Pieter-Paul Verhaeghe
Pieter-Paul Verhaeghe
Stadssocioloog UGent en lid van de denktank Poliargus.
Opinie

11/07/16 om 10:21 - Bijgewerkt op 12/07/16 om 08:48

'Ook in België kriebelt het bij velen om de gestrekte middelvinger op te steken'

Het openlijke racisme dat volgde op het brexit-referendum is dan wel in de scherpste bewoordingen af te keuren, de onderliggende motieven zijn begrijpelijk, aldus stadsocioloog Pieter-Paul Verhaeghe (UGent en lid van Poliargus). Hij schetst de twee drijfveren van de onvrede.

'Ook in België kriebelt het bij velen om de gestrekte middelvinger op te steken'

Extreemrechtse politici Marine Le Pen (Front National) en Tom Van Grieken (Vlaams Belang), de Italiaanse populist Beppe Grillo (Vijfsterrenbeweging) en de radicaalinkse Raoul Hedebouw (PTB): elk op hun manier vertolken ze een zeker ongenoegen bij de Europese kiezer © Belga/Reuters

Het waren geen mooie taferelen, de eerste dagen na de brexit. Het straatbeeld in verschillende Britse steden werd ontsierd met racistische slogans. Poolse kinderen werden op de speelplaats uitgescholden. Het aantal gerapporteerde haatmisdrijven bij de politie steeg sterk. Tijdens het referendum had een kleine meerderheid van de Britten voor de uitstap uit de Europese Unie gestemd en zo eens goed hun gedacht gezegd over wat ze van het Europese project met zijn arbeidsmigratie vonden. Door de brexit was het hek van de dam.

Onder deze laag van rauw racisme zitten echter twee dieperliggende oorzaken. Twee oorzaken die ook in de rest van Europa, waaronder België, een politieke vertaling kunnen krijgen. In plaats van geringschattend te doen over de mensen die voor een brexit kozen, kunnen politici beter de onderliggende drijfveren serieus nemen.

Sociaaleconomische oorzaak

Eén van de opmerkelijkste zaken bij het Britse referendum was de sociaaleconomische breuklijn. Kort samengevat: de arbeidersklasse stemde overwegend voor de uitstap, terwijl middenklassers meer pro de Europese Unie waren.

Het stemgedrag van veel arbeiders is niet onbegrijpelijk. Zij betalen steeds meer de rekening van de globalisering en deïndustrialisering van de afgelopen decennia. Stabiele jobs in de fabriek verdwenen en in de plaats kwam er slecht betaald en flexibel werk, of in het ergste geval zelfs helemaal geen werk. In het Verenigd Koninkrijk werd deze problematiek door zowel de pers als de eurokritische partij UKIP gekoppeld aan de Europese arbeidsmigratie. Het resultaat van deze explosieve cocktail: de uitstap uit de Europese Unie.

Delen

'Ook in België kriebelt het bij velen om de gestrekte middelvinger op te steken'

Simpele oplossingen voor deze complexe problematiek bestaan er niet. De strijd tegen sociale dumping is zeker een eerste goede stap. De oneerlijke concurrentie tussen Europese lidstaten op vlak van loon- en arbeidsvoorwaarden zorgt immers voor een neerwaartse sociale spiraal waar niemand beter van wordt.

Maar het stoppen van deze sociale dumping biedt nog geen oplossing voor een andere uitdaging, zijnde het toenemende gebrek aan goede jobs voor arbeiders in Europa. Het werk van steeds meer arbeiders wordt door machines overgenomen, en wat niet geautomatiseerd kan worden, verhuist dikwijls naar het Verre Oosten. Deze automatisering en globalisering zijn moeilijker een halt toe te roepen.

Een veelbelovende piste is het investeren in lokale maakindustrie, zeg maar de Middeleeuwse ambachten in een hedendaags kleedje. Deze industriële tak ontwerpt hoogkwalitatieve producten, vaak op maat gemaakt van lokale of regionale afnemers. Deze jobs kunnen minder gemakkelijk geautomatiseerd of geherlokaliseerd worden. Ik geloof sterk in deze piste, want het zorgt voor duurzame en goede jobs voor arbeiders. Het vermindert bovendien fors de ecologische voetafdruk van onze industrie. Het vergt wel een serieuze mentaliteitswijziging bij de consument. Hij moet bereid zijn om een hogere prijs te betalen voor een beter product. Hij moet bijvoorbeeld de Primark en H&M willen inruilen voor lokale kleermakers. Een ander knelpunt is dat niet iedereen dit financieel aankan. Zolang bepaalde arbeiders tewerkgesteld zijn in slecht betaalde flexi- of mini-jobs kunnen zij niet de lokale maakproducten kopen en bijgevolg bijdragen aan de oplossing van hun probleem.

Tussen Dorps- en Wetstraat

Een tweede oorzaak van de brexit is het diepgewortelde wantrouwen tegenover de politieke klasse en alles wat naar het establishment ruikt. Men mag deze oorzaak niet onderschatten.

Veel mensen zijn de politici gewoonweg beu. Ze geloven hen niet meer. De vele politieke schandalen en gebroken beloftes hebben beslist hun rol gespeeld, maar een diepere sociologische reden is dat politici steeds minder ingebed zijn in het middenveld, bestaande uit buurtverenigingen, vakbonden, sociale bewegingen en andere organisaties.

Dit brede middenveld heeft een dubbele functie: het houdt politici bij de les, maar zorgt ook dat burgers verbonden blijven met de politiek. Ze vormen de brug tussen de Dorps- en de Wetstraat.

Delen

'In veel Europese landen staat deze dubbele rol van het middenveld onder druk'

In veel Europese landen staat deze dubbele rol van het middenveld onder druk. Nog weinig toppolitici gaan een pint gaan drinken met een vakbondssecretaris of wonen een avondlijke vergadering van een lokale vereniging bij.

Langs de andere kant haakt ook de burger af. Voornamelijk de arbeidersklasse neemt minder deel aan het verenigingsleven dan vroeger.

Als anti-establishment kiezer heb je dan twee opties: ofwel kies je voor een protestpartij, ofwel ga je gewoonweg niet stemmen. In het Britse referendum ging circa 72% van de stemgerechtigden uiteindelijk stemmen. Dat percentage ligt lager dan de circa 84% bij de federale verkiezingen van 2014 in België, maar is relatief hoog in een land zonder opkomstplicht. Het politieke wantrouwen uitte zich dus vooralsnog in het stemhokje.

John, Pavel en Ahmed

Ik keur het openlijke racisme na de brexit in de scherpste bewoordingen af, maar ik begrijp de onderliggende motieven. In feite kunnen John en Kevin evengoed Pavel of Ahmed heten. Het zijn objectieve bondgenoten. Ze vinden elkaar in hun gebrek aan een reëel perspectief op sociale vooruitgang en hun stevig anti-establishment gevoel.

In het Verenigd Koninkrijk werd dit geprojecteerd op de Europese Unie tijdens het referendum, maar in andere landen zoeken ze een andere eurokritische uitlaatklep, gaande van de groeiende populariteit van Marine Le Pen in Frankrijk en Beppe Grillo in Italië tot de grote steun voor de extreemrechtse presidentskandidaat Nobert Hofer in Oostenrijk. Ook in België kriebelt het bij velen om de gestrekte middelvinger op te steken. Het Vlaams Belang, de meest eurokritische partij van het land, groeit in de peilingen. Aan Franstalige kant weet de PTB met een kritische boodschap voor het establishment aan populariteit te winnen.

Onze partners