Jan Ceulemans vindt vooraan geen spelers die het niveau halen. ‘We zitten in een situatie die niet echt gezond is.’
Veertiende (op achttien ploegen) in 2001/02 was Westerlo’s zwakste eindklassement in eerste klasse tot nog toe, maar nu lijkt de Parel der Kempen wel erg lang onderin te blijven hangen. Over zijn centrale duo op het middenveld ( De Petter– Ngolok) rond wie hij zijn ploeg bouwde, en zijn verdediging ( Deelkens, De Greef, Wils, Corstjens, Cabeke) hoor je JanCeulemans niet klagen. De organisatie is er en “achteraan en op het middenveld kunnen we schuiven met andere spelers.”
Maar als de aanval ter sprake komt, legt de analyse van de trainer de belangrijkste verklaring bloot voor de degradatieplaats waarop Westerlo na elf speeldagen staat: “Ik denk dat we altijd onze kansen creëren en niet van de minste. Je kan niet constant druk leggen op de aanvallers, maar de realiteit is wel de realiteit: als we vorig jaar een goal kónden maken, dan máákten we die.” Nu niet dus en dat staven ook de cijfers: met negen gemaakte doelpunten is Westerlo op Lierse na de minst scorende ploeg dit seizoen.
In zijn zogoed als onmogelijke zoektocht naar een opvolger voor Paulo Henrique kwam Westerlo in de voorbereiding uit bij de inmiddels alweer vertrokken Rômulo. “We hadden gehoopt dat Rômulo de doorbraak zou zijn, maar hij heeft het laten afweten.” Dus werd Owusu gehaald, die zich bij Cercle Brugge nochtans niet had laten kennen als een efficiënte afwerker. “Maar we dachten dat op te lossen door hem als targetman te gebruiken, als een werker die gaten trekt voor Liliu, met zijn snelheid.” Niet dus. “We dachten: Liliu begint hier nu aan zijn derde seizoen, het zal wel lukken, maar dat valt honderd procent tegen.” Marcão dan maar? “Hij heeft het moeilijk. Je weet: als je ze in Brazilië gaat halen, gaat het niet allemaal een schot in de roos zijn. Hij heeft tijd nodig, want we gingen ervan uit dat Rômulo, Liliu of Dieter het probleem wel ging oplossen.” Maar ook oud-gediende Dieter Dekelver laat het voor doel afweten. “Ik kan er weinig negatiefs over vertellen. Hij doet wat hij moet doen, behalve scoren.”
Dus werd in de hoop op doelpunten dan maar Shlomi Arbeitman gehaald bij AA Gent. “Hij heeft dat degelijk gedaan, maar vorige week kreeg hij last van een blessure en nu weer. Je speelt zoals je traint, maar als je niet kan trainen … Een van de grote oorzaken is dat de competitie al bezig was toen de nieuwelingen kwamen. Als je ze gaat halen, weet je dat het wat kan duren, maar we zitten in een situatie die niet echt gezond is. Je moet spelers hebben die het niveau halen.”
Of er met Nieuwjaar nóg spelers gehaald zullen worden, hangt af van de positie in de rangschikking die de ploeg dan bekleedt, geeft Ceulemans aan. Van één zaak is hij, de vooralsnog tegenvallende transfers van dit seizoen indachtig, wel al overtuigd: “Arbeitman hebben we maar voor één seizoen, Owusu ook, Dekelver is einde contract en Liliu en in mindere mate Marcão, omdat het zijn eerste jaar is, zijn vraagtekens. We moeten dus bezig zijn met volgend seizoen.”
DOOR RAOUL DE GROOTE
“We moeten bezig zijn met volgend seizoen.” Jan Ceulemans