Wetenschappers houden van overzichtelijke gegevensbanken. Zo werken ze naarstig aan de Human Cell Atlas, een atlas van alle menselijke cellen. Een deel daarvan brengt alle cellen in de luchtwegen in kaart: de Lung Biological Network. Beide gegevensbanken zijn grondig doorploegd in de hoop op nieuwe inzichten over het functioneren van het coronavirus dat de wereld momenteel drastisch dooreenschudt.
...

Wetenschappers houden van overzichtelijke gegevensbanken. Zo werken ze naarstig aan de Human Cell Atlas, een atlas van alle menselijke cellen. Een deel daarvan brengt alle cellen in de luchtwegen in kaart: de Lung Biological Network. Beide gegevensbanken zijn grondig doorploegd in de hoop op nieuwe inzichten over het functioneren van het coronavirus dat de wereld momenteel drastisch dooreenschudt. Dat cellulair speurwerk heeft resultaat opgeleverd. In het vakblad Nature Medicine schrijven wetenschappers dat het virus twee specifieke celtypes uit onze neus kan gebruiken om ons lichaam te infiltreren: slijmbekercellen en trilhaarcellen. De eerste produceren het slijm dat de neus vochtig houdt, de tweede capteren beweging. De cellen zijn talrijk op de binnenwand van de neus, waardoor ze voor het virus een gemakkelijke route naar besmetting van een mens vormen. Daarenboven produceren ze in sterke mate de eiwitten die het virus nodig heeft om een cel te kunnen infecteren. Ook cellen op het netvlies van de ogen en op de binnenkant van de darm doen dat, waardoor ook die mogelijke routes voor infectie zijn. Maar hoe gaat het virus dan verder in een lichaam? Dat blijkt verrassend genoeg een raadsel. Volgens een verslag in Nature weten wetenschappers zelfs niet goed hoe een infectie van de neus de longen bereikt. Gebeurt dat door van cel tot cel in het luchtwegenstelsel over te springen? Of wordt ze rechtstreeks met vloeistoffen meegesleurd? Het is wel duidelijk dat de infectie ernstig kan worden wanneer virusdeeltjes de longblaasjes bereiken. Die hebben een heel dunne wand, om zuurstof te kunnen doorgeven aan de bloedbaan om over het lichaam getransporteerd te worden naar de organen die het nodig hebben. Het virus maakt dankbaar gebruik van die mogelijkheid en lift vlotjes mee door ons lichaam. Het is nog altijd niet duidelijk hoe het virus mensen doodt. Aanvankelijk werd het als een soort griepje gepresenteerd, later als een variant van het coronavirus dat in 2003 de bescheiden SARS- epidemie uitlokte. Maar het virus doet vreemde dingen, die nooit eerder in een virale infectie zijn vastgesteld, zo bleek uit een grondige analyse in Science. Dat verklaart waarom de symptomen van de ziekte sterk variëren van persoon tot persoon. Soms heeft een patiënt koorts vanaf het begin, soms niet. Soms moet hij hoesten vanaf het begin, soms niet. Soms is er een zuurstoftekort vanaf het begin, maar zonder kortademigheid, die volgt dan pas later. Daarenboven kan het virus al uit een lichaam verdwenen zijn voor de eerste ernstige symptomen van de ziekte opduiken. Bizar is ook dat, tegen alle verwachtingen in, mensen met astma niet méér last van het virus lijken te hebben dan anderen. De inleiding boven het verslag in Science was glashelder: 'Clinici zien een verwoestende vernietigingstocht van het virus door een lichaam, van de hersenen tot de tenen'. De longen zijn de 'Ground Zero' van een infectie, maar die kan zich uitbreiden over het hele lichaam. Analyses wijzen uit dat slechts iets meer dan de helft van alle onderzochte covidpatiënten stierf aan uitsluitend een longinfectie. In sommige studies kreeg een derde van de patiënten met fataal nierfalen te maken. Als het virus twee organen tegelijk aanvalt, is