‘België vraagt of opvolgers F-16 nucleaire wapens kunnen dragen’

Belgisch F-16-gevechtsvliegtuig © Belga
Dominique Soenens
Dominique Soenens Freelancejournalist

België vraagt in het lastenboek voor de opvolger van de F-16 naar de mogelijkheid om nucleaire wapens te dragen. Dat zegt kolonel Harold Van Pee in een gesprek met Knack.be. Het criterium zal wel heel weinig gewicht hebben in de totale afweging, voegt hij er aan toe.

De top van de Belgische Defensie loopt dezer dagen op de toppen van zijn tenen. België komt maar niet over de brug met zijn Request For Governmental Proposal (RFGP), het lastenboek waarin vastgelegd wordt aan welke vereisten het toestel moet voldoen dat België voor het eind van 2018 zal aankopen. Het document moest er al een tijdje zijn, maar de pensioenplannen voor het leger gooien roet in het eten. Toch is de RFGP is al klaar, zegt kolonel Harold Van Pee, die het vijfkoppige team leidt dat het aankoopdossier in goede banen moet leiden, in een gesprek met Knack.be. “Het ligt op het bureau van de minister.”

Eén van de hamvragen is: moet de opvolger van de F-16 nucleaire wapens kunnen dragen?

HAROLD VAN PEE: In het lastenboek zoals het nu voorligt, wordt er gepolst of er op termijn nucleaire wapens kunnen toegevoegd worden, ja. Maar er zal uiteindelijk héél weinig gewicht aan toegekend worden. Helemaal niets kan niet, anders zou het geen zin hebben om het criterium aan de lijst toe te voegen.

Als er nucleaire capaciteit gevraagd wordt, valt de Saab Gripen af. Zweden wil geen toestellen verkopen met nucleaire wapens.

VAN PEE: Nee, dat wil volgens mij niet zeggen dat Saab Gripen afvalt. Zoals ik zei: het is een criterium waar heel weinig punten zullen aan toegekend worden. Zo goed als geen. Saab is dus praktisch niet in het nadeel. Het toestel kan goed scoren op andere punten die zwaarder doorwegen. Ik ben overigens niet zeker dat ze dan afhaken, ik heb daar nog geen officiële communicatie over gehoord.

Er doen nogal wat geruchten de ronde dat de luchtmacht gewonnen is voor de F-35. De vraag naar nucleaire wapens zou ook in die richting kunnen wijzen.

VAN PEE:(maakt een boze grimas) Niemand van ons heeft ooit iets gezegd over een voorkeur voor de F-35. Dat idee blijft maar leven, zonder enig bewijs. Het zijn altijd maar verwijzingen naar mensen die dat gezegd hebben, zonder dat ze daar een bewijs voor gaven. We hebben geen enkele voorkeur. Ik kan het niet genoeg blijven herhalen.

Volgens Nederlands militair expert Christ Klep is de marktverkennende vragenlijst die jullie in 2014 uitstuurden op maat van de F-35 geschreven, omdat er verwezen wordt naar stealth, een capaciteit waar maar één toestel mee uitgerust is.

VAN PEE:Stealth is maar één eigenschap van de vele. Voor ons is dat niet het enige criterium om voor een toestel te kiezen. Bovendien moet je weten dat de aanwezigheid van stealth-technologie ervoor zorgt dat een toestel op andere punten verzwakt. Onderhoud valt een pak duurder uit en het integreren van andere systemen gaat moeilijker. Als Klep op basis daarvan zegt dat we de F-35 verkiezen, kan hij dat evengoed zeggen voor de Rafale of de Eurofighter. De andere kandidaten hebben al laten weten dat ze geen probleem zien. Dat stelt me gerust.

Michael Gilmore van het Pentagon schreef vorig jaar een vernietigend rapport over de F-35. Ook elders komen er verhalen over grote gebreken aan het toestel.

VAN PEE: We zijn daarvan op de hoogte. Wij moeten ons eerste toestel pas hebben in 2023. Het is beter dat er nu allerlei zaken aan de kaak gesteld worden dan later. Dan is de kans groter dat het tegen 2023 opgelost is. De vraag is vooral: hoe komt het dat het zo lang duurt tegen dat dat toestel ontwikkeld wordt? We willen niet dat het gebeurt als het 2023 is. We volgen dat van dichtbij op. Maar we weten dat er ook bij andere toestellen problemen zijn.

Zouden we met de F-35 niet ver boven onze stand leven, zowel financieel als operationeel?

VAN PEE: Dan weet u al hoeveel het toestel zal kosten en wat het allemaal zal kunnen. Ik wacht liever af tot daar meer duidelijkheid over is. In het lastenboek vragen we dat we gegarandeerd niet meer betalen voor het toestel dan de overheid waarmee we in zee gaan.

De vraag die iedereen zich stelt: waar blijft de RFGP, het lastenboek? Volgens sommigen komt de deadline voor een beslissing voor eind 2018 stilaan in het gedrang.

VAN PEE: Dat moet u vragen aan de politici. Het document is af.

De aankoop draait om miljarden. Er rust een zware druk op uw schouders.

VAN PEE: Jawel, maar ik vind het vooral een heel interessant en tof dossier. Het is een aankoop van overheid tot overheid, dat maakt het heel delicaat. Je moet aan een bevriende mogendheid zeggen: ‘Sorry, uw toestel was voor ons niet goed genoeg of was op zijn minst niet wat we zoeken.’ Dat ligt altijd heel gevoelig. Denemarken heeft dat niet zo handig aangepakt, met als gevolg dat Boeing er een rechtszaak van maakt. Een fout die we niet willen maken.

Vijftien miljard euro over een periode van veertig jaar: is dat niet veel voor een land als België?

VAN PEE:(zucht) Ook dat is zo’n verhaal dat een eigen leven is gaan leiden. Ik heb vorig jaar uitleg gegeven in De Kamer, omdat we transparant wilden zijn. Maar dan zie je dat er in de pers totaal andere cijfers opduiken. Dan is het lastig om transparant te blijven zijn. In dat bedrag zitten ook andere investeringen, werkingskosten voor de F-16, personeelskosten. Als je alles bij elkaar optelt dat aan een bepaalde gevechtscapaciteit gelinkt is, kom je uit op vijftien miljard euro over veertig jaar. Het totale defensiebudget voor die periode is honderd miljard, dat komt dus neer op vijftien procent. Maar dat is op basis van het huidige budget. Het defensieplan voorziet dat het budget zal opgetrokken worden en over veertig jaar zal gestegen zijn naar 182 miljard euro. Dat betekent acht procent van het totale budget. Waarom zeggen mensen dan dat wij het hele budget van defensie zouden opslorpen?

Ook de Belgische industrie volgt het dossier met argusogen. Wat mogen zij verwachten?

VAN PEE: Dat is moeilijk in te schatten. Het dossier is volledig anders dan indertijd bij de F-16. Dat programma heeft de Belgische industrie een enorme boost gegeven. Vandaag zijn we geen partner in het ontwikkelingsprogramma van eender welk vliegtuig en hebben we ook een Europese directieve van 2009 die ons verbiedt om expliciet economische return te koppelen aan het dossier. We spreken nu van maatschappelijke return, die onze industrie ten goede moet komen, en het wordt een belangrijk criterium voor ons. Alleen is het moeilijk om dat concreet in te vullen. We willen de Europese wetgeving zo ruim mogelijk interpreteren, zonder de link te verliezen met Defensie of de kans te lopen dat Europa ons terugfluit.

Partner Content