Verschillende hulporganisaties zoals Artsen Zonder Grenzen slaken deze week een noodkreet over de toestand in de vluchtelingenkampen op de Griekse eilanden, naar aanleiding van de derde "verjaardag" van de EU-Turkijedeal. Binnen de Raad van Europa - waar ik deel uitmaak van de Belgische delegatie - schreef ik hierover een rapport dat weldra finaal ter stemming wordt gebracht.

Op 18 maart 2016, een goed half jaar na Angela Merkels befaamde 'wir schaffen das', wordt de al minstens even befaamde (of beruchte) EU-Turkijedeal gesloten. De migratiecrisis is op dat moment nog veel meer een crisis dan dat nu het geval is, althans een zichtbare en publiek stevig bediscussieerde crisis. Want hoewel de beelden van door Europa trekkende vluchtelingenstromen - die in diezelfde periode nog schandelijk op de anti-EU-affiches van UKIP prijkten - grotendeels achter ons liggen, blijft de ver-van-ons-bed situatie op de Griekse eilanden nog steeds schrijnend. Een deal die de problematiek deels van tafel gehaald, maar vooral ook onder de mat geschoven heeft.

Deal tussen de EU en Turkije heeft veel problemen waar vluchtelingen mee te maken krijgen, onder de mat geveegd.

De deal trachtte de ongecontroleerde vluchtelingenstroom die voornamelijk vanuit Syrië via Turkije tot in Griekenland en dus Europa leidde, af te remmen. Vluchtelingen die op clandestiene wijze, vaak via bootjes, voet aan wal zetten in Griekenland, zouden terug naar Turkije worden gestuurd. Turkije zou daarvoor enkele miljarden euro's Europese steun krijgen én de belofte dat evenveel vluchtelingen die in Turkije waren gebleven op gereguleerde wijze naar Europa zouden worden overgebracht. Op die manier zouden vluchtelingen als het ware aangespoord worden om de oversteek niet te wagen, maar netjes 'hun beurt' af te wachten op het Turkse vasteland.

Het beruchte deel van de deal betreft uiteraard de veronderstelling dat de opvang van vluchtelingen in Turkije volgens de regels zou verlopen. Anders zou het immers ongeoorloofd zijn dat het beschaafde Europa hen zomaar terug zou zenden, niet wetende welk lot hen te wachten staat. Ongeveer eenzelfde discussie zoals in ons land een tijdlang woedde over het terugsturen van vluchtelingen uit en naar Soedan. De parlementaire vergadering van de Raad van Europa formuleerde al eerder zijn bedenkingen bij de leefomstandigheden, rechten en voorzieningen van de (overigens meerdere miljoenen) in Turkije verblijvende vluchtelingen, en in het verlengde daarvan bij de hele EU-Turkijedeal. Erdogan bouwde inmiddels een Trumpiaanse muur op de grens met Syrië en wordt fel bekritiseerd voor zijn gewelddadige push-back acties.

Of Turkije nu een veilig land zou zijn voor de teruggestuurde vluchtelingen of niet, het aantal vluchtelingen dat sinds de deal van Griekenland terug naar Turkije werd gestuurd, bleef hoe dan ook verwaarloosbaar. Het betreft hoogstens enkele procenten van het totaal aantal toegestroomde mensen. Hoewel die toestroom wel degelijk gedaald is, blijft het aantal dat toekomt nog steeds vele malen groter dan het aantal dat wordt teruggestuurd. De zogenaamde hotspots die op de Griekse eilanden werden ingericht, geraken op die manier uiteraard overbevolkt. Het aantal opvangplaatsen in de meest schrijnende detentiecentra werd eind 2017 nog 5.000 verlaagd, terwijl er in realiteit nog meer dan 10.000 mensen woonden.

De Griekse parlementsleden binnen de Raad van Europa houden de EU-Turkijedeal verantwoordelijk voor het feit dat al deze mensen gevangen zitten op overbevolkte door water omgeven gevangenissen. Want dat is wat ze zijn: gevangenissen. Het recht om door te reizen naar het vasteland hebben de vluchtelingen immers niet. Het recht om asiel aan te vragen en in beroep te gaan, uiteraard wel. Een recht dat velen onder hen gebruiken, wat vaak leidt tot procedures die lang kunnen aanslepen zonder dat men van de eilanden richting Griekenland mag gaan of richting Turkije kan worden gestuurd. Overbevolking dus, spanningen, conflict en mensonwaardige leefomstandigheden. Opnieuw hebben we binnen de Raad van Europa onze twijfels geuit of de situatie ter plaatse de Europese Verklaring van de Rechten van de Mens wel respecteert.

Wie de lasten van de gezamenlijke buitengrenzen niet wil dragen, heeft eigenlijk geen recht op de lusten van het Europese vrij verkeer.

De asielprocedures dus, zijn een oud zeer. Mijn rapport roept de andere Europese lidstaten op om Griekenland te ondersteunen bij de opvang van vluchtelingen en asielzoekers, en met het beheer van de buitengrenzen van de EU. We moeten betere asielprocedures ontwikkelen op de Griekse eilanden waarbij vluchtelingen sneller worden overgebracht naar het vasteland. Vluchtelingen die geen asiel krijgen, dienen op een veilige manier te worden teruggestuurd. Vluchtelingen die wel asiel krijgen, dienen - tenminste als je het mij en mijn partij vraagt - verplicht over Europa te worden verspreid. Wie de lasten van de gezamenlijke buitengrenzen niet wil dragen, heeft eigenlijk geen recht op de lusten van het Europese vrij verkeer.

Mijn rapport vormt een pleidooi voor mensenrechten, maar ook voor menselijkheid. Afschuwelijke Amerikaanse praktijken waarbij ouders aan de grens van hun kinderen gescheiden worden, staan gelukkig moreel en reëel ver af van wat er zich bij ons afspeelt. Toch loopt het herenigen van door conflict en vlucht gescheiden families ook hier niet altijd volgens de regels die we er zelf over hebben opgesteld. Het blijft belangrijk om stil te staan bij de evidentie dat vluchtelingen naast vluchteling ook mens zijn. En als mens geniet je rechten, tenminste (en normaal gezien) hier, bij ons, in Europa. Het hoort een van de zaken te zijn die ons onderscheidt van andere, nare plekken in de wereld. De wantoestanden op de Griekse eilanden schenden die mensenrechten echter flagrant. Ze zijn ons 'systeem' onwaardig. Zogenaamde 'push-backs' vormen er het meest schrijnende voorbeeld van. Een afschuwelijk, onmenselijk en levensgevaarlijk, maar bestaand fenomeen.

Tenslotte bracht ik voorbije zomer, in het kader van mijn werk voor de Raad van Europa, ook zelf een bezoek aan de Griekse vluchtelingenkampen. De cijfers, rapporten en berichten over vreselijke wantoestanden werden plots verhalen, namen en gezichten. Zo was er Daran, een Syrische Koerd die tot tweemaal toe wist te ontkomen aan het brutale regime van IS. Vanuit Turkije kwam hij in Griekenland terecht. Helemaal alleen, nog maar vijftien jaar, dromend van een carrière als profvoetballer. Deze week bereiken ons opnieuw berichten over de hel op de Griekse eilanden. Maar ook over de hervatte trainingen van de Rode Duivels. Voorlopig helaas nog zonder Daran, die blijvend vastzit in het vluchtelingenkamp van Drama. Een stad die, gezien de omstandigheden, haar naam niet gestolen heeft.