Het is bekend dat mediagebruik een verstoring van onze nachtrust veroorzaakt. Tv-kijken, gamen of met de smartphone bezig zijn zorgen er allemaal voor dat we minder lang en minder goed slapen. Maar over het hoe en waarom van het uitstellen van onze bedtijd tastten we in het duister. Tot nu.
...

Het is bekend dat mediagebruik een verstoring van onze nachtrust veroorzaakt. Tv-kijken, gamen of met de smartphone bezig zijn zorgen er allemaal voor dat we minder lang en minder goed slapen. Maar over het hoe en waarom van het uitstellen van onze bedtijd tastten we in het duister. Tot nu.821 Belgen namen deel aan een studie van Liese Exelmans, doctoraatstudent aan de Leuven School for Mass Communication Research, en professor Jan Van den Bulck, verbonden aan de University of Michigan. De deelnemers vulden een vragenlijst in over hun slaap- en tv-gewoontes en algehele welzijn.Uit de studie, die in het vakblad Communication Research verscheen, blijkt dat zelfcontrole een grote rol speelt. Mediagebruik heeft geen vast eindpunt, dus de gebruiker moet zelf aan timemanagement doen en controle uitoefenen over zijn kijkgedrag. Daarin blinken we niet uit. "Vergelijk onze zelfcontrole of wilskracht met een emmer zand. Aan het begin van de dag is die emmer goedgevuld, maar met elke moeilijke beslissing die we daarna nemen, vermindert de hoeveelheid zand. Tegen de avond is onze zelfcontrole in die mate uitgeput dat we het moeilijk hebben om onze prioriteiten te stellen: de langetermijnvoordelen van een goede nachtrust verbleken bij het kortetermijnplezier van entertainment. Hoe minder zelfcontrole, hoe groter de kans dat we langer voor de buis blijven zitten dan gepland. Daardoor gaan we later slapen en verkorten we onze nachtrust."Bedtijd uitstellen heeft dus alles te maken met je persoonlijkheid. "Die voorspelt hoeveel tijd je spendeert aan tv-kijken en hoeveel moeite je hebt om dat onder controle te houden, en dus op tijd naar bed te gaan."'Verrassend genoeg blijkt dat mensen voor wie tv-kijken echt een gewoonte is minder de neiging hebben om hun nachtrust uit te stellen. "We hadden verwacht dat deze gewoontekijkers op automatische piloot handelen, niet echt meer monitoren wat ze doen, en daardoor later in bed kruipen", zegt Exelmans. "Maar ze hebben hun vaste momenten om te beginnen en stoppen met tv-kijken en houden zich daaraan. Daardoor hebben ze minder problemen om qua bedtijd op schema te blijven. Ze zitten misschien uren aan de buis gekluisterd, maar ze gaan gedisciplineerd om met de afstandsbediening. Een verfrissend resultaat in tijden waarin mediagebruik vaak in een zeer negatief daglicht staat.""Dat wil niet zeggen dat deze doorgewinterde tv-kijkers beter slapen - dat hebben we niet onderzocht. We toonden alleen aan dat zij er beter in slagen om altijd op hetzelfde moment onder de wol te kruipen dan mensen met minder vaste rituelen."