‘Er zitten hier enkele zotten om de verkeerde redenen’

GEORGISCHE VRIJWILLIGERS IN KIEV 'Zij hadden geen training meer nodig.' © BelgaImage
Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Twee weken geleden sloot de Vlaming Jean-Louis zich aan bij het Vreemdelingenlegioen in Oekraïne. ‘Het Russische leger heeft geen schijn van kans.’

Jean Louis (zijn volledige naam is bekend bij de redactie) is een 52-jarige Vlaming die twee weken geleden naar de ambassade van Oekraïne in Brussel trok om zich te informeren over het nog op te richten Vreemdelingenlegioen. We kunnen hem bellen via Signal, een platformonafhankelijke en versleutelde berichtenservice. Hij is een van enkele duizenden Europeanen die zich vrijwillig meldden om mee te gaan vechten bij het Oekraïense leger.

En zeggen dat het niet helemaal gepland was. ‘Toen ik naar de ambassade van Oekraïne ging, was ik helemaal niet zeker of ik wel wilde vertrekken’, vertelt hij. ‘Het was vooral nieuwsgierigheid die mij dreef. “Wat willen die mannen?”‘

De West-Vlaming volgde nooit een militaire opleiding, maar werkte jarenlang in oorlogsgebieden. Zo was hij vijftien jaar lang actief in Afghanistan, onder meer als logistiek specialist. ‘Ik werkte nog samen met ons ministerie van Buitenlandse Zaken, en nam deel aan een missie naar Afghanistan met toenmalig minister van Defensie Pieter De Crem (CD&V).’ Jean Louis beschrijft zijn leven daar als ‘redelijk avontuurlijk’. ‘De wereld waarin ik leefde, was spannend en zéér dynamisch. Ik was verantwoordelijk voor grote budgetten en balanceerde soms op de rand van het wettelijke, maar dat kan daar haast niet anders. Je moet een oorlogssituatie meegemaakt hebben om goed te beseffen wat zich daar allemaal afspeelt. In het Engels zeggen ze: “Sometimes you need to do bad to do good.”

Sommige Belgen zijn lid van een schietclub en denken dat ze op een soort vakantiekamp zijn vertrokken waar ze op Russen mogen schieten.

Toen hij een tijd geleden naar België terugkeerde, schrok hij van wat hij de ‘zelfgenoegzaamheid’ noemt. ‘België was niet langer het land waaruit ik was vertrokken. Ik voelde mij hier niet meer op mijn plaats.’ Het vervolg kennen we nu.

Hoe werd u ontvangen op de ambassade?

Jean Louis: Zeer professioneel. Ik sprak een uur met de Oekraïense militaire attaché. Hij was onder de indruk van mijn ervaring in conflictsituaties. Op het einde van het interview vroeg hij of ik bereid was om het groepje Belgen dat wilde meevechten onder mijn hoede te nemen, hen veilig naar zijn land te begeleiden en hen daar ook een beetje in het oog te houden.

Waarom vroeg hij dat?

Jean Louis: Tja, er zitten gasten tussen die volgens mij niet goed beseffen waaraan ze zijn begonnen. Er zijn ook enkele ‘zotten’ bij die ik eerlijk gezegd niet geschikt acht voor dit soort werk. Sommigen zijn lid van een schietclub en denken dat ze op een soort vakantiekamp zijn vertrokken waar ze ter ontspanning op Russen mogen schieten.

Toch hebt u die opdracht aanvaard?

Jean Louis: Ik heb mij op woensdag 2 maart aangeboden op de ambassade, en een dag later vertrokken we met een busje naar Oekraïne. Eerst heb ik de militaire attaché nog gevraagd welke plannen ze hadden met dat Vreemde-lingenlegioen. Of ze de buitenlandse strijders bijvoorbeeld zouden gebruiken om de publieke opinie te beïnvloeden.

Hoe bedoelt u?

Jean Louis: Ze zouden beelden van dode buitenlandse strijders kunnen verspreiden om Europese regeringsleiders aan te zetten tot meer militaire hulp, om maar iets te zeggen. Ik wil daar niet gaan dienen als kanonnenvlees.

U verblijft ondertussen in een kazerne in Oekraïne?

Jean Louis: In een relatief veilig deel van Oekraïne, maar ik mag niet zeggen waar. Er zijn ontzettend veel Russische spionnen in dit land, en ook de Russische ambassade in Brussel kan dit lezen. Ik wil geen luchtaanval op mijn makkers op mijn geweten hebben. Er is hier al genoeg spanning.

Wat gebeurt daar precies?

Jean Louis: We krijgen nu een opleiding van een maand. Dat betekent dat de legerleiding denkt dat dit conflict niet snel voorbij zal gaan. Mijn groep wordt een van de speciale compagnies in het reguliere Oekraïense leger. Ze zal bestaan uit tien pelotons. Een andere Vlaming is aangesteld tot pelotoncommandant. We moesten enkele dagen geleden allemaal een contract ondertekenen bij het leger en krijgen dezelfde soldij als de Oekraïense soldaten: 1900 dollar. Al wordt dat geld pas na enkele maanden uitbetaald.

Hoeveel Belgische en buitenlandse strijders zijn daar in het kamp?

Jean Louis: In mijn kamp ongeveer 250, onder wie een twintigtal Belgen en voor de rest opvallend veel Britten, maar eigenlijk is elk Europees land hier goed vertegenwoordigd. Ik ben zelfs al Syriërs tegengekomen. In het begin waren hier ook Georgiërs die in hun eigen land al hebben gevochten tegen het Russische leger, maar zij zijn al na enkele dagen vertrokken naar het front. Zij hadden geen training meer nodig. Het was indrukwekkend om die gasten bezig te zien. Daar zullen de Russen de handen vol mee hebben. Zoals mijn kamp zijn er heel wat verspreid over dit gigantische land, heb ik gehoord. Ik vermoed dat er ondertussen toch enkele duizenden buitenlanders getraind worden voor het Vreemde- lingenlegioen.

