Bij Hans Bourlon, een van de drijvende krachten achter Studio 100, en zijn broer Joost smeulde al langer het idee om iets te doen met hun liefde voor de kunst. Daar is 'Het Kunstuur' uit geboren, een op z'n minst aparte aanpak om toeschouwers langzaam naar schilderijen te laten kijken.

'Het is onze bedoeling om de toeschouwer van keuzestress te bevrijden', lacht Hans Bourlon. 'In een museum weet ik vaak niet waar eerst te kijken. Wij hebben de keuze gemaakt voor de bezoeker die maar naar één werk tegelijk kan kijken. Als je in de tentoonstelling naar binnengaat, kan je dus alle spanning van je laten afglijden. Je weet dat je een uur rustig ondergedompeld wordt in kunst. Enerzijds wilden we iets nieuws brengen, anderzijds wilden we mensen langzaam en rustig leren kijken naar mooie schilderijen. Tegelijk willen we een beleving bieden die breder gaat door aan de kunst persoonlijke verhalen en de muziek van Dirk Brossé toe te voegen.'

In de 700 jaar oude Heilige Geest-kapel in Mechelen hangen 32 schilderijen van Belgische meesters uit de periode 1887-1938: een boeiend scharniermoment in de kunst. Er werd gekozen voor figuratie, niet voor abstractie, met bekend werk van Rik Wouters, Emile Claus en Gustave De Smet, verrassingen van Constant Permeke, James Ensor, Théo Van Rysselberghe, Frits Van den Berghe en Jenny Montigny, en opmerkelijk werk van weinig bekende schilders als Anto Carte en Oscar Verpoorten. Kortom: de grote kanonnen van luminisme, fauvisme en de Latemse school plus enkele ontdekkingen.

Valerius De Saedeleer, Hoeve te Sint-Martens-Laetem, 1908 (privé-bezit, foto Dominique Provost) © .

Om de twintig minuten worden acht toeschouwers met koptelefoon in de tentoonstelling binnengelaten. In elke zaal lichten de schilderijen één voor één op. Telkens vertelt een virtuele gids zijn of haar verhaal over het werk: uiteenlopende visies van zeer diverse gidsen onder wie econoom Geert Noels over de waarde van kunst, Mechels (ex-)burgemeester Bart Somers over, jawel, een burgemeestersportret van Gustave Van de Woestyne, chirurg Kathie Vierstraete over het 'Zelfportret met ooglap' van Rik Wouters, die op z'n 33ste aan kaakbeenkanker stierf, de Belgisch-Somalische marathonloper Bashir Abdi over zijn verwondering bij het zien van de eerste sneeuw naar aanleiding van een sneeuwlandschap van De Saedeleer, en gastronome Pascale Naessens over 'De mosseleters' van Gust De Smet.

Een aardige vondst is het om de imam Khalid Benhaddou te laten spreken over de houtskooltekening 'Christus aan het kruis' van Albert Servaes. Hij wordt meteen gevolgd door aartsbisschop Jozef De Kesel, die zijn visie geeft op 'De slechte zaaier' van Gustave Van de Woestyne.

Elke gids komt levensgroot in beeld en verdwijnt dan weer, de focus ligt wel degelijk op dat éne schilderij waarover hij of zij vertelt. De teksten zitten zo in elkaar dat je én geboeid wordt door het verhaal én fijne ontdekkingen doet.

Apotheose

Op het eind van het parcours komt acteur Jo De Meyere in de kapel aan het woord met een aantal levensverhalen: van de armoede bij de boeren en vissers van Permeke tot de zorgeloze luxe bij Léon De Smet. De apotheose van het bezoek.

Op de vraag waar hun liefde voor kunst vandaan komt vertellen Hans en Joost Bourlon dat hun grootvader, Jozef De Bie, kunstschilder was. Hij volgde begin jaren 1900 een opleiding aan de academie in Aalst, waar op dat moment alles in het teken stond van Valerius De Saedeleer. 'Ik ken daardoor het oeuvre van De Saedeleer erg goed, ' zegt Hans Bourlon. 'Van hem wist ik meteen wat ik wou tonen.'

Hans Bourlon, die zelf kunstverzamelaar is, had al snel een longlist van zo'n 150 werken opgesteld. 'Uiteindelijk hebben we een selectie gemaakt van 32 werken door 16 schilders. Daarvan komt 70 procent uit privé-bezit: dat is dus werk dat zelden of nooit te zien is. Musea uit binnen- en buitenland waren ook bereid om intensief mee te werken: er komen bruiklenen uit de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van Antwerpen en Brussel, MSK Gent en Mu.ZEE Oostende. Een portret van Nel door Rik Wouters komt zelfs uit het Centre Pompidou in Parijs. Daarnaast komen er werken uit de Belfius- en de Phoebuscollectie.'

Jenny Montigny, Kinderen op het schoolplein te Deurle (privé-bezit, Courtesy Galerie Oscar De Vos) © .

'Het Kunstuur' loopt in zijn huidige vorm tot eind september 2020. 'Daarna gaan we evalueren', zegt Hans Bourlon. 'We hebben deze kapel voor vijf jaar in concessie. Als de evaluatie positief is, brengen we een tweede reeks werken in dezelfde formule.'

'Voor Mechelen is het alvast een win-win-situatie. Deze kapel stond vaak leeg en krijgt nu een zinvolle, permanente invulling. Ook de horeca reageert positief en wil inspelen op ons project. En er zijn inmiddels al een vijftal andere steden die interesse hebben laten blijken om 'Het Kunstuur' ook bij hen op een leegstaande plek te brengen.'

De gebroeders Bourlon hopen uiteraard op veel publieke belangstelling. 'Winst willen we hiermee niet maken. De opbrengst van 'Het Kunstuur' gaat trouwens integraal naar de Mechelse vzw Sjarabang, een inclusief creatief atelier voor mensen met een verstandelijke of meervoudige beperking. Zij hebben de tentoonstelling al bezocht en eigen schilderijen gemaakt op basis van wat ze in 'Het Kunstuur' hebben gezien. Ook die tonen we.'

'Het Kunstuur' van 27 november 2019 tot 30 september 2020 in de Heilige Geestkapel, Minderbroedersgang 1-3, Mechelen (aan de St Romboutstoren). Reserveren is noodzakelijk: hetkunstuur.com