Brussel Culturele Hoofdstad 2030? ‘Molenbeek is ons winning ticket’

© Franky Verdickt

Nadat Hadja Lahbib onverwacht minister van Buitenlandse Zaken was geworden, moest Jan Goossens even alleen verder met zijn opdracht van de Brusselse regering: de kandidaatstelling van Brussel als Culturele Hoofdstad van Europa voorbereiden. Sinds begin dit jaar vormt hij weer een duo, met Fatima Zibouh ditmaal, die als eerste uit de selectieprocedure kwam. Zibouh, doctor in de politieke wetenschappen, is sociaal ondernemer en een bekende netwerkster in Brussel. Ze is erg actief in het Brusselse middenveld en ‘een Brusselaar van de derde generatie’, vertelt ze.

‘Dat kan ik van mezelf niet zeggen’, lacht Goossens, net terug uit Tunis, waar hij ook werkt aan het stads- festival Dream City. Zibouh en Goossens zitten tot over de oren in de voorbereidingen van de Brusselse kandidaatstelling. Hun zogenaamde eerste bid book moet over ongeveer anderhalf jaar klaar zijn voor de EU. In 2030 haalt sowieso een Belgische stad de titel van Culturele Hoofdstad binnen. Alleen is het de vraag welke stad en welk dossier – verschillende Belgische steden dingen mee – de Europese vakjury straks het meest kan bekoren. Goossens: ‘Ons uitgangspunt is dat Brussel 2030 niet louter een kunstenfestival mag zijn. Brussel heeft een echt stadsproject nodig, waarin cultuur bijdraagt aan een duurzame, democratische, solidaire en gedekoloniseerde stad.’

Dat stadsproject zal, verrassend en gedurfd, officieel worden ingediend door Molenbeek, onthullen Zibouh en Goossens aan Knack.

Liefde voor de stad waar je woont is een goede manier om tot een gedeelde identiteit te komen.

Fatima Zibouh

Hellhole Molenbeek? Wereldwijd berucht omdat de daders van verschillende grote terreuraanslagen er vandaan kwamen?

Jan Goossens: Dat klopt. Het Brussels Gewest, dat aan de basis ligt van Brussel 2030, mag volgens de Europese regels formeel niet zelf kandideren. Een gemeente moet het dossier indienen. Maar Brussel-stad was in 2000 al eens Culturele Hoofdstad. Er is ook een tendens om geen hoofdsteden meer te kiezen. En wij geloven ook dat er heel goede positieve redenen zijn om voor Molenbeek te kiezen, in samenwerking natuurlijk met heel het Brussels Gewest. Brussels minister-president Rudi Vervoort (PS) heeft het idee van Brussel 2030 voor het eerst geopperd na de aanslagen in Zaventem en Maalbeek. Molenbeek is een migratiegemeente, met weliswaar grote sociale problemen maar ook met sociale mobiliteit, veel potentieel en een bruisend cultureel leven. Daarom lijkt het ons fantastisch om de Brusselse kandidaatstelling op te bouwen rondom Molenbeek, dat je kunt beschouwen als een stedelijk laboratorium voor heel Europa, centraal gelegen, in het midden van Brussel, maar wel aan de overkant van het kanaal. Vanuit Molenbeek willen we samenwerken met de andere Brusselse gemeenten en bruggen bouwen over het kanaal heen – voor veel Brusselaars is dat niet alleen een fysieke maar ook een mentale grens in de stad.

Fatima Zibouh: Toen in 1985 het concept van Culturele Hoofdstad van Europa werd gecreëerd, was het uitdrukkelijk de bedoeling om diversiteit en stedelijke transformatieprocessen in de verf te zetten. In die zin is Molenbeek een logische en gedroomde kandidaat. (lacht) Voor alle duidelijkheid: de keuze voor Molenbeek was al gemaakt voor ik aantrad als co-opdrachthouder, en heeft dus niets te maken met het feit dat ik zelf uit Molenbeek kom.

Maar Vooruit-voorzitter Conner Rousseau zei: ‘Als ik door Molenbeek rijd, voel ik me niet in België’.

