De geschiedenis van het Autosalon van Genève gaat terug tot april 1905. De jonge Zwitserse Automobielclub (ACS) slaagde erin 37 exposanten te overtuigen om deel te nemen aan de eerste Exposition Nationale Suisse de l'Automobile et du Cyclisme in een loods aan de boulevard Georges-Favon in de binnenstad van Genève. Het evenement trok meer dan 17.500 bezoekers en leverde een winst op van 15.000 Zwitserse franken. Een jaar later was het aantal bezoekers al gestegen tot boven de 30.000. Een blote vrouwenborst op de affiche zette echter kwaad bloed bij de conservatieve burgerij van Genève waardoor het autosalon in 1907 - noodgedwongen - naar Zurich verhuisde. Niet voor lang want in 1911 was iedereen die blote borst vergeten en keerde het evenement terug naar Genève. Voor één jaar, want de Eerste Wereldoorlog kondigde zich aan.
...

De geschiedenis van het Autosalon van Genève gaat terug tot april 1905. De jonge Zwitserse Automobielclub (ACS) slaagde erin 37 exposanten te overtuigen om deel te nemen aan de eerste Exposition Nationale Suisse de l'Automobile et du Cyclisme in een loods aan de boulevard Georges-Favon in de binnenstad van Genève. Het evenement trok meer dan 17.500 bezoekers en leverde een winst op van 15.000 Zwitserse franken. Een jaar later was het aantal bezoekers al gestegen tot boven de 30.000. Een blote vrouwenborst op de affiche zette echter kwaad bloed bij de conservatieve burgerij van Genève waardoor het autosalon in 1907 - noodgedwongen - naar Zurich verhuisde. Niet voor lang want in 1911 was iedereen die blote borst vergeten en keerde het evenement terug naar Genève. Voor één jaar, want de Eerste Wereldoorlog kondigde zich aan. In 1923 was het oorlogspuin geruimd en maakten gerenommeerde merken zoals Citroën, Fiat, Maybach én Rolls-Royce hun opwachting in Genève. De Tweede Wereldoorlog zorgde voor een tweede onderbreking maar in 1947 nam het organisatiecomité de draad weer op. Genève ontwikkelde zich hoe langer hoe meer tot de hoofdstad van de informele politiek, waar internationale verdragen werden ondertekend en alom gerespecteerde organisaties en instellingen een veilig en comfortabel onderkomen zochten. Omdat Zwitserland geen eigen autonijverheid bezit, kon geen enkel merk aanspraak maken op een voorkeursbehandeling of bevoorrechte standplaats in Palexpo, het multifunctionele tentoonstellingspark dat op 10 minuten wandelen ligt van de internationale vlieghaven. Een en ander verklaart hoe en waarom het Autosalon van Genève is uitgegroeid tot de jaarlijkse hoogmis van de professionals uit de internationale automobielwereld. Voor dit jaar rekenen de organisatoren op 700.000 bezoekers uit binnen- én buitenland. Die krijgen waar voor hun geld: 180 exposanten stellen zo'n 900 modellen tentoon, waaronder 148 wereld- en Europese premières (zie kader). Die staan dit keer echter in de schaduw van het nieuws over de overname van Opel door PSA. Drie weken geleden lekte uit dat PSA en GM geheime onderhandelingen voerden over een overname van Opel door PSA. Aanleiding was de beslissing van de GM-directie in Detroit om Opel in de etalage te zetten, na het zeventiende verliesjaar op rij van de Duitse autobouwer. PSA zag in de overname een kans om nieuwe markten te ontsluiten en zo de nummer twee in Europa te worden, voorbij aan de eeuwige concurrent Renault. PSA-topman Carlos Tavares heeft intussen zowel de Franse en Duitse regeringen als de vakbonden beloofd om de volgende jaren niet te raken aan de tewerkstelling. Over wat na 2020 gaat gebeuren, wordt luidop gespeculeerd. Op termijn gaat de overname wellicht banen kosten; zo wordt de toekomst van met name de Vauxhall/Opel-vestigingen in het Verenigd Koninkrijk - na Brexit - als hoogst onzeker bestempeld. Of de overname op termijn ook de definitieve redding van Opel zal betekenen, is vandaag koffiedik kijken. Overlopen we de lijst van de 148 premières (zie kader onderaan) dan springen enkele nieuwkomers in het oog, te beginnen met de Renault Alpine A110 waarmee de Franse constructeur zijn