Frank Willems
Frank Willems
Gewezen voorzitter van de Vereniging België-China en redacteur van chinasquare.be
Opinie

10/03/14 om 16:35 - Bijgewerkt om 16:40

De rivaliteit tussen de VS en China is geen ver-van-ons-bed-show

Het Chinese defensiebudget neemt dit jaar met 12,2 procent toe. Het Gele Gevaar 2.0? Chinakenner Frank Willems vindt dat de echte dreiging juist uitgaat van de Amerikaanse containmentstrategie.

De rivaliteit tussen de VS en China is geen ver-van-ons-bed-show

De Chinese president Xi Jinping © AFP

Het Chinese parlement houdt zijn voltallige zitting. Op de agenda onder meer het budget 2014, waarin het aandeel van de legeruitgaven 12,2% groter wordt. Wordt China een militair gevaar? Vergeleken met de VS is China een militaire dwerg. Het militaire budget bedraagt een vijfde van het Amerikaanse. We kunnen ook een andere vergelijking maken: De VS geven even veel uit aan hun leger als de veertien daaropvolgende landen samen. Per hoofd van de bevolking besteedt China op India na het minst van de top 15 landen. In procenten van het bnp geeft zelfs Japan, dat officieel geen leger heeft, meer uit.

Is China van plan landen militair te bedreigen, binnen te vallen of 'regime change' af te dwingen? Officiële verklaringen hebben het consequent over de vreedzame vooruitgang van China. China zweert bij het principe van niet-inmenging in andere landen, het recht van elk land om zijn eigen toekomst te bepalen. Niet echt de woorden van een land dat in de regio wil tussenkomen of zijn belangen met geweld wil behartigen En de daden? Op deelname aan enkele UNO-vredesmissies na, heeft China geen basissen of geen troepen in het buitenland.

Legt China territoriale claims op de buurlanden? De lange grenzen met Rusland en de Centraal-Aziatische staten liggen onbetwist vast. China onderhoudt goede betrekkingen met Noord- en Zuid-Korea en er zijn geen grensgeschillen. Met India zijn er geschillen rond grote stukken nauwelijks bewoond en moeilijk bereikbaar berggebied, een erfenis van het gulzige Britse kolonialisme. Sinds de kortstondige oorlog van 1963 aanvaarden beide landen de status-quo: China bestuurt een door India geclaimd gebied in het Noordwesten en India bestuurt een door China geclaimde zone in het Noordoosten. Ze zijn het erover eens dat er geen militaire confrontatie meer komt. Maar wat dan met de strubbelingen op zee?China heeft een geschil met Japan over enkele onbewoonde rotsen in de Oost-Chinese Zee, met de Filippijnen en Vietnam over nauwelijks boven de zeespiegel uitkomende atollen in de Zuid-Chinese zee. Op zichzelf niet belangrijk, maar wel met visrechten en misschien gas of olie onder de zeebodem. Het zijn oude kwesties en het is hoogst twijfelachtig of een van partijen alleen daarvoor een militaire confrontatie wil riskeren. Voor de Zuid-Chinese Zee is in afwachting van een oplossing in 2002 door alle partijen een Code of Conduct ondertekend.

Maar waarom dan meer geld voor het leger? De regering legt de nadruk op het defensieve karakter van het leger en op de kosten van de modernisering. In de praktijk bouwt China zijn klassieke leger af: het aantal manschappen moet 10% naar beneden tot twee miljoen. De investeringen gaan naar cybertechnologie, ruimtetechnologie, en vooral naar de ombouw van een uitgebreide kustwacht tot een echte vloot met bijbehorende luchtmacht. China heeft in 2013 zijn eerste vliegdekschip in gebruik genomen (een onafgewerkt Sovjetschip van rond 1990). Intussen bouwt het zelf twee nieuwe carriers en zijn er nog één of twee gepland. China heeft enkele maanden geleden een hypersonische raket getest. En einde februari is een nieuw comité van leidende figuren gevormd dat van China een cybermacht moet maken.

Militaire investeringen hebben een doel. Vanuit dat besef is het interessant de bedoelingen van Beijing te leggen naast die van Washington. De VS ziet met lede ogen dat zijn positie van grootste economie zwakker wordt. China wipt misschien al in 2018 over de VS. Economische achteruitgang brengt politiek machtsverlies mee, zo leert de geschiedenis.

