‘Jij bent genoeg’

Ambrose Akinmusire © EMI
Bart Cornand
Bart Cornand Redacteur Knack

Ambrose Akinmusire is een man met een plan.

‘N aw, Brah. We don’t do that in here.’ Terence Blanchard (op 10 juli te zien op Gent Jazz), trompettist en tot voor kort directeur van het Thelonious Monk Institute in Californië, is een man van de parler vrai. Zeker tegenover leerlingen van wie hij veel verwacht. Zijn pupil Ambrose Akinmusire had de gewoonte opgevat om tijdens concerten eerst enkele eigenzinnige riedels te spelen, onmiddellijk gevolgd door een klassieke quote ‘om mensen te laten horen dat ik mijn geschiedenis ken’. Blanchard: ‘Fuck everybody, man. This is your time. You’re you. You’re enough.’

Akinmusire, 28 pas, heeft geen gebrek aan mentors gehad. Toen hij 19 was, nam Steve Coleman hem mee op tournee. Later volgden Herbie Hancock, Wayne Shorter en Jason Moran, die hem een rol toebedeelde in zijn multimedia-evenement In My Mind: Monk at Town Hall, 1957. En die nu, naast Akinmusire, coproducer is van When the Heart Emerges Glistening, zijn debuut op Blue Note (in 2008 verscheen het haastige Prelude: to Cora op Fresh Sound New Talent, waar de trompettist niet echt trots op is).

Alwéér een glimmend jong talent? Hebben we al geen Christian Scott, geen Jeremy Pelt, geen…? Natuurlijk wel. Maar hebben die ook een plan dat verder gaat dan de strakste hengst van de buurt te zijn? Akinmusire wel – daartoe verplicht door mentor Coleman. Hij plakte boodschappen aan de muur van zijn studeerkamer. ‘Ik wil niet beperkt worden door mijn instrument.’ En: ‘Ik wil klinken als een hoornspeler.’

Luttele jaren later klikt de Californiër bovenal als een teamspeler. De kracht van deze opmerkelijke cd zit ‘m namelijk in het symbiotische samenspel tussen Akinmusire, tenorist Walter Smith III, pianist Gerald Clayton, bassist Harish Raghavan en drummer Justin Brown. Afgemeten aan het aantal solo’s zou dit net zo goed een release van Smith kunnen zijn, maar het leiderschap van Akinmusire zit vooral in diens koppigheid en narrativiteit. Luister naar opener Confessions to My Unborn Daughter. Na een powersolo van Smith komt de trompet binnen. Geen klaroenstoot, geen keihard statement want-dit-is-toch-mijn-debuut-op-mijn-droomlabel, maar fluiterend, bijna atonaal gestotter. Luister naar My Name is Oscar, waarop de trompettist met lijzige stem een ‘gedicht’ reciteert over de zwarte jongen Oscar Grant, die in 2009 door een agent werd doodgeschoten – alleen ondersteund door een vurige drumtrack van Brown, die eronder werd geplakt (Liefhebbers herkennen deze techniek van Jason Morans cd Artist in Residence, al blijft Akinmusires parlando dichter bij het geneuzel van de Rive Gauche dan bij Joan Jonas). What’s New, de enige standard op deze plaat en met Moran aan de piano, breidt het spectrum dan weer mooi uit naar de traditie van Clifford Brown. Geschiedenis en toekomst, samengebald in een debuut-cd? Gaat u daar maar eens voor zitten. In De Werf in Brugge, bijvoorbeeld.

AMBROSE AKINMUSIRE, WHEN THE HEART EMERGES GLISTENING, BLUE NOTE/EMI.

CONCERT: MAANDAG 16 MEI, DE WERF, BRUGGE (MET KWINTET); DONDERDAG 7 JULI, GENT JAZZ, GENT (IN DE BAND VAN MICHEL PORTAL).

Bart Cornand

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content