te blijven. Er blijft echter nog steeds een vermindering van het openbaar vervoergebruik. Dus laten we opnieuw deze crisis aangrijpen om ook aan het gezondheidsaspect van het openbaar vervoer iets te doen. Daarom moet de capaciteit verder opgedreven worden om niet als sardientjes in de trein, metro, tram of bus te zitten. Dat vonden we voor de crisis ook niet leuk.Wat we ook tijdens de lockdown al opmerkten, is dat de doorstroomsnelheid van de bussen en trams fel verbeterd is. Opnieuw een mooie les, want waarom zou je het openbaar vervoer gebruiken als het vastzit tussen de wagens? De openbaar vervoersmaatschappijen zijn ook volop aan het kijken hoe ze hun abonnement systemen voor bedrijven kunnen aanpassen aan de nieuwe flexibiliteit die mogelijk wordt door meer thuis te werken. Bovendien kreeg fietsen in het algemeen een enorme boost tijdens de lockdown. De fiets werd vooral voor recreatieve doeleinden gebruikt, maar na de recente versoepelingen is het enorm belangrijk om deze manier van fietsgebruik te bestendigen door nieuwe fietspaden bij te maken en betere aansluitingen te voorzien en het fietsgebruik voor woon-werk verkeer te stimuleren. Komen we tot verschonen ten slotte. Als we dan toch wagens moeten gebruiken, laat het dan de meest milieuvriendelijke zijn. De transitie naar elektrische wagens is onontbeerlijk om de klimaatdoelstellingen te halen. Op het vlak van luchtkwaliteit is het ook een winner. Je zou kunnen zeggen dat de coronacrisis op dat vlak niet veel verandering zal teweegbrengen, maar ook daar zie ik een hefboom. Mensen zijn zich meer bewust van hoe belangrijk de luchtkwaliteit is voor hun levenskwaliteit. Bovendien komt er opening in een relance-beleid dat economische doelstellingen dient te koppelen aan gezondheids- en ecologische doelstellingen. Tijdens het afgelopen jaar werden minder wagens verkocht maar het aandeel van elektrische wagens is wel sterk gegroeid. Dankzij de coronacrisis wordt ook nagedacht waar vakantie dichterbij mogelijk wordt. En ook daar zie je bijzonder creatieve opportuniteiten om de Belgische steden en natuur veel meer te valoriseren. E commerce kende dan weer een enorme vlucht. Met een verdrievoudigen van het aantal pakjes dat Bpost te leveren had. Dat hoeft niet per se slechter te zijn voor onze leefomgeving. Het is zelf duurzamer dan dat we met zijn allen rondrijden naar winkels om al die goederen en eten te gaan kopen. Wel moeten er maatregelen komen om die pakjesleveringen nog duurzamer te maken. Zowel door in te zetten op cargofietsen en elektrische bestelwagens voor het leveren maar ook door de verkeersveiligheid en de sociale condities voor de pakjesleveraars te verbeteren. Kortom, de coronacrisis heeft de kracht om ons leven naar een meer duurzame levensstijl te begeleiden. Net zoals alle crisissen, zijn er zaken die je nooit meer wilt meemaken. Sommige mensen zullen willen terugkeren naar vroeger, anderen zullen een ander verplaatsingsgedrag en ander koopgedrag blijven volgen. De overheid kan die duurzame transformatie aanmoedigen, en dat door het kader zo te stellen dat het wel degelijk richting meer leefbaarheid en duurzaamheid gaat. Laten we dit moment niet laten voorbij gaan.