Walter Pauli
Walter Pauli
Redacteur Knack
Opinie

02/10/14 om 07:03 - Bijgewerkt om 07:07

Welke harde oppositie zal SP.A voeren: gratuite of verstandige?

In haar drang om stemmen te winnen, verloor de SP.A kiezers met tienduizenden tegelijk. Wat ze nu vooral níét mag doen, is opnieuw in de klassieke val trappen: die van de behaagzucht - dit keer van de misnoegden. Dat is het verschil tussen een gratuite en een verstandige vorm van harde oppositie.

Welke harde oppositie zal SP.A voeren: gratuite of verstandige?

SP.A'ers Freya Van den Bossche, John Crombez, Ingrid Lieten, Fatma Pehlivan, Bruno Tuybens, Bruno Tobback en Dirk Van der Maelen. © BELGA

Nog voor de centrumrechtse federale coalitie helemaal een feit is, staan de Vlaamse socialisten paraat om keihard oppositie te voeren. Ook de Vlaamse regering-Bourgeois I nemen ze onverbiddelijk op de korrel. In een parlementaire democratie is dat logisch en zelfs zindelijk. Zoals Randolph Churchill, de vader van Winston, het formuleerde: the duty of an opposition is to oppose.

Bovendien zijn veel Vlaamse socialisten niet meer te beroerd om toe te geven dat ze de voorbije jaren ver waren afgeweken van de eigen politieke principes. Freya Van den Bossche verwoordt dat in Knack zo: 'We deden te vaak een beroep op polls en peilingen om te weten welke maatregelen goed in de markt lagen. Het criterium was: wat vinden de mensen? Ik heb vaak gezien dat op basis van zo'n poll werd besloten om een bepaald standpunt niet te vertolken.' In haar drang om stemmen te winnen, verloor de SP.A kiezers met tienduizenden tegelijk. Zelfs met honderdduizenden. In 2003 overtuigden de Vlaamse socialisten nog 979.750 kiezers. Op 24 mei 2014 bleven er daar nog 595.486 van over. Dat is een negatief saldo van 384.264 stemmen, of een verlies van net geen veertig procent van het electoraat. Voor een stuk werd dat dus opgeofferd op het altaar van de behaagzucht.

Vandaar dat de meeste SP.A'ers vandaag pleiten voor een radicale terugkeer naar de linkse roots. En ze vertalen dat in rucksichtslos protest tegen de nieuwe centrumrechtse regeringen, Vlaams en federaal.

Dat lijkt een voor de hand liggende strategie. Waarom zou de SP.A achterblijven als de cultuursector protesteert en de vakbonden betogen? En niet alleen de harde militante kern kwam al op straat, maar ook de politie en het VRT-personeel. En straks volgen betogingen van onderwijzers, studenten, provinciale ambtenaren en elke andere groep die zich benadeeld weet door het nieuwe besparingsbeleid. Nog voor ze goed en wel gevormd zijn, staat de centrumrechtse regeringen een hete herfst te wachten. Natuurlijk wil en kan een linkse oppositie dan niet afwezig blijven.

De komende jaren moet er ingeleverd worden, een echte verrassing is dat niet. Met die amper verbloemde boodschap hebben de nieuwe regeringspartijen op 24 mei trouwens de verkiezingen gewonnen. Toen De Standaard de concrete factuur van Bourgeois I voorrekende, bedroeg de inlevering voor een gemiddeld gezin met twee kinderen een goede 300 euro per jaar. Dat is ruim 25 euro per maand.

Voor de onderklasse die geen cent kan missen, is dit slecht nieuws. Voor de brede middenklasse dreigt niet meteen een hongerwinter. Maar er komen natuurlijk nog meer inleveringen. Gezinnen met twee kinderen in het hoger onderwijs, zullen ongeveer 600 euro aan hogere inschrijvingsgelden mogen betalen. Mogelijk volgt er ook een indexsprong, wordt er gekort op pensioenen en uitkeringen en bespaard in de gezondheidszorg. De totale rekening kan pijnlijk oplopen. En mensen die, als direct of indirect gevolg van die bezuinigingen, ook nog eens hun baan kwijt raken - in het onderwijs, in de administratie, bij ondergeschikte besturen, in de sector van zorg of cultuur - dreigt het nieuwe regeringsbeleid zuur op te breken.

Maar zelfs in deze omstandigheden moet een sociaaldemocratische partij als de SP.A zich afvragen of alleen luid 'nee' roepen de beste vorm van oppositie is. Freya Van den Bossche spreekt opnieuw haar waardering uit voor de verguisde Frank Vandenbroucke. Hij blijft het schoolvoorbeeld van de politicus die sociale bescherming koppelt aan maatschappelijke verantwoordelijkheid. Ook in de oppositie zou hij zich afvragen welke inlevering unfair is of welke inlevering de zwakkeren te hard treft. Maar tegelijk zou hij het debat niet uit de weg gaan om de begroting op koers te houden. En hij zou geen krokodillentranen plengen voor geschrapte kostenposten die voor de sociale welvaarsstaat meer een last zijn dan wat anders.

Wat de SP.A vooral níét mag doen, is opnieuw in de klassieke val trappen: die van de behaagzucht - dit keer van de misnoegden.

Dat is het verschil tussen een gratuite en een verstandige vorm van harde oppositie.

Onze partners