Onder de Clintonadministratie stonden de voorstanders van containment van China (het opkomende land met alle middelen inperken) en engagement (samenwerken in de hoop China te kunnen controleren) tegenover elkaar. De oorlogsstrapatsen van Bush jr. lieten geen ruimte om China aan te pakken. Robert Kaplan publiceerde in 2005 wel een ophefmakend artikel: "Hoe we tegen China zouden vechten". Obama heeft zich door Hillary Clinton laten overtuigen om resoluut te kiezen voor containment, de intussen beruchte 'Asia pivot', de draai naar Azië, zeg maar. Het Amerikaanse leger en de vloot worden teruggetrokken uit het Midden-Oosten en verhuizen naar Oost-Azië en de Stille Zuidzee. De VS werkt aan het Trans Pacific Partnership, een vrijhandelsassociatie met landen rond de Stille Zuidzee, waar China niet aan mag deelnemen. De Amerikaanse diplomatie wakkert de sluimerende conflicten in de regio tegen China aan. In Japan veroorzaakt de zwakke economische toestand een heropleving van het militarisme, met een eerste minister die voor het eerst sinds lang opnieuw een gedenkplaats bezoekt waar ook zware oorlogsmisdadigers geëerd worden, en kabinetsleden die de Japanse misdaden uit de oorlog ontkennen. Die Japanse regering nationaliseert in 2012 de betwiste rotseilandjes in de Oost-Chinese Zee en haalt zo een bevroren conflict uit de koelkast. De VS bevestigen op hun beurt dat de eilandjes Japans gebied zijn en onder het Amerikaans-Japans defensieverdrag vallen. Als het tot een treffen komt tussen Japan en China zal de VS meevechten aan de kant van Japan, zo is er toegezegd. De VS heeft met Australië de oprichting van een nieuwe Amerikaanse militaire basis in het Noorden afgesproken. De VS moedigt de Filippijnen aan om agressiever tegen China op treden in de Zuid-Chinese Zee. Meer dan 20 jaar na de sluiting van de Amerikaanse basis is er een nieuw akkoord gesloten over 'semipermanente' aanwezigheid van Amerikaanse troepen. Ook Vietnam krijgt diplomatieke steun tegen China, plus een aanbod tot militaire samenwerking. De Vietnamezen houden dat ongetwijfeld als troef achter de hand om China tot toegevingen te bewegen in hun bilaterale besprekingen over grensproblemen. Ongeveer hetzelfde gebeurt met India, dat van de VS samenwerking voor kernwapens aangeboden kreeg. Myanmar, van oudsher in de Chinese invloedssfeer, werd door de VS van de ene dag op de andere omgetoverd van dictatuur in democratie en overladen met dollars om de Chinese invloed te stuiten. In Taiwan en in Zuid-Korea lijken de Amerikaanse verleidingspogingen minder succesvol dan vroeger. De snelle economische integratie van de afgescheurde eilandprovincie met de Volksrepubliek, en de voordelige zakelijke samenwerking met de zuidelijke helft van Korea gaan hand in hand met politieke ontspanning.

De grootste zorg van Beijing is de VS-poging om China zoveel mogelijk af te remmen en in te dammen, ook militair. De Chinese defensieplannen worden, in dat perspectief geplaatst, al heel wat begrijpelijker. Het Amerikaanse rakettenschild maakt de beperkte Chinese kernafschrikkingsmacht irrelevant. Maar Chinese hypersonische raketten maken het rakettenschild zelf irrelevant. Beijing was al vóór Snowden overtuigd dat cybernetica de sterkte en de achilleshiel van het moderne leger is; een nieuwkomer zoals China vertrekt op dat terrein bovendien met minder achterstand dan op het vlak van de klassieke bewapening.

Blijft de uitbouw van de Chinese vloot. De Chinese economie is meer op buitenlandse handel gebaseerd dan de Amerikaanse. De buitenlandse handel bedraagt zowat 60% van het bnp. De routes naar het Midden-Oosten, Afrika en Latijns-Amerika lopen allemaal via oceanen waar de Amerikaanse vloot heer en meester is. Alle olie uit het Midden-Oosten moet door de smalle straat van Malakka. En daar blijft het niet bij. China is omringd door de Gele Zee, De Oost-Chinese zee en de Zuid-Chinese Zee, zeeën op het continentale plat, omgeven door een gordel van eilanden. In die zeeën is de Amerikaanse vloot heer en meester. De eilanden behoren stuk voor stuk tot met Washington bevriende naties. En het aantal scheepsdoorgangen naar de oceaan is beperkt. Zo loopt de doorgang tussen Japan en Taiwan in de buurt van de betwiste Diaoyu/Senkaku eilanden. Dat maakt die eilanden al veel minder onbenullig, en de betwisting erover meer dan een nationalistische opstoot. In geval van conflict kan de VS-vloot gemakkelijk een blokkade rond China aanleggen. Beschermen van de handelsroutes en uitbreiden van de eigen veiligheidsperimeter tot aan de eilandengordel zijn de redenen waarom China een volwaardige vloot wil.

Als de situatie in Azië in wezen draait om de rivaliteit tussen de VS en China, dan is dit geen ver-van-ons-bed-show. Ons lidmaatschap van de NAVO, de modernisering van de kernwapens in Kleine Brogel, de eventuele aankoop van nieuwe straaljagers, maken ons tot medespelers. Europa heeft de kans mee te surfen op de vreedzame ontwikkeling van China. Het kan echter ook meegezogen worden in de Amerikaanse containmentstrategie, met alle gevolgen van dien.

Lees meer over:

Onze partners