Walter De Smedt
Walter De Smedt
Strafrechter op rust en de enige Belg die ooit zowel lid was van het Comité P, dat de politiediensten controleert, als het Comité I dat de veiligheidsdiensten controleert.
Opinie

25/03/16 om 10:55 - Bijgewerkt om 11:48

Open brief aan Koen Geens: 'Maak een einde aan de straffeloosheid'

Walter De Smedt, strafrechter op rust, schrijft een open brief aan minister van Justitie Koen Geens (CD&V). Hij wil weten 'of straffen nu wel of niet uitgevoerd worden en wat er nog strafwaardig zal zijn' en vraagt de minister om een einde te maken aan de straffeloosheid.

Open brief aan Koen Geens: 'Maak een einde aan de straffeloosheid'

Voormalig minister van Financiën Koen Geens © belga

Op 28 mei 2009 sprak ik als strafrechter in functie een drugsverslaafde vrij omdat de vorige veroordeling van achttien maand niet was uitgevoerd. De veroordeelde was gewoon terug op straat gezet zodat hij opnieuw dezelfde feiten pleegde.

Het was gewoon de uiting van mijn bezorgdheid over de gevolgen van de wijze waarop vonnissen werden uitgevoerd, of liever, niet werden uitgevoerd. De justitieminister had daarover kunnen nadenken en kunnen nagaan of zijn beleid niet aangepast kon worden. De heer De Clerck (oud-minister van Justitie Stefaan De Clerck, nvdr.) deed evenwel wat anders: hij vroeg en verkreeg mijn vervolging wegens rechtsweigering, zodat ik verplaatst werd en ik als een crimineel voor het Hof van Beroep werd gebracht. Ondanks een vrijspraak, werd ik door de Antwerpse korpsoversten belet om opnieuw correctioneel te zetelen.

Wat zette de justitieminister aan om op die wijze tussen te komen in een lopend gerechtelijk dossier? En waarom misbruikte de procureur-generaal het misdrijf rechtsweigering om aan de vraag van de minister gevolg te kunnen geven? Zowel de justitieminister als de procureur-generaal als ikzelf handelden toch om dezelfde reden: besef van verantwoordelijkheid? Het is de verantwoordelijkheid van de strafrechter om voor iedere beklaagde de meest aangewezen sanctie te zoeken. Het is de verantwoordelijkheid van de justitieminister en zijn procureur-generaal om die straf uit te voeren.

Mag een strafrechter er op wijzen dat hij niet meer in staat is zijn verantwoordelijkheid ten overstaan van de bescherming van de maatschappij na te komen omdat de andere partners in het veiligheidsbeleid dat niet of onvoldoende doen? En in welk regime leven wij indien dergelijke wanhoopskreet beantwoord wordt door strafrechtelijke vervolging? Toonde dit niet aan dat het beleid zelf wel wist dat het zo niet verder kon en was dergelijke ongepaste actie dan geen paniekreactie die tot doel had gewettigde kritiek in de kiem te smoren?

Blind

Wat is er de afgelopen vijftien jaar gebeurd dat het politiek beleid van de niet-uitvoering van straffen tot drie jaar, zoals de heer Geens beweert, naar de uitvoering van alle en zelfs van de kleine straffen, is gekomen?

Delen

Worden straffen nu wel of niet uitgevoerd, en wat zal er nog strafwaardig zijn?

De hertekening van het justitielandschap van Stefaan De Clerck bleef in de kartons zitten. De reorganisatie van Turtelboom was een begin van hervorming. Daardoor werd de gerechtelijke organisatie van een bottom-up naar een top-down organisatie gebracht, werd de collegialiteit in de rechtbank vervangen door de versterkte macht van de korpsoversten, en werd met de oprichting van een college van hoven en rechtbanken voor een eengemaakte algemene rechtsspraak gezorgd

Deze organieke wijziging die tot doel had de onwillige rechter in de pas te doen lopen was een voorbereiding op de echte hervorming en die wordt nu door de uitvoering van het plan Geens volop doorgezet. De heer Geens doet het evenwel handig. Zijn plan wordt verhakkeld en vermengd in potpourri-teksten geserveerd: iedere dag een druppel gaat makkelijker door de strot van het parlement en heeft als voordeel dat het grotere werk, de herziening van de strafwet en de strafprocedure nadien niet meer kan ontsporen. De communicatie over wat aan de gang is, is al even onduidelijk: worden straffen nu wel of niet uitgevoerd, en wat zal er nog strafwaardig zijn?

Enkelband

Vraag mij niet aan de burger uit te leggen op grond van wat veroordeelden kunnen vrij komen: 's morgens weet ik niet meer wat er in de loop van de dag door één of andere potpourri-maatregel zal worden gewijzigd. Mag ik er uit besluiten dat wat ik als strafjurist niet meer kan opvolgen, door de parlementairen die dat allemaal stemmen wél wordt begrepen?

Delen

Het aanleggen van een enkelband is geen straf en zal het nooit zijn

Eén ding is mij evenwel duidelijk: het aanleggen van een enkelband is geen straf en zal het nooit zijn. Hooguit is het een bestuurlijke maatregel die toelaat toezicht uit te oefenen op wat wél een straf is en dat is het huisarrest. Verschil is dat je voor het opleggen van een huisarrest een rechter nodig hebt. Maar de minister wil geen rechters meer, want dat zijn wereldvreemde wezen die niet de nodige opleiding en kennis hebben. Rechters doen ook niet altijd wat het politiek beleid wil en zij durven effectieve straffen opleggen hoewel het politiek beleid door de herziening van de strafwaardigheid het strafrecht wil verburgerlijken.

Drama

Het was te voorzien. Meer nog, wie het dagelijks met de ogen op de feiten moest aanzien, kon er niet naast kijken. Het politiek beleid deed dat wél. Want onze parlementairen leven in een cocon, de kloof met de burger werd steeds groter. Zij worden niet zoals de strafrechters steeds weer geconfronteerd met de miserie van de burger zoals die uit menig dossier blijkt of met de noodzaak om de maatschappij te beschermen tegen de gevaarlijke veel plegers die door de uitvoerende macht ondanks een duidelijk gerechtsdossier, een publiek debat en een gemotiveerde beslissing, gewoon terug de straat worden opgezet.

Ondanks de herhaalde noodkreten van een onder gefinancierde en jaren lang verwaarloosde justitie blijft het politiek beleid doorgaan op de weg van de afbouw van een grondwettelijke macht die daardoor niet meer in staat is zijn opdrachten na te komen en de burger te geven waar hij recht op heeft: veiligheid en orde.

Laat mij, mijnheer de justitieminister, duidelijk zijn: berg uw plannen tot herziening van de strafwaardigheid en tot reductie van het strafrecht op. Zorg ervoor dat uw macht doet wat het moet doen, en dat is uitvoeren wat de wetgever maar ook wat de rechter heeft beslist. En vooral: maak een einde aan de steeds verder gaande straffeloosheid.

Onze partners