Zibouh: Juist ook om die reden is de kandidatuur van Molenbeek belangrijk. Er bestaan zo veel vooroordelen en misvattingen over. Mensen denken dat je er geen alcohol kunt drinken, dat er geen concerten of culturele evenementen zijn, dat vrouwen er worden onderdrukt en mannen de publieke ruimte domineren. Dat klopt allemaal niet. Natuurlijk zijn er problemen, met name op het gebied van veiligheid en armoede, maar een project als Culturele Hoofdstad van Europa kan een geweldige hefboom zijn om het beeld van Molenbeek te veranderen. Misschien loopt Molenbeek voorop bij wat andere steden in Vlaanderen, Wallonië en de rest van Europa te wachten staat. Daarom is het belangrijk dat de sociale cohesie hier slaagt. Cultuur kan daar een grote rol in spelen. En het zou natuurlijk prachtig zijn als mensen uit Bredene of Hasselt straks het echte Molenbeek komen ontdekken.

Goossens: Sinds de aanslagen kent iedereen binnen en buiten België Molenbeek als een ‘hellhole’. Juist daarom is Molenbeek, ook tegenover zo’n Europese jury, een juiste zet.

© Franky Verdickt

Maar het imago van Molenbeek is desastreus.

Goossens: Het idee van die Europese culturele hoofdsteden is ook precies om te vertrekken vanuit de hete aardappel, en die te transformeren. Ook in de Belgische context is de keuze voor Molenbeek heel relevant, want de toekomst van België, wat extreemrechts er ook van moge denken, zal grootstedelijk, superdivers en meertalig zijn. Cultuur en kunstenaars hebben daarin, zoals Fatima aangaf, een sleutelrol te spelen, in coalitie met de hele samenleving. Europa kan ook ontzettend veel opsteken van het potentieel van Molenbeek, en inspiratie opdoen voor de toekomst. Daarom denken we dat we goed gewapend zijn om de titel van Culturele Hoofdstad binnen te halen.

Hoever staan jullie intussen met de voorbereidingen van het dossier?

Goossens: De programmeringsfase is intussen op gang gekomen, op basis van een stadsproject dat we uitwerken rond drie grote thema’s. Om te beginnen: participatie en cocreatie, met veel aandacht voor jonge Brusselaars. We bevragen Brusselaars jonger dan 30 jaar over hun stad van de toekomst. De tweede thematiek waarrond we werken, is collectieve Brusselse verbeelding. Hoe zorgen we voor concrete Brusselse culturele initiatieven, gegeven dat er nog altijd geen Brussels cultuurbeleid is en alles wordt aangestuurd vanuit de Vlaamse of Franse Gemeenschap? De programmering in 2030 moet volgens ons vertrekken vanuit een Brusselse, gecreoliseerde cultuur. Deze zomer komt er een tweede editie van de Brusselse Summer Assembly, die van 28 juni tot 2 juli in de Hallen van Schaarbeek zal plaatsvinden. Een belangrijk moment, waarin wij samen met Brusselaars ideeën en plannen delen en toetsen, met het oog op dat stadsproject in 2030. In verschillende andere Brusselse gemeenten worden er dan ’s avonds culturele evenementen georganiseerd. Verder bouwen we aan coalities van bewoners, cultuurmensen en politici, die willen samenwerken rond concrete transformaties om onze stad leefbaar te houden: meer groen, meer water. Het plan is om tegen 2030 een netwerk van toekomstplekken doorheen de stad te creëren.

Zibouh: Brussel is superdivers en daar zijn we trots op, maar het is ook supergefragmenteerd en verkokerd. Er zijn te weinig gedeelde ruimtes. Deze kandidaatstelling is een gelegenheid om die te creëren. We zitten hier midden in de Europese wijk, maar dat is een wereld apart. Ga je naar de volkse buurten langs het kanaal, dan is dat ook een wereld apart. Terwijl Brussel een kleine stad is waarin je alles te voet kunt doen. We onderzoeken ook de mogelijkheid van een museum van de migratie of van de Brusselaars, een plek waar alle Brusselaars, ongeacht culturele of sociale achtergrond, zich in kunnen herkennen.

Veel aandacht is er inderdaad ook voor Brusselse jongeren. Een op de drie Brusselaars is jonger dan 25. Die jongeren willen we de kans geven om hun angsten en dromen voor 2030 te uiten. Concreet zijn we op dit moment 1000 jonge stemmen aan het verzamelen. Uit die pool gaan we vervolgens 100 jongeren uit de 19 Brusselse gemeenten selecteren, die zullen deelnemen aan de Youth Coalition in september, in het Brussels Parlement. Het doel is om samen na te denken over de culturele programmering in 2030. We zien nu al dat voor deze generatie het klimaatvraagstuk een grote zorg is.

