Meer dan 80 procent van bewoners van de Vlaamse woonzorgcentra hebben de eerste prik van het Pfizer-BioNTech-vaccin al achter de rug. In de loop van februari zouden ruim 89.500 bewoners de tweede inenting moeten krijgen. Dat geldt ook voor de bijna 98.000 medewerkers.
...

Meer dan 80 procent van bewoners van de Vlaamse woonzorgcentra hebben de eerste prik van het Pfizer-BioNTech-vaccin al achter de rug. In de loop van februari zouden ruim 89.500 bewoners de tweede inenting moeten krijgen. Dat geldt ook voor de bijna 98.000 medewerkers.Zo worden de rusthuizen de eerste plekken waarin mensen beschermd zouden moeten zijn tegen covid-19. Maar dat wil niet zeggen dat er geen besmetting meer zal voorkomen. Volgens Pfizer heeft het vaccin een beschermingsgraad van 95 procent. 'Maar dat percentage gaat uit van een klinische studie in een gecontroleerde omgeving', zegt epidemioloog Boudewijn Catry van gezondheidsinstituut Sciensano. 'De praktijk is nooit hetzelfde.' Zo is het in gecontroleerde omstandigheden moeilijk om in te schatten wat het effect is van het vaccin op mensen met onderliggende aandoeningen. Sciensano verwacht dat het vaccin een groot beschermingseffect zal opleveren. Dat zal zonder twijfel leiden tot minder uitbraken, ziekenhuisopnames en overlijdens. Maar het is allesbehalve zeker dat de effectiviteit van 95 procent gehaald zal worden. Daarom is een voortdurende monitoring aangewezen. Ook de Europese Unie heeft daarover een duidelijke vraag gesteld aan de lidstaten. 'We mogen niet vergeten dat we ook in de toekomst voorzichtig moeten blijven', zegt Catry. 'We moeten het virus blijven identificeren.'Sciensano is daarom een project gestart dat de werkzaamheid van het vaccin monitort. Daarbij spelen zogenaamde breakthrough cases een essentiële rol. Dat is jargon voor besmettingen die voorkomen ondanks een volledige vaccinatie. In eerste instantie zal Sciensano in samenwerking met het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid nagaan of de besmetting is toe te schrijven aan een bepaalde vaccinatieplaats of aan het vaccin zelf. Maar het gezondheidsinstituut wil ook weten welke variant er achter de infectie zit. Op dit moment baren vooral de Britse en Zuid-Afrikaanse varianten zorgen. 'Maar de zaken veranderen snel', zegt Catry. Het lijkt een kwestie van tijd vooraleer er nieuwe mutaties opduiken. Via de zogenaamde genoomsequentie moeten de experts kort op de bal spelen. 'Zo kunnen we ook weten welk effect het vaccin heeft op varianten.' Volgens Zorg en Gezondheid zal die sequencing van besmette gevaccineerde rusthuisbewoners automatisch verlopen.Vaccinproducenten Pfizer, Moderna en Johnson&Johnson lieten al weten dat hun vaccins zijn opgewassen tegen de nieuwe varianten, al lijken de vaccins meer moeite te hebben met de Zuid-Afrikaanse mutatie. Hoe dan ook valt er ook veel te leren uit het buitenland. Zeker Israël springt in het oog. Dat land heeft alle inwoners en personeel van de woonzorgcentra reeds twee dosissen van het coronavaccin toegediend. In totaal gaat het om zo'n 160.000 bewoners en verplegend personeel. Opvallend: volgens Catry vormt de GDPR-wetgeving het 'grootste struikelblok' voor het onderzoek. Sciensano wil namelijk de databank met de vaccinaties koppelen met andere bestaande databanken. Alle gegevens moeten volgens de privacywetgeving gepseudonimiseerd worden. 'De wetgeving is noodzakelijk en moeten we respecteren, maar dat zorgt voor weinig flexibiliteit', aldus Catry. 'De koppeling van de sequencing met de data van de woonzorgcentra is een huzarenstukje.'