Euthanasie werd twintig jaar geleden gelegaliseerd in België

(Archiefbeeld) Afscheidsplechtigheid voor de overleden schrijver Hugo Claus in de Bourlaschouwburg in Antwerpen in 2008. Claus leed aan de ziekte van Alzheimer en had daarom zelf beslist op welk tijdstip hij zijn leven zou beëindigen.

Het is vandaag/zaterdag exact twintig jaar geleden dat de euthanasiewet werd bekrachtigd.  België werd zo, na Nederland, het tweede land waar euthanasie onder voorwaarden werd gelegaliseerd. Er worden nu elk jaar zowat 2.500 euthanasiedossiers geregistreerd.

De ‘Wet betreffende de euthanasie’ werd op 16 mei 2002 goedgekeurd in de Kamer en op 28 mei 2002 door de koning bekrachtigd. Ze handelt over ‘het opzettelijk levensbeëindigend handelen door een andere dan de betrokkene, op diens verzoek’.

Concreet staat in de wet dat een patiënt om euthanasie kan vragen bij aanhoudend ondraaglijk en uitzichtloos fysiek of psychisch lijden, dat het gevolg is van een ernstige en ongeneeslijke, door ongeval of ziekte veroorzaakte aandoening. Het verzoek tot euthanasie dient vrijwillig, overwogen en herhaald te zijn. Een arts is niet verplicht om op het verzoek in te gaan, maar dient de patiënt daarvan op de hoogte te brengen.

In 2014 werd euthanasie uitgebreid naar minderjarigen. Voorwaarden zijn dat de minderjarige ‘oordeelsbekwaam’ is en dat de ouders of wettelijke vertegenwoordigers akkoord gaan met het verzoek. In tegenstelling tot bij volwassenen, kan het verzoek van minderjarigen niet bij psychologisch lijden. En in 2019 en 2020 werd de geldigheid van een wilsverklaring waarin bepaald wordt dat een patiënt euthanasie wil na een onomkeerbare coma, eerst tot tien jaar verlengd en nadien onbeperkt verlengd.

De euthanasiedossiers moeten opgestuurd worden naar de Federale Controle- en Evaluatiecommissie Euthanasie (FCEE), die moet oordelen of de procedure gevolgd werd.

In 2021 werden er zo 2.699 gevallen van euthanasie geregistreerd. Driekwart van de aanvragen was Nederlandstalig, een kwart Franstalig. Het ging voornamelijk om mensen tussen de 60 en 89 jaar, en de meesten (85 procent) waren terminale patiënten. In meer dan de helft van de gevallen werd de euthanasie thuis uitgevoerd.

In 2020 werd de euthanasiewet voor het eerst door een rechter getoetst in het assisenproces in Gent rond de euthansie van Tine Nys, die op 38-jarige leeftijd in 2010 euthanasie vroeg wegens psychisch lijden. De drie artsen werden vrijgesproken, maar er loopt nog een burgerlijk proces tegen de arts die de euthanasie uitvoerde, maar daar is het wachten op het antwoord van het Grondwettelijk Hof op een aantal prejudicële vragen.

Regelmatig gaan er stemmen op om euthanasie te verruimen. Dat is nu, naar aanleiding van de twintigste verjaardag van de wet, niet anders. In een open brief wordt de regering opgeroepen om werk te maken van euthanasie bij mensen met dementie (zoals de ziekte van Alzheimer of van Parkinson). De brief is ondertekend door de voorzitters van de verenigingen deMens.nu, Centre d’Action Laïque, het LevensEinde Informatie Forum (LEIF) en Association pour Le Droit de Mourir Dans La Dignité (ADMD).

Zij vragen dat de voorwaarden voor euthanasie bij wilsonbekwaamheid, na een voorafgaande wilsverklaring, versoepeld worden. ‘Iedereen moet de mogelijkheid krijgen om met de hulp van een gezondheidswerker de modaliteiten en de context te bepalen waarin hij of zij euthanasie zou willen laten uitvoeren, ook al is hij of zij niet meer in staat om een actueel verzoek te formuleren’, zo luidt het. ‘De betrokkene kan het bijvoorbeeld als een grens zien dat hij zijn naasten niet meer herkent, dat hij niet meer in staat is zichzelf te voeden, dat hij alle mobiliteit verliest en bedlegerig wordt.’

Andere kwesties die aan bod komen bij vragen om uitbreiding van euthanasie, zijn die van hoogbejaarden die van mening zijn dat hun leven ‘voltooid’ is of nog de hulp bij zelfdoding.

Partner Content