Ook andere Belgische steden, waaronder Brugge, Kortrijk en Leuven, willen zich kandidaat stellen als Culturele Hoofdstad van Europa. Flink wat concurrentie voor Molenbeek dus?

Goossens: De Europese regels voorzien in een open competitie binnen één land, en dat is op zich best spannend. Maar wij denken dat we met Molenbeek en Brussel een winning ticket hebben, om van het administratieve centrum van Europa nu ook de echte culturele hoofdstad van Europa te maken. We zijn ook partnerschappen met andere Europese steden aan het creëren, waar in de voorbereidingsjaren activiteiten van Brussel 2030 zullen plaatsvinden, zodat we ook Europeanen buiten Brussel bij dit project kunnen betrekken.

Hoe verloopt de samenwerking met Vlaams minister- president en minister van Cultuur Jan Jambon (N-VA) voor Brussel 2030? Brussel is ook de hoofdstad van Vlaanderen.

Goossens: In 2030 zal het ook gaan over de viering van 200 jaar België. Wij bouwen met onze kandidaatstelling aan een Brussels project, maar steken de hand uit naar alle Belgische en dus ook Vlaamse steden die met ons willen samenwerken. Er lopen gesprekken met enkele Vlaamse en Waalse steden. Maar dan moet Vlaanderen natuurlijk wel wíllen meewerken. De toekomst van België, of het nu gaat over de 200e verjaardag of andere dossiers, ligt sowieso in sterke regio’s die samenwerken in plaats van elkaar te beconcurreren.

© Franky Verdickt

Knelt daar de schoen?

Goossens: Samenwerken met Brussel lijkt inderdaad geen prioriteit voor deze Vlaamse minister-president. Maar laat dit een open uitnodiging zijn aan alle Vlaamse steden, aan Vlaanderen en zijn minister-president, om toch eens goed na te denken over het belang dat Brussel voor Vlaanderen heeft. En om zich af te vragen hoe Vlaanderen zo’n Brussels project, dat ook de poort naar Europa vormt, mee kan ondersteunen. Natuurlijk, Vlaamse steden die autonoom willen meedingen naar de titel van Culturele Hoofdstad moeten dat kunnen. Maar andere Vlaamse steden moeten de mogelijkheid hebben om in het Brusselse verhaal mee te stappen.

Hoe kijken jullie naar wat Dalilla Hermans, de net aangestelde trajectcoördinator van Brugge Culturele Hoofdstad 2030, is overkomen? Ze ontving haatberichten op sociale media, en N-VA-voorzitter Bart De Wever vindt Hermans wegens zogenaamde woke uitspraken ongeschikt voor de functie.

Zibouh: We veroordelen de haatcampagne tegen Dalilla scherp, en zijn honderd procent solidair met haar. Ik kan me ook wel in haar verplaatsen, want voor mij is het ook niet altijd makkelijk geweest in Brussel.

Ook op uw aanstelling kwam inderdaad felle kritiek, omdat u een hoofddoek draagt.

Zibouh: Kritiek, scheldpartijen, zelfs bedreigingen. Er is nog altijd weerstand in sommige hoeken van de samenleving tegen gezichten die de diversiteit belichamen. Al die racistische en seksistische aanvallen zijn natuurlijk jammer, maar ik probeer me te concentreren op hoe ik iets positiefs kan bijdragen aan deze stad, samen met degenen die wél vooruit willen.

Goossens: Dalilla is een heel juiste keuze van Brugge – ook al willen wij winnen. (lacht) Maar ook de toekomst van Brugge zal stedelijk, multicultureel en meertalig zijn. Het is funest dat sommige politici in Vlaanderen van alles een cultuurstrijd maken.

De emancipatie van minderheden gaat altijd via spanningen en activisme. Dat is nodig, het is zelfs een goede zaak, zonder dat we daarbij in de val van sektarisme en cancelcultuur mogen trappen. Maar als Brusselse opdrachthouders zijn wij inderdaad absoluut solidair met wat minderheden in Brussel en Vlaanderen vandaag trachten te bereiken: of het nu gaat om feministen, Black Lives Matter-activisten of lgbtqia+-personen.

