DIE FLAPTEKSTSCHRIJVERS ! Dat kwettert maar raak, dat woekert met dure woorden, dat misleidt tegen de sterren op. Een fraaie dosis gezwatel staat ook weer achterop “Ulverton”, het pas vertaalde prozadebuut van de dichter Adam Thorpe. “Ulverton” bundelt twaalf verhalen die spelen tussen 1650 en 1988 in het fiktieve Zuidengelse dorp Ulverton.

Op de flaptekst wordt daar het volgende van gemaakt : “Van de ruim driehonderd jaar historie die in dit boek worden doorlopen, is het dorp tegelijkertijd decor én hoofdpersoon. ” Thorpes verhaaltjes hebben helemaal geen historische dimensie, laat staan dat ze de historiek van een dorp of een streek zouden etaleren. De auteur heeft simpelweg twaalf taalspelerige stukjes geschreven : hij stelde elk verhaal in een ander register en imiteerde onder meer een briefwisseling, dagboekfragmenten, een preek en een skript.

LUCHT.

Op zich zijn die imitaties te vlak en te banaal voor woorden. Daarom moet zo’n flaptekst de potentiële lezer wel een overkoepelend geheel voorspiegelen : “Dit levert een rijk en hecht geheel vol verborgen zinspelingen op. ” Dat het met die rijkdom, die hechtheid en die eenheid van “Ulverton” nogal tegenvalt, had u al begrepen. En wat valt er aan “verborgen zinspelingen” te rapen ? Dat enkele verhalen gratuite referenties aan personages uit andere verhalen bevatten ? Dat er nogal wat over de schapenfokkerij geneuzeld wordt ? Dat de protagonisten uit een verhaal opzichtige Bijbelse namen torsen ? Dat in het slotverhaal ene Adam Thorpe, auteur, een met ironisch gehakkel doorspekt rolletje heeft ?

De lezer wordt voortdurend verrast door de werveling aan makke stompzinnigheden en ijle pretentie. Daarvoor had de flaptekst bij nader inzien mogelijkerwijs toch gewaarschuwd : “De lezer wordt voortdurend verrast en in een eigen creatieve rol geplaatst, als deelnemer aan het avontuur dat Ulverton heet. ” Zo gaat dat : als de samenhang tussen twaalf verhalen volstrekt zoek is, wordt de lezer in een kreatieve rol geplaatst. Bovendien moet dat alles als avontuurlijk beschouwd worden. Maar een avontuur, ach, dat kan “Ulverton” enkel zijn voor de schrijver, die een verzameling lucht bij zijn uitgever durfde in te dienen, voor de flaptekstschrijver, die dit keer wel biezonder sterk uit de hoek moest komen om iets wervends te verzinnen, en voor de vertalers, die een complexe reeks stijlen een Nederlands ekwivalent moesten geven.

Bart Vanegeren

Adam Thorpe, “Ulverton”, Nijgh & Van Ditmar, Amsterdam, 421 blz.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content