Guy Verhofstadt (Open VLD)
Guy Verhofstadt (Open VLD)
Voorzitter liberale ALDE-fractie Europees Parlement
Opinie

14/06/17 om 16:13 - Bijgewerkt op 15/06/17 om 13:43

'We zijn niet alleen een Unie van geld maar ook van waarden'

'Het Europese asielbeleid is gebrekkig', zegt Guy Verhofstadt, ALDE-voorzitter en Europarlementslid voor Open VLD. 'Maar dit mag absoluut geen excuus zijn voor Polen, Hongarije en Tsjechië om zich deloyaal op te stellen door het spreidingsplan voor vluchtelingen niet mee uit te voeren.

'We zijn niet alleen een Unie van geld maar ook van waarden'

© Reuters

De grote fout die de Hongarije, Polen en Tsjechië gemaakt hebben, is de categorische weigering om ook maar één vluchteling die via Italië of Griekenland is binnengekomen, op te vangen. Of in het geval van Tsjechië: het te beperken tot twaalf. Lidstaten kunnen altijd hun bezwaren uiten en de gevraagde inspanning naar beneden onderhandelen, maar luid 'neen' roepen en de deur dichtslaan is niet hoe we met elkaar zaken doen in de Unie.

Oostenrijk heeft bijvoorbeeld ook lang het been stijf gehouden, maar is wel altijd aan tafel blijven zitten met een compromis tot gevolg. Hongarije, Tsjechië en Polen hadden dit net zo moeten doen door bijvoorbeeld bijkomende screenings of andere veiligheidsgaranties te eisen. Ze hadden kunnen vragen om de vluchtelingen enkel op de vangen onder het statuut van 'tijdelijke bescherming'. Ook over het aantal vluchtelingen had dus onderhandeld kunnen worden. Per slot van rekening spreken we over enkele honderden mensen, geen duizenden, die momenteel in Griekenland en Italië zitten en een nieuw thuisland moeten krijgen. Het zou zijn alsof België morgen het Groei- en Stabiliteitspact aan zijn laars zou lappen in plaats van te onderhandelen over de moeilijke maatregelen die nodig zijn om de begroting op orde te krijgen.

Delen

We zijn niet alleen een Unie van geld maar ook van waarden

Guy Verhofstadt

Toch gaat de Europese Unie zelf niet helemaal vrijuit. Het Europese spreidingsplan hangt met haken en ogen aan elkaar. Toen de vluchtelingencrisis op haar hoogtepunt was, in 2015, lanceerde de Europese Commissie een ambitieus plan met drie fases. Eén: een Europese Grens- en Kustwacht. Twee: een gemeenschappelijke asielprocedure voor heel Europa. En drie: een Europees spreidingsplan. Deze drie opeenvolgende fases zouden het kapotte Dublin-systeem moeten vervangen door goed geolied Europees asielbeleid. Helaas bleek dat te hoog gegrepen voor onze staats- en regeringsleiders die fase 1 en 2 afschoten maar wel de derde fase, het spreidingsplan, goedkeurden. Hiermee spanden we het paard achter de wagen.

De derde fase heeft enkel zin indien ook de eerste twee fasen worden uitgevoerd: een ordentelijke opvang en registratie van de vluchtelingen aan de grenzen, een onderscheid makend met economische migranten die terug gestuurd kunnen worden. Dat is echter nooit gebeurd. Men heeft het op een bedenkelijk akkoord gegooid met de Turkse President Recep Tayyip Erdogan die het grootste deel van ons vuil werk moet opknappen. De Unie kwam niet verder dan een embryonale grens- en kustwacht die het vandaag moet stellen met een schamel budget van 245 miljoen euro. Ter vergelijking: hun Amerikaanse collega's spenderen meer dan 30 miljard dollar aan de bewaking van hun buitengrenzen.

Het is wel degelijk een probleem dat vele Europese lidstaten - waaronder Polen en Tsjechië - geen vat hebben op de Europese buitengrenzen die slecht bewaakt worden, terwijl wij vrij verkeer van personen hebben. Het gros van de lasten voor de Europese grensbewaking komt bij Griekenland en Italië te liggen, terwijl het een Europese verantwoordelijkheid is. Wie voet aan grond zet in Griekenland, zit immers virtueel in Stockholm.

We mogen van de Oost-Europese lidstaten geen boemannen maken. De economische draagkracht van deze landen is nog altijd een pak kleiner dan deze van de Noord- en West-Europese lidstaten. Ze kampen bovendien met hun eigen influx van Russische en Oekraïense migranten en vluchtelingen. Maar dat alles mag geen excuus zijn om geen inspanning te moeten leveren. De Europese Unie komt met voordelen, zoals de structuurfondsen, maar ook met verplichtingen. Als we met z'n allen afspreken dat het onze plicht is vluchtelingen uit oorlogsgebieden op te vangen, moet elke lidstaat zijn bijdrage leveren. Wie enkel bij de Unie komt voor het geld zit niet op zijn plaats. We zijn een Unie van waarden en elke lidstaat dient gemaakte afspraken uit te voeren.

Vooral in het geval van Polen en Hongarije begint de zaak zorgwekkende proporties aan te nemen. Zij hebben immers al een 'inbreukprocedure' lopen voor het muilkorven van de media en het ondermijnen van de rechterlijke onafhankelijkheid. Dit is het zoveelste opzettelijke misstap door twee conservatieve regeringen die er hun 'fond de commerce' van hebben gemaakt om 'Brussel' te schofferen. Dergelijke kortzichtige, populistische politiek hoeven we niet te pikken.

Maar we moeten ook verder kijken dan de 'inbreukprocedure'. Dat wil zeggen: een snelle en gedecideerde uitbouw van de Europese grens- en kustwacht zodat we precies weten wie er binnenkomt. Er moeten ook uniforme asiel- en migratieregels komen zodat wie binnen mag een statuut krijgt dat in de hele Unie op dezelfde wijze erkend wordt. Enkel zo zal het spreidingsplan voor vluchtelingen de symptoombestrijding overstijgen en een logisch sluitstuk van het Europees asielbeleid worden.

Onze partners