sportief imago wil versterken en terzelfdertijd hulde brengt aan het oorspronkelijke model dat in de jaren zestig en zeventig furore maakte in de autosportwereld. De 1969 exemplaren van de zogeheten Première Edition van de Alpine A110 waren in een paar uren uitverkocht. Nog voor die in de showroom staat, bezit die al de status van collectors item. Wat bewijst dat een betaalbare sportwagen mét allure begeestering en kooplust opwekt. Renault stelt in Genève ook een facelift voor van de Captur, een bestseller binnen het Renault-gamma die vanuit commercieel oogpunt wellicht nog belangrijker is voor de Franse constructeur dan de Alpine A110. Zwitserland is een toevluchtsoord voor miljardairs van alle slag. Sommigen weten echt geen weg met hun geld en dat verklaart de acte de présence in Genève van exclusieve merken en zeldzame modellen zoals de 100 procent elektrische Artega Scalo Superelletra en Rinspeed Oasis of de Aston Martin DB11 by Q, Ferrari 812, Lamborghini Huracan Superleggera, McLaren 720 S, Mercedes Maybach G650 4x42 Landaulet, Pagani Huayra Roadster, Pininfarina Fittipaldi Vision Gran Turismo, Sbarro Mojave, Scuderia Cameron Glickenhaus SCG003S, Spyker C8 Preliator Spyder en Zenvo st1. Het betreft stuk voor stuk opvallende creaturen en technologische masterpieces die op een beperkte oplage worden gebouwd, met een prijskaartje dat in de vele honderdduizenden loopt. Dat die in de meeste gevallen compleet ongeschikt zijn voor woon- en werkverkeer maakt niet uit voor de superrijken. Die zien de supersportwagens als een geldbelegging en/of collectors item en gebruiken voor hun dagelijkse verplaatsingen een private jet of gepantserde limousine met chauffeur. Focussen we op opvallende maar betaalbare nieuwkomers dan kunnen we hier niet voorbij aan de DS 7, Ford Fiesta ST, Kia Stinger Fastback, Opel Insignia Grand Tour en Crossland X, Mercedes E-klasse cabrio en VW Arteon. In het SUV-segment eisen de Volvo XC60 en Range Rover Velar alle aandacht op. Die laatste dicht de kloof tussen de Range Rover Sport en Evoque en vormt zo de vierde modellenreeks van het roemrijke Engelse merk. Dat is sinds 2008 eigendom van het Indiase Tata Motors Ltd. van de gelijknamige staalmagnaat. De typebenaming van de nieuwkomer verwijst naar het Range Rover prototype uit 1969. De Velar is een toonbeeld van tijdloze elegantie dankzij de combinatie van een sierlijk silhouet met perfecte proporties dat wordt geaccentueerd door spits toelopende lijnen aan de achterkant. Met een luchtweerstandscoëfficiënt van 0,32 is hij de meest gestroomlijnde Range Rover ooit. Binnenin overheersen eenvoud en raffinement. Het aantal schakelaars is tot een absoluut minimum herleid door de implementatie van het nieuwe Touch Pro Duo-infotainmentsysteem dat twee 10"" hogeresolutieschermen met aanraakbediening omvat. Die zijn naadloos geïntegreerd in het dashboard en verbreiden een gevoel van moderniteit, zonder dat zij afbreuk doen aan de functionaliteit en het gebruiksvriendelijk karakter van de nieuwkomer. Dankzij een ruim bemeten wielbasis van 2,874 meter beschikken zowel de bestuurder als zijn passagiers en hun bagage (673 liter) over een zee aan ruimte. Typisch voor het merk is de opmerkelijk korte draaicirkel van 11,5 meter. Als enige in zijn segment biedt de Velar een duurzame en hoogwaardige stoffen zetelbekleding uit gerecycleerde materialen, als alternatief voor leder. Vanzelfsprekend is de nieuwkomer uitgerust met de nieuwste veiligheids-en rijhulpsystemen én vierwielaandrijving met luchtvering. Door een bodemvrijheid van 251 mm en een doorwaaddiepte van 650 mm is hij - in de lijn van de Range Rover-traditie - ook geschikt voor off road. De Range Rover Velar staat vanaf juni in de showroom en vormt een verrijking voor het hogere SUV-segment. Met een basisprijs van 57.300 euro is hij echter geen spek voor ieders bek en dat geldt ook voor de Porsche Panamera Sport Turismo, een imposante maar niettemin elegante vierdeurs limousine met verbazingwekkende sportwagenkwaliteiten. Dromen mag.