Amnesty: ‘Staat van beleg in Oost-Congo moet afwijkende meningen zwijgen opleggen’

(Archiefbeeld) Scène na een zelfmoordaanslag in Beni, Noord-Kivu, Congo op 25 december 2021.

De staat van beleg die intussen al meer dan een jaar geldt in de twee Oost-Congolese provincies Noord-Kivu en Ituri moet vooral afwijkende meningen de kop indrukken. Dat besluit mensenrechtenorganisatie Amnesty International in een nieuw rapport. In de officiële lezing door Kinshasa kwam de staat van beleg er in de strijd tegen de talrijke rebellengroepen in Oost-Congo, maar de realiteit is dat het aantal burgerslachtoffers door gewapende groepen het voorbije jaar is verdubbeld.

Door begin mei vorig jaar de staat van beleg af te kondigen, kwam het bestuur van de twee provincies bij het leger. Bedoeling was zo de strijd tegen de vele rebellengroepen op te voeren en de burgerbevolking beter te beschermen. Maar cijfers van de Verenigde Naties tonen aan dat tussen juni 2021 en maart van dit jaar zeker 1.200 burgers omkwamen. In dezelfde periode een jaar eerder waren dat er 560, of minder dan de helft.

Het Amnesty-rapport leert dat de Congolese veiligheidsdiensten twee mensenrechtenactivisten hebben omgebracht en dat tientallen anderen worden vastgehouden op basis van verzonnen aanklachten. Militaire rechtbanken worden gebruikt om critici, zoals parlementsleden, pro-democratieactivisten en mensenrechtenverdedigers, te vervolgen, en dat in oneerlijke processen.
In het algemeen proberen de autoriteiten iedereen die verantwoording eist voor de acties van de staat het zwijgen op te leggen, besluit Deprose Muchena van Amnesty International. Wie kritiek heeft op de maatregelen, wordt als ‘vijand van de staat’ bestempeld.

Er zijn twee gevallen bekend van vreedzame actievoerders die omkwamen als gevolg van de harde repressie. Verder werden vier provinciale parlementsleden en één nationaal parlementslid opgepakt en vervolgd nadat ze zich hadden uitgesproken tegen de verslechterende veiligheidssituatie. Ook journalisten werden aangevallen, en die aanvallen zijn niet onderzocht. Volgens de organisatie Journalistes en Danger zijn al zeker drie journalisten vermoord sinds de afkondiging van de staat van beleg.

Het bestuur kwam door de noodtoestand dus in handen van het leger, maar militaire rechtbanken mogen sindsdien ook oordelen over strafrechtelijke zaken tegen burgers. Dat heeft het recht op een eerlijk proces sterk ondermijnd, stelt Amnesty vast. Tientallen mensenrechtenactivisten worden vastgehouden op verzonnen aanklachten. Onder hen zijn twaalf leden van jongerenbeweging Lucha die veroordeeld zijn tot een jaar cel wegens “oproepen tot ongehoorzaamheid van de wet”.
Amnesty wil daarom dat Congolees president Felix Tshisekedi alle mensenrechtenbeperkingen opheft. Daarnaast moet hij ervoor zorgen “dat de staat van beleg geen permanent regime wordt, door een duidelijk tijdschema op te stellen voor het beëindigen van de beperkingen”, aldus nog Muchena.

Partner Content