De hogescholen en de universiteiten liggen aan de uitritten van de informatiesnelwegen. De virtuele school komt er zo dadelijk aan.

?EEN STUDENT VOLGT zijn opleiding op zijn kamer, met behulp van zijn pc. Daarmee bestudeert hij zijn cursussen, waarover hij in elektronische vorm beschikt. Via het computernetwerk haalt hij alle nodige informatie op en blijft hij in contact met zijn lesgevers, ergens in de wereld. De computer kan een diagnose maken van een verkeerd begrepen deel van de cursus, suggereren wat de student verkeerd voorheeft, verwijzen naar verwante zaken die hij moet studeren, vragen stellen en de antwoorden analyseren… Met elektronische post kan hij interactief een discussie aangaan. Maakt dit zeer nabije toekomstbeeld de universiteit, als onderwijsinstelling, in het begin van de volgende eeuw overbodig ?” Rector Jacques Willems van de Universiteit Gent stelt zich de vraag.

Hij denkt van niet. ?Omdat de universiteit troeven kan uitspelen die een computersysteem niet heeft. Het is echter belangrijk deze aspecten van de computeruniversiteit, als meerwaarde, in de werkelijke universiteit te introduceren. Maar we moeten ervoor zorgen dat de universiteit van mensen superieur blijft tegenover de universiteit van computers.”

?Dat is de grote uitdaging,” bevestigt professor Georges Van der Perre van het Leuvens Instituut voor Nieuwe Onderwijsvormen (Linov) aan de KU Leuven. ?We moeten de universiteit van de toekomst uitvinden die de traditionele troeven, zoals het rechtstreekse en persoonlijke contact met de laboratoria, combineert met de nieuwe mogelijkheden van de multimedia en de telematica.”

Met multimedia bedoelt Van der Perre de integratie van beeld (video, grafieken), geluid (spraak, muziek…) en tekst (inclusief data) in één geïntegreerd systeem op een computer of via een combinatie van meerdere media. Het woord multimedia wordt veelal gebruikt in de context van een leerder die met een machine communiceert. Telematica is de verzamelnaam van telecommunicatie, communicatiemedia en datacommunicatie. Het woord verwijst naar intermenselijk contact.

VIRTUELE KLAS.

Netwerking via telematica maakt de uitwisseling van informatie en de online- en offline-communicatie tussen instellingen mogelijk. Ze brengt de idee virtuele universiteit of hogeschool binnen bereik. ?De docent van een hogeschool geeft les in een virtuele klas. De les wordt rechtstreeks uitgezonden via videoconferencing. Talrijke studenten kunnen ze rechtstreeks in beeld en klank op andere campussen meevolgen,” legt Van der Perre uit.

?Videoconferencing is niet zomaar een tv-uitzending van de ene naar de andere plaats. Het is een interactief gebeuren. Iedereen kan vragen stellen, alsof hij in zijn eigen leslokaal zit. Ik maak gebruik van videoconferencing in het kader van het al bestaande Trans-Europese netwerk EuroPACE 2000. De toepassing is uitermate geschikt voor de opleiding van doctorandi. Doctorandi zijn per definitie vrij geïsoleerd bezig. Het is haast onmogelijk om in eenzelfde universiteit genoeg doctorandi binnen een gespecialiseerd subvakgebied bij elkaar te krijgen. Het is ook niet te doen om speciaal voor die enkelingen een cursus te ontwikkelen. Op Europese schaal daarentegen vind je makkelijk een twintigtal mensen die met hetzelfde bezig zijn. Die kan je dan via videoconferencing samenbrengen. Hierdoor komen de studenten in contact met de beste vakspecialisten in Europa en met andere doctorandi in het buitenland. Via de telecommunicatie breng je de meerwaarde van de Europese dimensie binnen.”

Voor het onderwijs in de kandidaturen of licenties is videoconferencing nog een toekomstproject. Maar intussen spannen het Internet en het World Wide Web al een elektronisch rag boven de hogescholen en universiteiten. ?Videoconferencing vereist dat iedereen op hetzelfde moment aanwezig is, weliswaar op verschillende plaatsen,” zegt Van der Perre. ?Maar om de computernetwerken te gebruiken, moeten de studenten niet online zijn. Binnen de KU Leuven test ik mijn eigen cursus mechanica uit in een elektronisch monitoraat. Via het Internet kunnen studenten vragen stellen, opmerkingen maken bij de cursus, problemen bij het maken van oefeningen voorleggen,… Je zit dus in een virtuele klas. Een vraag van een student wordt zichtbaar voor de hele klas. In een gewoon monitoraat krijgt enkel de studiebegeleider de vraag te horen. In een elektronisch monitoraat kan je een bepaalde vraag van een student eerst voorleggen aan zijn medestudenten. Die kunnen een poging doen de vraag te beantwoorden, eer de professor de oplossing geeft.”

Kotnet is een experiment van Linov. De student zou vanop zijn kot toegang krijgen tot het Internet, de universiteitsbibliotheek en het elektronisch monitoraat. Het ligt niet in de bedoeling de klassieke cursussen via het Internet aan te bieden. Kotnet wil veeleer het interactieve stimuleren via discussiegroepen en vraag-antwoordmogelijkheden. Vandaag is het echter nog koffiedik kijken om te voorspellen wat morgen via het Internet mogelijk wordt.

G.D.M.

Telecommunicatie en videoconferencing dragen de meerwaarde aan van de Europese dimensie.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content