Zouden jullie zichzelf woke noemen?

Goossens: Ik gebruik de term zonder enig probleem. De doelstellingen en strijdpunten van die zogenaamde woke minderheden zijn terecht. Door van woke de inzet te maken van een grote oorlog over de toekomst van Vlaanderen spreidt Bart De Wever ontegensprekelijk het bedje voor het Vlaams Belang.

Zibouh: We moeten weg van de identiteitspolitiek en het opbod qua slachtofferschap, alsof onze eigen identiteit constant door de ander wordt bedreigd. Men zal mij verwijten dat ik een migratieachtergrond heb, Jan dat hij uit Vlaanderen komt. We moeten daarmee stoppen. We hebben allemaal meervoudige identiteiten, en liefde voor de stad waar je woont is een goede manier om tot een gedeelde identiteit te komen.

Goossens:De grote vraagstukken die op ons afkomen – denk aan het klimaatvraagstuk – zullen die identitaire oorlogjes totaal irrelevant maken. Los daarvan is de antiwokestrijd vaak toch ook een ordinaire racistische strijd, als je ziet wat Dalilla en Fatima over zich heen krijgen, en ook in die zin een compleet verlies van tijd en energie.

Mevrouw Zibouh, hoe gaat u om met racistische belaging?

Zibouh: Het raakt me natuurlijk persoonlijk, maar het maakt me tegelijk juist nog vastberadener om door te zetten met een positief en inclusief project als Brussel 2030. Ik heb ook veel steun gekregen uit alle maatschappelijke sectoren én van ministers uit de Brusselse en de Vlaamse regering – politiek is meer dan alleen Bart De Wever. (lacht)

Wat me wel echt pijn doet, is als jongeren me dan zeggen: ‘Zie je wel, zelfs als je hebt gestudeerd, over alle juiste competenties beschikt, en je jarenlang vrijwillig inzet in het middenveld, zullen ze je nooit echt accepteren.’ Zo sturen we dus een negatieve boodschap uit naar nieuwe generaties. Zeker voor hen moeten we blijven vechten, zodat ze zich niet door die luidruchtige minderheid laten ontmoedigen. Want, vrij naar Martin Luther King: we moeten leren om samen te leven als broeder en zusters, of samen omkomen als dwazen.

Goossens: De aanvallen op Fatima en Dalilla zijn achterhoedegevechten als je het op de lange termijn bekijkt, maar ze zijn wel heel schadelijk. Ze dreigen een heleboel jonge mensen uit de diversiteit te demotiveren, terwijl we die mensen voor de toekomst van onze steden juist hard nodig hebben. Als mensen als Fatima en Dalilla niet kunnen bijdragen aan het Brussel en het Brugge van morgen, welke toekomst staat ons dan te wachten? Op dat vlak dragen degenen die racistische aanvallen lanceren, maar ook mensen als De Wever, die van woke dé grote tegenstander maken, een zware verantwoordelijkheid. Want als we een groot deel van de jongeren in onze steden geen geloof geven in een gezamenlijke toekomst en de rol die zij daarin kunnen spelen, zullen we er nooit komen. In die zin zeggen Fatima en ik: Molenbeek en Brussel zijn juist het antwoord, niet het probleem.

Bio Fatima Zibouh

1981 geboren in Molenbeek

Studie politieke wetenschappen (ULB)

2007-2017 onderzoekster bij het Centre d’Etudes de l’Ethnicité et de Migrations (CEDEM-ULG) en bij het institut d’Etudes Européennes (IEE-ULB)

2011 medeoprichter van de G1000

2017-2023 leidt de antidiscriminatiedienst van Actiris

2021 promoveert in de politieke en sociale wetenschappen (ULG) met een doctoraat over culturele en artistieke expressies van minderheden in Brussel

maart 2023-vandaag co-opdrachthouder namens de Brusselse regering voor B2030

Bio Jan Goossens

1971 geboren in Duffel

Studies literatuur en filosofie in Antwerpen, Leuven en Londen

2001-2016 artistiek directeur van KVS

2016-2022 directeur van Festival de Marseille

2015-vandaag codirecteur van Dream City in Tunis

2021-vandaag co-opdrachthouder van de Brusselse regering voor B2030

2016 en 2020 ‘chevalier’ en ‘officier’ des Arts et des Lettres van het Franse ministerie van Cultuur

Lees meer over:
Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content