Kippenvelmoment van Fanny Lecluyse: ‘Leer al maar de Brabançonne’

‘Als ik nu terugkijk, besef ik dat ik vooral een topper was op de kortebaan, omdat mijn keerpunten zo sterk waren.’ © BELGA
Jef Van Baelen
Jef Van Baelen Journalist voor Knack

Het gevoel van dominantie maakte zwemster Fanny Lecluyse zegezeker.

Nooit voelde ik meer zelfvertrouwen dan in de aanloop naar het Europees kampioenschap kortebaan van 2015. Eén maand eerder brak ik op het Belgisch kampioenschap het Belgisch record. Iedereen dacht dat ik daarnaar gepiekt had, maar het tegendeel was waar. Normaal taper je de week voor een belangrijk doel: even uitrusten na een zware trainingsperiode helpt om voluit te knallen. Maar dat record zwom ik tussen de zware trainingen door. Als ik al zo goed ben zonder dat ik uitgerust aan de start sta… Toen ik uit het zwembad kwam, zei ik mijn Roemeense coach dat hij dringend de Brabançonne moest beginnen te leren, want op het komende EK zou ik zeker een medaille behalen. Fysiek en mentaal zat het super.

Maar je weet natuurlijk niet hoe goed de concurrentie zich voelt. Ik was vooral beducht voor Viktoria Zeynep Gunes, een Turkse tiener die net het wereldjuniorenrecord had gebroken. Zo’n jong meisje kan plots drie stappen vooruitzetten. Maar in de reeksen zwom Gunes tijden waarvan ik dacht: dat is snel, maar ook niet onhaalbaar. Ik plaatste me voor de finale van de 200 meter schoolslag in baan 5: altijd mijn favoriete baan geweest. (lacht) Het gevoel van die race heb ik nadien nooit meer ervaren. Ik had een wedstrijdverloop in mijn hoofd, en het was alsof ik dat plan alleen maar gauw even moest uitvoeren. Het was uiteraard niet zo simpel als het nu klinkt, maar dat gevoel van dominant te zijn, van te bepalen hoe en waar, gaf mij vleugels.

Gunes vertrok als een raket. Ik panikeerde niet. In de laatste 25 meter ging ik erop en erover. Ik eindigde meer dan een seconde voor op een Russin en op Gunes, die derde werd. Een enorm verschil. Of mijn coach het Belgische volkslied heeft gezongen, weet ik niet meer. Zodra je goud wint, verloopt de dag in een waas, met interviews, blije telefoons en de podiumceremonie. Na dat EK hoopte ik op meer, maar als ik nu terugkijk, besef ik dat ik vooral een topper was op de kortebaan, omdat mijn keerpunten zo sterk waren. Ik beëindigde mijn carrière toen ik mijn laatste twee doelen – finale op WK langebaan en op de Olympische Spelen – kon afvinken.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Expertise