Ludwig Vandenhove
Ludwig Vandenhove
Voorzitter van B Plus
Opinie

17/07/17 om 14:45 - Bijgewerkt om 14:51

'Hervorming kinderbijslag is meer van hetzelfde'

'Was de regionalisering van de kinderbijslag eigenlijk wel nodig?', vraagt Ludwig Vandenhove, voorzitter van B Plus, zich af. 'Is een kind in Brussel, in het Duitstalige landsgedeelte, in Wallonië en in Vlaanderen niet gelijkwaardig?'

'Hervorming kinderbijslag is meer van hetzelfde'

© iStock

Sedert de 6de staatshervorming is de organisatie van de kinderbijslag gesplitst. De Vlaamse en de Duitstalige gemeenschap, het Waalse gewest en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie in Brussel kunnen nu een aparte regeling uitwerken. Verandert er veel? Ideologisch niet. Blijkbaar spelen eerder budgettaire en pragmatische factoren.

Delen

Was de regionalisering van de kinderbijslag eigenlijk wel nodig?

Neem nu de situatie in Vlaanderen. In het huidige systeem stijgt de kinderbijslag naarmate er meer kinderen in het gezin zijn. Vanaf 2019 krijgt elk nieuw kind 160 euro, of het nu in een arm of rijk gezin geboren wordt. Er zijn sociale toeslagen voorzien, die afhankelijk zijn van het inkomen. Er komt ook een zogeheten participatiepremie van 150 euro als het kind vanaf 3 jaar ingeschreven wordt in een school en dat bedrag verdubbelt als het kind minstens honderd halve dagen aanwezig is op school. Het nieuwe Vlaamse systeem voorziet, in tegenstelling tot de andere regio's, eind dit jaar voor de tweede keer geen indexering.

Met de huidige politieke problemen in Brussel en Wallonië zijn er nog geen definitieve beslissingen, maar de voorstellen die nu voorliggen, gaan in dezelfde richting als in Vlaanderen.

Over het muurtje

De regionalisering van de kinderbijslag moest de grote trofee worden van de 6de staatshervorming. Het geld verschoof van de federale overheid naar de deelstaten en die zouden hun beleid kunnen aanpassen aan de regionale politieke gevoeligheden en de sociaal -economische noden. Er waren veel plannen bij de communautaire onderhandelingen, maar uiteindelijk won het politieke pragmatisme.

Het is duidelijk dat Brussel, de Duitstalige gemeenschap, Wallonië en Vlaanderen sterk met elkaar over het muurtje gekeken hebben bij hun plannen voor een eigen kinderbijslag. Het principe van een basisbedrag komt overal terug. Is dat erg? Neen, want er zijn geen 10 manieren om kinderbijslag toe te kennen. Maar waarom het dan regionaliseren?

B Plus staat voor interpersoonlijke solidariteit en solidariteit tussen de gemeenschappen en gewesten in ons land. Het handhaven van het federaal karakter van de sociale zekerheid is dan ook één van onze voornaamste standpunten. Solidariteit steunt voor ons op het rechtvaardigheidsprincipe en gaat samen met de responsabilisering van de federale staat en de deelstaten. Solidariteit is het cement van elke maatschappij, ook van onze Belgische.

Behoort kinderbijslag tot de sociale zekerheid? Academici en politici kunnen daarover debatteren, maar voor mij is het antwoord ja. Als je merkt hoe de armoede in het algemeen en de kinderarmoede in het bijzonder toeneemt, is dat antwoord heel duidelijk voor mij.

Bij de Vlaamse voorstellen tot aanpassing van de kinderbijslagregeling is er beleidsmatig totaal voorbijgegaan aan het gegeven om structureel en doelgericht iets te doen aan de toenemende kinderarmoede. De uitgespaarde 140 miljoen euro als gevolg van de niet-indexering zal bij de start van de nieuwe regeling ingebracht worden om de overgangsmaatregelen mee te financieren. Het uitgangspunt is dat de huidige gezinnen er niet mogen op achteruitgaan. De solidariteit binnen ons Belgisch sociale zekerheidssysteem had moeten blijven spelen voor de kinderbijslag, zeker als we nu zien dat de op til staande systemen veel gelijkenissen vertonen.

Interpersoonlijke solidariteit betekent dat alle burgers moeten kunnen geholpen worden ingeval van problemen of nood, los van de plaats waar ze wonen, los van hun afkomst, achtergrond of stand, los van hun overtuigingen, los van generaties en los van de taal die ze spreken.In grote federale staten, zoals Australië, Canada, Duitsland en de Verenigde Staten, zijn de belangrijkste interpersoonlijke solidariteitsstromen op het hoogste staatkundige niveau georganiseerd. En daar zit een logica in: door een ruime spreiding van het risico is de bevolking beter bestand tegen gevolgen van sociaal-economische, demografische en gezondheidsfactoren.

Waalse en Vlaamse kinderen gelijk

Als B Plus zijn we sowieso erg waakzaam bij de uitvoering op het terrein van de 6de staatshervorming, maar dat geldt zeker voor de sociale component ervan, zoals bij de kinderbijslag. Bij de op stapel staande hervorming van de kinderbijslag en de overgang naar een regionale bevoegdheid moeten we als B Plus één van onze basisbeginselen - solidariteit - durven toetsen aan de voorgestelde maatregelen. Het gaat hierbij zowel over de kinderen binnen één gemeenschap, als over alle kinderen in België.

Dit land is onvoorstelbaar ingewikkeld en het wordt nog elke dag erger. Je hoort die kritiek meer en meer. Maar blijkbaar zijn het net diegenen die altijd pleiten voor meer staatshervorming, die ook de mond vol hebben over administratieve vereenvoudiging. Wat een tegenstelling!

Delen

Het is niet omdat een regio of gewest zelf de hefbomen in handen heeft, dat de politieke marge voor aanpassingen groter is.

Neem nu die kinderbijslag. Waarom niet hetzelfde systeem behouden voor heel België met een goede dienstverlening naar alle burgers toe, waarbij iedereen in de eigen taal bediend wordt? Is een kind in Brussel, in het Duitstalige landsgedeelte, in Wallonië en in Vlaanderen niet gelijkwaardig? Te eenvoudig? Voor sommigen blijkbaar wel.

De regionalisering van de kinderbijslag bewijst nog maar eens dat heel het debat over een verdere staatshervorming een louter partijpolitieke keuze is, geen keuze voor meer efficiëntie en/of een betere besteding van middelen.

Na 'dit experiment' van de kinderbijslag, zijn de sterke pleitbezorgers voor een volgende staatshervorming weer een argument armer. Het is niet omdat een regio of gewest zelf de hefbomen in handen heeft, dat de politieke marge voor aanpassingen groter is. Ik hoop dat Vlaams minister-president Geert Bourgeois dat in het achterhoofd had toen hij naar aanleiding van 11 juli weer maar eens een nieuwe staatshervorming aankondigde na de parlementsverkiezingen van 2019.

Onze partners