25/01/11 om 10:34 - Bijgewerkt om 10:34

Toch maar verfondsen?

De blinde saneringen en de ad-hocbeslissingen van minister van Cultuur Joke Schauvliege zorgen voor ontreddering in de cultuursector.

Er woedt in het land van de culturo's al decennialang een principiële discussie. Het ene kamp vindt dat de politiek zich niet met de inhoud van kunst moet bezighouden. De beslissing over wie subsidie krijgt, moet worden genomen door autonome fondsen. Vergelijk het met de VRT die een beheersovereenkomst sluit, daarvoor geld krijgt, maar zelf beslist welke programma's gemaakt worden en door wie.

Het andere kamp vindt dat 'het primaat van de politiek' altijd moet overheersen. Minister van Cultuur Joke Schauvliege (CD&V) mag zich dus wel laten adviseren door kenners uit de sector, maar neemt uiteindelijk zelf de beslissing. Het uitgeven van belastinggeld moet democratisch gecontroleerd worden.

Pascal Gielen, een briljante Vlaamse cultuursocioloog die al enige tijd in Groningen doceert, behoorde vroeger tot het tweede kamp. In zijn boek Esthetica voor beslissers (2001) toonde hij zich een fervent tegenstander van 'verfondsing'. Cultuurfondsen zouden broeihaarden van vriendjespolitiek zijn. Bovendien was de cultuuradministratie professioneel genoeg om de decreten die de willekeur van de minister aan banden leggen, te doen naleven.

Onder Anciaux leek het kamp van Pascal Gielen (waartoe ondergetekende zich ook rekende) het te halen. De flamboyante cultuurminister bezondigde zich weleens aan vriendjespolitiek, maar hij was vooral een allemansvriend. Iedereen blij dus.

Onder Joke Schauvliege is de sfeer veranderd. Zij bewéért wel dat haar besparingen objectief zijn, toch gebeuren er elke dag hemeltergende zaken. Een voorbeeld: tijdens de zomer neemt de kunstenadministratie contact op met vijf organisatoren van beeldendekunstenmanifestaties. Ze werken samen een dossier uit voor 2012. Dat wordt door de ministers van de regeringstafel geveegd wegens te duur. Gent speelt cavalier seul en slaagt er dankzij plat lobbywerk in om 1 miljoen euro binnen te halen. De andere projecten (in Genk, Antwerpen, Turnhout en aan de kust) blijven met lege handen achter. En met een financiële kater, want zij hebben op instigatie van de administratie keurige dossiers voorbereid, met gesubsidieerde stafmedewerkers. Weggegooid geld.

Pascal Gielen geeft in een interview in rekto:verso (te lezen op www.rektoverso.be) nog een voorbeeld: 'Eerst de hele sector saneren en dan geld geven aan het Concertgebouw in Brugge. Op welke cultuurlegitieme grond werd die beslissing genomen.?' Gielen heeft zijn mening over 'het primaat van de politiek' herzien. 'Politici worden wel verkozen, maar als ze vijf jaar over een beleidsterrein mogen gaan waar ze niets van kennen, noem ik dat veleer schijndemocratie. Dan geloof ik dat een zelforganisatie van de culturele sector toch betere democratie oplevert.'

Hij pleit voor een veelheid van fondsen, ook per sector. Sterke, door de overheid betoelaagde sectorfondsen (film, theater, letteren, ...) geflankeerd door fondsen van lokale besturen en private fondsen zorgen voor een grote diversiteit. Projecten die in het ene fonds geweigerd worden, krijgen dan toch elders een tweede kans.

De cultuursector heeft weinig keuze. Het huidige beleid lijdt onherroepelijk tot verschraling. Jammer genoeg is er van het mobiliseren van privékapitaal voor mecenaat in ons land nog niet veel in huis gekomen.

Karl van den Broeck

Onze partners