‘Een eigen stek is goud waard’

Laurent Dissarto-Martinez © FRANKY VERDICKT
Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Je kunt er in Brussel niet naast kijken: het aantal daklozen neemt er toe. Met 5500 zijn ze intussen, een verdriedubbeling sinds 2008. De Brusselse organisatie Straatverplegers probeert te helpen met kleine modulaire woningen op braakliggende terreinen. De bewoners betalen 310 euro per maand. ‘Om in aanmerking te komen hoef je niet met je verslaving of andere problemen te hebben afgerekend,’ zegt medewerker Maxime Bonaert, ‘maar je moet wél administratief in orde zijn.’ Expert Koen Hermans van de KU Leuven vindt het ‘een waardevol experiment voor een specifieke groep van langdurig thuislozen’.

Laurent Dissarto-Martinez (43) ‘Ik bouw nu een nieuw bestaan op’

‘Ik groeide op in de schaduw van Pairi Daiza, maar ik heb nog maar weinig contact met mijn familie. In 2016 zat ik een extreme stress-situatie: als magazijnier werd ik door mijn baas geterroriseerd en de eigenaar van mijn huurflat, die op de bovenverdieping woonde, bespioneerde me onophoudelijk. In een vlaag van paniek heb ik alles achtergelaten, zelfs al waren er geen vrienden of verwanten om op terug te vallen. Twee jaar lang woonde ik in het park van Vorst, met een paar bijeengesprokkelde spullen. Het ergste waren de eenzaamheid en de onveiligheid. Ik was soms zo bang dat ik me in de struiken verstopte.

‘Ik ben nooit verslaafd geweest aan alcohol of drugs. Ik besefte heel goed dat alle kansen op een nieuw leven dan verkeken zouden zijn. Dat nieuwe bestaan bouw ik nu gaandeweg op. Sinds eind vorig jaar woon ik hier. Deze plek is geweldig, ik heb zorgvuldig gewerkt aan de inrichting ervan. Zo keek ik naar talloze video’s op internet om zelf boekenkasten te maken in recup-materiaal. De volgende stap is opnieuw een baan vinden. Ik wed dat me het binnenkort lukt.’

Francis Michel (61) ‘Mijn eigen huisje, daar verlang ik naar’

Michel werd in Congo geboren en vestigde zich na de onafhankelijkheid met zijn ouders in Brussel. Door schulden, alcoholverslaving en een echtscheiding belandde hij decennia geleden voor het eerst op straat. Twintig jaar lang hing Michel in Parijs rond. Sinds oktober 2020 heeft hij onderdak bij de hulporganisatie Poverello. ‘Materieel ontbreekt het me aan niets, maar de sfeer is verschrikkelijk. Ik deel er het leven met een antisemiet, een gierigaard, een als christen vermomde jood en de uitvinder van het verticale bed. Als je die man moet geloven, dan heeft hij zelfs in de Iran-Irakoorlog (1980-1986) meegevochten. Ik kan al die conversaties niet meer verdragen, ze doen me denken aan de speelplaats van de lagere school. Mijn eigen huisje, daar verlang ik naar. In mei krijg ik een modulaire woning. Alleen zijn, mijn problemen aanpakken, mijn jongste zoon wat vaker zien. En over een paar jaar? Muziek is mijn grote passie, ik was lange tijd dj. De hedendaagse muziek ken ik niet, maar het zou geweldig zijn om retroavonden te organiseren.’

Francis Michel
Francis Michel© FRANKY VERDICKT

Robert Muylaert (60) ‘Ik doe het met zo’n 10 blikjes Cara Pils per dag’

‘Twintig jaar heb ik op straat doorgebracht. Het begon toen mijn vrouw vertrok. Het appartement stond op haar naam, ik had geen inkomen. Ach, het is geen slecht leven, weet je. Ik heb veel gereisd, alles gezien. Eerst Brussel-Zuid, dan Brussel-Centraal, Brussel-Noord, het Luxemburg-station en uiteindelijk metrohalte Diamant. Tal van vrienden zitten daar nog steeds. Ik zoek ze vaak ’s middags op, maar tegen donker wil ik thuis zijn om op tv naar films te kijken.

‘Momenteel doe ik het met zo’n 10 blikjes Cara Pils per dag. Er is altijd drank geweest, als tiener al proostte ik met mijn vader. Ik probeerde talloze keren te ontwennen – zo ontmoette ik mijn intussen overleden tweede vrouw. We hebben een zoon van dertien, hij woont in Tubeke bij oma en is gelukkig. Ik bel hem af en toe.

‘Ik woon nu al drie jaar in een module. Een eigen stek hebben is goud waard. En de hulpverlening is prima, ik word geholpen met doktersafspraken, de sociaal werkers komen vragen of ik wel goed eet. En soms vind ik een klaargemaakte maaltijd op de stoep. Geweldig toch?’

Robert Muylaert
Robert Muylaert© FRANKY VERDICKT
Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content