Made in Italy

© National

In Italië treedt de 68e regering sinds 1945 aan. Zoals na de verkiezingen werd verwacht, neemt radicaal-rechts het bestuur van het land in handen.

Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Vorige zaterdag reed Giorgia Meloni in haar Fiat 500 naar het presidentiële paleis in Rome om er de eed als eerste minister af te leggen. Ze vertrok er in een limousine, die iets meer bij haar nieuwe status past. Over de stemming in het parlement die deze week volgt, hoeft ze zich geen zorgen te maken: de meerderheid waarover de radicaal-rechtse alliantie van haar Fratelli d’Italia, de Lega van Matteo Salvini en Forza Italia van Silvio Berlusconi beschikt, is meer dan groot genoeg. Zo is Meloni de eerste vrouwelijke premier van het land. Wat niet wil zeggen dat ze ook een bijzonder vrouwvriendelijke politiek zal voeren. Haar nieuwe minister van Familiale Zaken, Nataliteit en Gelijke Kansen, de ultraconservatieve Eugenia Roccella, vond ooit dat abortus geen recht is. Op veel uitspraken over vrouwenrechten is Meloni zelf ook nog niet betrapt.

Het is nog maar de vraag of de eerste vrouwelijke premier een vrouwvriendelijke politiek zal voeren.

De opgang van Fratelli d’Italia is spectaculair. De partij werd pas in 2012 opgericht op de fundamenten van eerdere radicaal-rechtse partijen, die teruggaan tot de Movimento Sociale Italiano die in 1946 het gedachtegoed van Benito Mussolini verder wilde uitdragen. De Fratelli sprongen van 4 procent in 2018 naar 26 procent van de stemmen bij de verkiezingen op 25 september en overvleugelden daarmee hun alliantiegenoten. Dat maakte de regeringsvorming niet gemakkelijk. Vooral oud-premier Berlusconi had het er moeilijk mee dat hij niet meteen de portefeuilles kreeg die hij wilde. Hij noemde Meloni ‘arrogant’ en gooide haar nog een stevige stok tussen de benen toen uitlekte dat hij nog altijd cadeaus en kameraadschappelijke briefjes uitwisselt met Vladimir Poetin. Op een moment dat Meloni haar best deed om er de Verenigde Staten en de NAVO van te verzekeren dat ze de trans-Atlantische politiek van haar voorganger Mario Draghi zou voortzetten, was dat voor haar allerminst een cadeau.

Berlusconi kreeg de portefeuille van Justitie niet voor zijn partij. Aangezien er nog onderzoeken tegen hem lopen, was de vraag ook een beetje doorzichtig. Met oud-voorzitter Antonio Tajani van het Europees Parlement krijgt hij wel de minister van Buitenlandse Zaken. Met die aanstelling laat Meloni Brussel weten dat ze geen anti-Europese koers zal varen. Lega-leider Salvini wilde graag opnieuw minister van Binnenlandse Zaken worden. Hij krijgt Infrastructuur en houdt daarmee controle op de havens, die hij ooit sloot voor schepen die migranten op zee hadden gered.

Het is deze week precies honderd jaar geleden dat de mars op Rome van de fascistische zwarthemden Mussolini aan de macht bracht. Meloni spreekt vandaag niet dezelfde taal. Ze kan ook niet zonder de Europese miljarden die Draghi voor Italië in de wacht heeft gesleept. Commissievoorzitster Ursula von der Leyen feliciteerde de nieuwe premier. Maar zeker van een voor Europa goede afloop in Rome is Brussel niet. Overigens paste het medianummertje met de Fiat 500 mooi in het scenario: Meloni maakte in haar regering ook plaats voor een nieuw ministerie dat producten Made in Italy moet promoten.

© REUTERS
Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content