het effect op beide erger dan wanneer ze afzonderlijk geviseerd worden. Een dubbele aanval is dus dikwijls dodelijk. Onderzoek gepubliceerd in Thrombosis Research toont aan dat 38 procent van de covidpatiënten op een afdeling intensieve zorgen te kampen krijgt met een abnormaal proces van bloedklontervorming. Een derde krijgt gewoon te veel bloedklonters, wat aanleiding kan geven tot hartaanvallen en andere problemen met hart en bloedvaten. Het virus kan van de neus rechtstreeks naar de hersenen trekken. Het overzicht in Science beschreef klinische gevallen van jonge mensen en mensen van middelbare leeftijd die zo goed als geen symptomen van een virale aanval hadden, maar onderuit gingen als gevolg van een beroerte door een ongebreidelde vorming van bloedklonters in de hersenen als reactie op het virus. Ze stierven aan het virus zonder te weten dat ze besmet waren. Sommige wetenschappers zien aanwijzingen dat het virus onze afweercellen kan aanvallen, zoals het aidsvirus doet. Dat laatste vermenigvuldigt zich wel in afweercellen, wat het coronavirus (waarschijnlijk) niet kan: het gaat onderuit met de afweercel die het geïnfecteerd heeft. Een analyse in Cellular & Molecular Immunology beschrijft hoe het coronavirus de belangrijke T-cellen uit onze afweer kan binnendringen en vernietigen, waardoor het de mogelijkheid van een efficiënte afweer tegen zijn aanwezigheid kan hypothekeren. Maar in veel gevallen doet het virus het omgekeerde. Het lokt, soms pas nadat het grotendeels uit een lichaam geëlimineerd is, een zogenoemde cytokinestorm in de longen uit: een overdreven reactie van een dolgedraaide afweer waardoor die veel meer kwaad doet dan goed. De afweer is altijd extra alert in de longen, omdat die een belangrijke toegangspoort zijn voor de buitenwereld naar ons binnenste. De ziekte covid-19 is dikwijls een gevolg van onze eigen reactie op de aanwezigheid van het virus, besloot New Scientist. Als het virus een persoon niet zelf onderuit kan halen door de schade die het veroorzaakt, kan de afweer de afbrekende taak overnemen. Artsen staan dikwijls voor een dilemma of en wanneer ze afweerremmers aan een covidpatiënt moeten toedienen. Als ze er te vroeg mee beginnen, kunnen ze de nuttige werking van de afweer hinderen. Maar als ze te laat zijn, kunnen ze een cytokinestorm niet meer afwenden. Het coronavirus lijkt dus de ultieme allrounder te zijn. En dat beperkt de kansen dat er snel werkzame middelen tegen gevonden worden. Er is al van alles geprobeerd om het virus in te dijken. Een studie in The New England Journal of Medicine maakte komaf met de hype dat het antimalariamiddel hydroxychloroquine dé oplossing zou zijn: er zijn meer patiënten die het middel namen gestorven dan genezen. Ook het antiviraal middel remdesivir voldoet niet aan de initiële verwachtingen, zo liet de Wereldgezondheidsorganisatie weten. Er zijn zelfs aanwijzingen dat het nierschade veroorzaakt, net als lang aan een longbeademingsmachine hangen. Want stilaan wordt ook duidelijk dat veel mensen die op het nippertje ontsnappen aan de dood door corona, zo veel lichaamsschade hebben opgelopen dat ze door een jarenlang herstelproces zullen moeten. En dat is een sterk onderschatte factor in de berekeningen van de kostprijs van de ziekte voor de gezondheidszorg. New Scientist waarschuwde dat er na vorige virusuitbraken, zoals die van SARS in 2003, opstoten kwamen van een postvirale variant van het chronische-vermoeidheidssyndroom (CVS), waarbij patiënten jarenlang in een soort lethargie belandden waar ze niet gemakkelijk greep op kregen. Corona haalt werkelijk alles uit de kast om ons het leven moeilijk te maken.