Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) lijden 50 miljoen mensen aan epilepsie, een hersenaandoening die iedereen kan treffen, ongeacht sociale klasse, ras, of geografische ligging. Eén op de 130 personen zal ooit in zijn leven te maken krijgen met epilepsie. Ondanks deze relatief hoge kans berust de ontwikkeling van epilepsie niet op toeval. De Babyloniërs waren ervan overtuigd dat epilepsie een straf was van boze goden, tegenwoordig is het duidelijk dat er een biologische oorzaak is.

Hoe wordt informatie doorgegeven in onze hersenen?

Zesentachtig miljard: dat is het aantal zandkorrels dat nodig zou zijn om elf grote bestelwagens mee te vullen. Dat is ook meteen een schatting van het aantal zenuwcellen, of neuronen, die netjes geclusterd in onze hersenen zitten en nauwkeurig met elkaar communiceren. Binnen zenuwcel ontstaat een signaal onder de vorm van een elektrisch potentiaal dat zich verplaatst van het begin van de zenuwcel naar het einde. Dit potentiaal zal aan het zenuwuiteinde leiden tot een vrijstelling van chemische moleculen, neurotransmitters, die zullen binden aan een volgende zenuwcel. Deze binding kan leiden tot het ontstaan van een nieuw elektrisch signaal en zich verderzetten.

Eén zenuwcel staat in contact met gemiddeld 7000 andere zenuwcellen, waardoor een delicaat netwerk van zenuwcellen ontstaat. Het is dan ook uitermate belangrijk dat deze miljarden zenuwcellen op het juiste moment met elkaar communiceren om het goed functioneren van ons lichaam te garanderen.

De communicatie tussen zenuwcellen in de hersenen is niet onfeilbaar

Epilepsie wordt gekenmerkt door het optreden van spontane epileptische aanvallen. Deze epileptische aanvallen ontstaan door grote groepen zenuwcellen die gelijktijdig signalen afvuren, wanneer ze dat eigenlijk niet zouden moeten. Zie het als een soort kortsluiting in de hersenen. Afhankelijk van de hersenregio waar deze kortsluiting ontstaat, zal een epileptische aanval andere kenmerken hebben.

Zo kan een epileptische aanval die tot een bepaalde regio beperkt blijft zich uiten als een onwillekeurige spiercontractie, een automatisme, of een visuele stoornis, om er maar enkele op te noemen. Aanvallen die de beide hersenhelften omvatten kunnen zich dan bijvoorbeeld uiten als absence aanvallen waarbij een patiënt voor een korte periode het bewustzijn verliest en voor zich uit staart, of als tonisch-clonische aanvallen die het meest gekenmerkt worden door bewustzijnsverlies en stuipen en er erg aangrijpend uitzien.

Een waaier aan mogelijke oorzaken

Van bijna de helft van de mensen die epilepsie na hun jeugd ontwikkelen, kan tot nog toe geen specifieke oorzaak geïdentificeerd worden. Er wordt vermoed dat velen onder hen genetische aanleg hebben waardoor hun hersenen gevoeliger zijn om epilepsie te ontwikkelen.

Bij een groot aandeel van epilepsiepatiënten kan de oorzaak wel vastgesteld worden. Soms kunnen specifieke genetische afwijkingen aangetoond worden, bijvoorbeeld bij bepaalde vormen van familiale epilepsie.

Epilepsie kan ook het gevolg zijn van verschillende ontwikkelingsstoornissen. Zo zijn onder andere koortsstuipen in de kindertijd of problemen tijdens de geboorte risicofactoren voor het ontwikkelen van epilepsie.

Bovendien geeft een hoofdtrauma soms aanleiding tot het ontwikkelen van epilepsie; een hevig ongeluk zoals een val op het hoofd, een beroerte, of een tumor.

Andere aanleidingen die mogelijk kunnen leiden tot de ontwikkeling van epilepsie zijn infecties van de hersenen, zoals meningitis.

Kan epilepsie voorkomen worden?

In de meeste gevallen is het ontwikkelen van epilepsie onvermijdbaar. Toch kan een kwart van alle epilepsiegevallen die door een hoofdtrauma veroorzaakt zijn vermeden worden, en dat is geruststellend. Het is dus van belang om ons goed functionerend netwerk van zenuwcellen zo intact mogelijk te houden, bijvoorbeeld door het dragen van een helm tijdens het skiën of het fietsen.

Een goede verzorging tijdens de geboorte, en dan vooral in ontwikkelingslanden, kan nieuwe gevallen van epilepsie voorkomen. Koortswerende middelen (bijvoorbeeld paracetamol) bij kinderen met koorts verlagen het risico op stuipen en daarmee ook de kans om later epilepsie te ontwikkelen.

In onze westerse levensstijl, die gepaard gaat met een verhoogd risico op beroerte en indirect dus ook epilepsie, zijn het nastreven van een gezonde levensstijl en het vermijden van overmatig tabak- en alcoholgebruik goede maatregelen die genomen kunnen worden.

Het antwoord op de vraag waarom sommige mensen epilepsie ontwikkelen, is dus niet altijd even eenduidig. Omdat de grootschalige communicatie tussen de miljarden zenuwcellen een delicaat proces is waarbij veel kritische factoren een rol spelen, is het niet verwonderlijk dat er in deze communicatie iets kan mislopen. Hoewel de exacte oorzaak bij veertig procent van de mensen die epilepsie na hun jeugd ontwikkelen voorlopig nog onbekend is, weten we tenminste dat de aanleiding altijd biologisch is, en dus geen kwelling van een berispende Babylonische god.