Frank Hellemans
Frank Hellemans
is redacteur Boeken van Knack.be
Opinie

18/10/10 om 17:37 - Bijgewerkt om 17:37

Water naar de zee

Hoe kun je de literatuur en de kunsten het best ondersteunen: via rechtstreekse subsidies aan de scheppende kunstenaar of door projectfinanciering en professionele structuren?

Hoog bezoek aan de Frankfurtse boekenbeurs twee weken terug. Vlaams minister-president Kris Peeters nam een dag de tijd om zijn licht te laten schijnen over de Vlaamse boekensector. Op de heenreis legden Geert Joris en Karel De Boeck, respectievelijk algemeen directeur en voorzitter van de raad van bestuur van Boek.be, de minister geduldig uit dat de boekensector volop gaat voor digitalisering en ook probeert om de literaire cultuurindustrie op de kaart te zetten.

Voor Peeters is 'de creatieve cultuurindustrie' een haast magisch begrip, dat hij graag in de mond neemt. Financiering van de sector heeft alleen zin wanneer van onderuit vernieuwende projecten worden klaargestoomd. Een raad van wijzen kan die gedurende een opstartfase financieel begeleiden, aldus Peeters. Hij riep ook op om vanuit de literatuur met één stem te spreken en contact te zoeken met andere spelers in de media-, muziek- en kunstenwereld om één krachtige, welja, creatieve cultuurindustrie uit te bouwen.

Wie de versnippering in de Vlaamse boeken- en kunstenwereld kent, weet dat Peeters de komende jaren met andere woorden niet al te veel geld zal hoeven te spenderen. Allicht komt hem dat in deze crisistijden ook goed uit.

Carlo Van Baelen, directeur van het Vlaamse Fonds voor de Letteren (VFL) dat met zijn vier miljoen euro werkingsgeld de zwaarste speler in het letterkundige veld is, stond erbij en keek ernaar. In 2009 keerde het VFL voor 3,2 miljoen euro overheidsmanna uit, waarvan minstens de helft aan schrijvers van allerlei signatuur. In de toekomst wil het VFL ook focussen op e-literatuur en overleg binnen de eigen sector. Maar over de wenselijkheid en aard van die subsidies wordt vooralsnog met geen woord gerept.

Wordt het niet hoog tijd om de geldstromen die nu rechtstreeks naar de kunstenaars worden doorgesluisd, te heroriënteren? Sommige handige auteurs/kunstenaars met een BVBA-statuut strijken met hun dans- en theaterproducties jaarlijks enkele tienduizenden euro's aan creatiepremies (bijvoorbeeld van Sabam) op én krijgen daar van het Fonds nog eens een vergelijkbaar bedrag bovenop. Zoals sommige dokters-BVBA-houders voor hun kinderen studiebeurzen claimen en krijgen, zo ontvangen deze fiscale artiesten op die manier onverantwoorde bonussen. Dat is water naar de zee dragen.

Dergelijke subsidies zouden beter naar de basisinfrastructuur van de sector vloeien, bijvoorbeeld door uitgevers veel meer rechtstreeks te subsidiëren. Dat uitgevers daarbij eveneens zelf moeten blijven investeren, ligt voor de hand. Maak dus werk van gemengde publiekprivate financiering, zoals minister van Media Ingrid Lieten deed door 4 miljoen euro toe te schuiven aan de tv-productiehuizen. En zorg voor meer performante structuren binnen het literair-culturele huishouden, in plaats van simpelweg eurobiljetten uit te delen. De fiscale hervorming van het auteursrecht waarbij schrijvers als natuurlijke personen maximaal 15 procent belastingen hoeven te betalen, is zo'n stap in de goede richting. Wedden dat die slagkrachtige, creatieve cultuurindustrie, met de letteren als volwaardige partner, er dan veel vlugger zou kunnen komen?

Frank Hellemans

Onze partners