'Er zitten hier enkele zotten om de verkeerde redenen'
© Getty Images/iStockphoto

Hoe verloopt de training?

Jean Louis: Ik ben hier niet de enige met ervaring in oorlogsgebieden. Er zijn ook veel veteranen uit andere oorlogen. Zij hebben zich meteen aangepast aan de militaire structuur, maar er zijn wel al enkele incidenten geweest met de onnozelaars die denken dat ze hier met vakantie zijn. Het leger heeft er al een paar teruggestuurd. Gisteren moest ik nog tussenbeide komen omdat een Belg het kamp wilde verlaten om ‘op stap te gaan’. Je moet weten dat hier een avondklok is ingesteld vanaf 22.00 uur. Wie dan op straat rondloopt, riskeert een kogel van een Russische sniper of van het Oekraïense leger. Ik zou liever hebben dat de Oekraïense ambassades wat selectiever te werk gaan.

Hebt u al iets van de oorlog gezien?

Jean Louis: Nee, we zitten nog ver van het front, maar het luchtalarm is wel al enkele keren afgegaan. Op weg hiernaartoe zag je ook eindeloze files van radeloze burgers die met have en goed het land proberen te ontvluchten. Als je dat ziet, weet je meteen waarom je hier bent.

Is het Oekraïense leger voldoende uitgerust?

Jean Louis: We kregen gisteren allemaal een kalasjnikov, maar nog geen kogels. Misschien maar goed ook, want de meesten van ons hebben nog nooit zo’n wapen in handen gehad. De trainers willen eerst dat we het wapen goed hebben leren kennen. Aan het front moet je kunnen rekenen op de soldaat naast je.

Is er nog ander militair materieel?

Jean Louis: Ik ben onder de indruk van de professionaliteit van het Oekraïense leger, zeker qua training en het integreren van al die vreemde strijders, maar er is een groot tekort aan wapens en materieel, zowel offensief als defensief. Ik heb het dan niet alleen over mitrailleurs, maar ook over draagbare antitankwapens enzovoort. We hebben ook dringend nachtkijkers, kogelwerende vesten en communicatiemiddelen nodig. Geld en soldaten zijn hier meer dan genoeg.

Wat gaat u de komende weken doen?

Jean Louis: Verder trainen, en ik hoop zo snel mogelijk naar het slagveld te mogen vertrekken. Het moreel onder de troepen is zeer goed. Ondertussen help ik mijn Belgische commandant bij het opzetten van enige structuur in ons peloton. Ik ben een manusje-van-alles geworden. Ik probeer bijvoorbeeld ook om een soort militaire politie op te starten. Als we straks een Russische soldaat gevangennemen, is het niet de bedoeling om hem aan de eerste de beste boom op te hangen, zoals ik sommigen hoor zeggen. Ik ken een beetje oorlogsrecht en wil hen dat bijbrengen.

Gaat Vladimir Poetin deze oorlog winnen?

Jean Louis: Het Russische leger heeft geen schijn van kans.

Waarom niet?

Jean Louis: Tot voor kort dacht ik dat Poetin een rationele dictator was, maar wat hij nu doet, is pure waanzin. Hij bombardeert onschuldige burgers, moeders met hun kinderen. Zo heeft hij precies het tegenovergestelde bereikt van wat zijn oorspronkelijk doel was, namelijk van Oekraïne opnieuw een vazalstaat maken. Wat hij nu doet, is er ver over. Ik vrees dat hij het hele land kapot gaat bombarderen, net zoals het Russische leger dat deed met sommige steden in Syrië en Tsjetsjenië. Maar uit die ruïnes zal een groot en sterk land opstaan. Je ziet ook dat Poetin in eigen land steeds meer problemen begint te krijgen. Hoelang zullen zijn generaals dat tolereren? Zij weten zeer goed dat je zo’n oorlog niet kunt winnen: dat hebben ze niet zo lang geleden meegemaakt in Grozny.

Legt u dat even uit.

Jean Louis: De hoofdstad van Tsjetsjenië werd omsingeld en platgebombardeerd, maar toen het Russische leger de stad introk, liep het in een hinderlaag van supergemotiveerde opstandelingen. Een groot deel van de Russische troepen werd toen gedood. Dat scenario kan zich herhalen in Kiev. Een leger kan geen oorlog winnen tegen burgers die veranderen in zelfmoordcommando’s.

Bent u niet bang om te sneuvelen?

Jean Louis: Nee. Als je naar hier komt, weet je dat die kans bestaat, maar dan sterf je tenminste voor een goed doel. Ik doe dit om de Oekraïense burgers een hart onder de riem te steken, om hen te tonen dat Europa hen niet in de steek laat.

U hebt nog een dochter in België. Wat vindt zij hiervan?

Jean Louis: Ik heb haar daarnet nog gebeld. Ze is bezorgd, maar staat achter mijn beslissing.

Beseft u dat veel Belgen niet zullen begrijpen waarom u hier bent?

Jean Louis: Dat zal wel. Ik begrijp de laksheid van sommigen van hen ook niet. Vorig jaar heb ik kanker overwonnen. Dit zal ook wel lukken. En als het straks vrede is, blijf ik misschien wel om te helpen bij de wederopbouw. Ik ben hier gelukkig.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content