Zijn onze coronacijfers onrustwekkend? En helpen bubbels van vijf om die cijfers te laten dalen? Het lijken simpele vragen, maar zelfs de specialisten raken het er niet over eens. Wetenschapsfilosoof Jean Paul Van Bendegem vindt dat niet verrassend. 'Wetenschap is geen machine die aan de lopende band onweerlegbare kennis produceert. Misschien is dat beeld zo hardnekkig omdat mensen wetenschappen gelijkstellen met wiskunde en natuurkunde, twee domeinen waarin je wél bijna zekerheid kunt bereiken. Als iemand van een toren springt, kunnen we exact berekenen hoelang het duurt voor die persoon beneden aankomt. In de loop van de geschiedenis zijn we ervan overtuigd geraakt dat deze natuurkundige manier om naar de wereld te kijken ons de beste kennis oplevert. In meer theoretisc...

Zijn onze coronacijfers onrustwekkend? En helpen bubbels van vijf om die cijfers te laten dalen? Het lijken simpele vragen, maar zelfs de specialisten raken het er niet over eens. Wetenschapsfilosoof Jean Paul Van Bendegem vindt dat niet verrassend. 'Wetenschap is geen machine die aan de lopende band onweerlegbare kennis produceert. Misschien is dat beeld zo hardnekkig omdat mensen wetenschappen gelijkstellen met wiskunde en natuurkunde, twee domeinen waarin je wél bijna zekerheid kunt bereiken. Als iemand van een toren springt, kunnen we exact berekenen hoelang het duurt voor die persoon beneden aankomt. In de loop van de geschiedenis zijn we ervan overtuigd geraakt dat deze natuurkundige manier om naar de wereld te kijken ons de beste kennis oplevert. In meer theoretische wetenschappen is dat ongetwijfeld juist. Maar je laat dat idee het best achterwege als we op het niveau van mens en samenleving opereren. In dit specifieke geval worden we ook nog eens geconfronteerd met een nieuw, onbekend virus. Terwijl de wetenschap het probeert te leren kennen, worden we verplicht tot handelen. Dat maakt dat de wetenschap niet in haar vertrouwde, trage ritme kan werken. Er is onvoldoende tijd voor gedegen onderzoek, en tegelijk staat de wetenschap als nooit tevoren in het publieke vizier. Dat kan niet anders dan spanningen opleveren.' Een essentiële vraag is bijvoorbeeld welke rol kinderen spelen in de verspreiding van het virus. Is het niet vreemd dat daar nog twijfel over bestaat?Jean Paul Van Bendegem: Een sleutelwoord is hier statistiek. Onvermijdelijk moet je werken met steekproeven. Dat levert waarschijnlijkheden op, maar geen zekerheden. Als je de onzekerheid wilt wegnemen, moet je de hele bevolking testen, wat ondoenbaar is. Wij rekenen ook op de wetenschap als het gaat over een vaccin. Die zoektocht lijkt, ondanks enorme wereldwijde inspanningen, niet op te schieten. Van Bendegem: Hier krijg je natuurlijk ook te maken met de farmaceutische industrie, en hun race om de eerste te zijn. Naar mijn mening werkt die competitie contraproductief. Je kunt die race vergelijken met de zoektocht naar een sleutel. Stel, je hebt een huis met tien kamers, waarbij in één kamer de sleutel ligt die ons toegang geeft tot de oplossing van een probleem. Voor dat huis staan tien mensen die het probleem willen oplossen. Een methode kan zijn: laat iedereen zo snel mogelijk het hele huis doorzoeken. Maar je kunt ook afspreken dat één iemand de eerste kamer doorzoekt, een andere de tweede, enzovoorts. Ik denkt dat de tweede methode efficiënter is. Toch lijkt men zich in de zoektocht naar een vaccin vaak van de eerste methode te bedienen. Bij wetenschappelijke onzekerheid wordt vaak het voorzorgsprincipe gehanteerd: probeer zo veel mogelijk schade te vermijden, zelfs al is er geen zekerheid dat er schade zal zijn. Is het verstandig om dat principe ook in deze crisis toe te passen?Van Bendegem: Als je dat principe hier strikt toepast, moet je de volledige lockdown afkondigen. Het principe laat weinig of geen ruimte voor andere argumenten, zoals economische of sociale schade. Dat voorzorgsprincipe kun je zeker niet overal blind toepassen. Over de schadelijke effecten van de klimaatverandering bestaat er wel wetenschappelijke consensus. Toch treden we hier minder doortastend op.Van Bendegem: Het probleem is dat het klimaatprobleem zich moeilijk laat vertalen van het macro- naar het microniveau. Als ik stop met vliegen zal dat nauwelijks impact hebben op het globale probleem, wat voor moedeloosheid zorgt. Bij een pandemie is de impact duidelijker. Door afstand te houden en handen te wassen lever ik een individuele bijdrage die meteen meehelpt aan de indijking van het probleem.