Ons lichaam verliest voortdurend water. Zodra we er 1 procent van kwijt zijn, willen we drinken. En hoe meer water we verliezen, hoe groter de dorst. Daar zorgen onze hersenen voor.
...

Ons lichaam verliest voortdurend water. Zodra we er 1 procent van kwijt zijn, willen we drinken. En hoe meer water we verliezen, hoe groter de dorst. Daar zorgen onze hersenen voor. Welke hersencellen voor het dorstgevoel instaan, was tot voor kort een raadsel. Vorige herfst beschreef Science de ontdekking van neuronen die dorst stimuleren. Ze bevinden zich in een specifieke kern van de hypothalamus: een deel van de hersenen waar onder meer basisoverlevingsmechanismen worden gestuurd als seks, eten en dus ook drinken. Het mechanisme dat voor het sturen van drinken instaat, is een complex systeem waar geen touw aan vast te knopen is - gelukkig gebeurt het allemaal onbewust. Dezelfde neuronen sturen het gevoel dat met het lessen van onze dorst gepaard gaat en dat ons stimuleert om drank te zoeken als we water te kort hebben. In Nature is recent een aanvulling op de studie verschenen. Want er zijn niet alleen neuronen die drinken stimuleren: nadat zij in actie gekomen zijn, worden er andere neuronen wakker die de dorst weer afremmen. Een goede waterbalans vereist uiteraard controle over hoeveel water een lichaam binnenkrijgt. De tweede reeks neuronen stuurt een duidelijk signaal naar de eerste reeks: het is welletjes geweest. En zo spelen onze hersenen voortdurend met balansen om te vermijden dat we met een tekort of overschot aan levensnoodzakelijke elementen te kampen krijgen.