Dodelijkste dag in Syrië sinds "wapenstilstand"

22/06/12 om 01:28 - Bijgewerkt om 01:28

(Belga) In Syrië zijn donderdag bijna 170 mensen, vooral burgers, om het leven gekomen. Dat zegt het Syrische observatorium van de mensenrechten, dat spreekt van de dodelijkste dag in het land sinds de - theoretische - wapenstilstand van 12 april.

"Dit is de bloedigste dag sinds de instelling van het staakt-het-vuren en een van de bloedigste sinds het begin van de opstand tegen het Syrische regime", aldus Rami Abdelrahmane, de directeur van het observatorium. De meeste doden vielen volgens de ngo in Homs (31 burgers en een opstandeling), Deraa (24 burgers en vijf rebellen) en Douma (30 burgers). Het geweld en de repressie in Syrië hebben de voorbije vijftien maanden aan meer dan 15.000 mensen het leven gekost, aldus nog het observatorium. Dat is gevestigd in Groot-Brittannië en baseert zijn cijfers op getuigenissen van militanten ter plaatse. Donderdag deserteerde een Syrische piloot, een primeur sinds het begin van de revolte. De piloot zette zijn MiG-21 aan de grond op een luchtmachtbasis in Jordanië en vroeg er politiek asiel aan. Dat werd ook toegekend. De Syrische minister van Defensie noemde de kolonel "een deserteur en een landverrader". De Verenigde Staten daarentegen juichten zijn daad toe en zijn van mening dat de piloot niet de laatste zal zijn die het Syrische regime de rug toekeert. De troepen van de Syrische president Bachar al-Assad worden door de Verenigde Naties, heel wat westerse landen en internationale ngo's beschuldigd van misdaden tegen de mensheid. (FUL)

Onze partners