'Dit virus zal ons uithongeren voor het ons ziek maakt', dat stond in de sms die een collega in de Keniaanse hoofdstad Nairobi een paar dagen geleden kreeg van Micah Olywangu, een bevriende taxichauffeur. Het vat de levensbedreigende situatie waar miljoenen mensen in ontwikkelingslanden momenteel onder gebukt gaan goed samen.

Micah kan al weken geen ritten meer doen en heeft nu moeite om geld te lenen om eten te kopen voor zijn drie kinderen. Zijn inkomen viel weg door de avondklok die in Kenia is ingesteld. Daardoor kwam het toerisme tot stilstand. Luchthavens, cafés, restaurants en winkels gingen dicht.

Zonder overheidssteun voor de armste landen lopen vier miljard mensen gevaar.

Volgens het Internationaal Monetair Fonds (IMF) zal de economische impact van het coronavirus erger zijn dan de wereldwijde financiële crisis van 2008-2009. Het Londense Kings College en Oxfam kwamen vorige week met cijfers naar buiten die aantoonden dat deze crisis mogelijk een half miljard mensen in armoede duwt. Twee weken geleden werden we gewaarschuwd dat 40 miljoen mensen zouden kunnen sterven door het coronavirus.

Het coronavirus vergroot ongelijkheid

We blijven maar horen dat dit virus ons allemaal treft. Dat is ook zo. Zelfs prinsen en filmsterren worden besmet. Tegelijk heeft een crisis nog nooit zo duidelijk de extreme ongelijkheid blootgelegd die onze wereld verdeelt.

In scènes die doen denken aan de Exodus zijn miljoenen arbeiders in ontwikkelingslanden naar huis gestuurd zonder loon. Wat gaan de textielarbeidsters in Bangladesh, die de kleren maken die wij dragen, doen nadat bestellingen van westerse kledingmerken werden opgeschort en zo goed als alle aankopers weigeren om hun verloren inkomen te compenseren?

De impact van het coronavirus dreigt bovendien de genderongelijkheid te vergroten. Vrouwen zijn vaker werkzaam in slecht betaalde, onzekere banen die het meeste risico lopen. Het zijn zij die een cruciale rol in de frontlinie opnemen zoals zorgverleners, verpleegsters en kassiersters die het dodelijke virus het moeilijkst kunnen ontwijken.

Terwijl de geprivilegieerden onder ons toegang hebben tot de beste gezondheidszorg, kunnen terugvallen op spaargeld en werken vanuit een huis met voldoende ruimte, ligt 'veiligheid' in deze crisis buiten het bereik van een groot deel van de wereldbevolking.

Wereldwijd reddingspakket nodig

De ongelijkheid tussen rijke en arme landen zal bepalen hoe deze pandemie wordt beleefd. Rijke landen bereiden zich voor om biljoenen vrij te maken om hun economieën te redden, terwijl ontwikkelingslanden momenteel verdrinken in schulden die in totaal oplopen tot een historisch record van 191% van hun gezamenlijke bruto binnenlands product. Tanzania heeft één dokter per 71.000 inwoners. Mali heeft drie beademingsmachines per miljoen inwoners. In de vluchtelingenkampen waar Oxfam actief is, wordt een waterkraan gedeeld door honderden mensen.

We hebben nu wereldwijde actie nodig. Alleen een krachtig antwoord van de machtige en rijke landen kan de pandemie tegenhouden en vermijden dat de globale economie ineenstort. De G20 moet haar mandaat voluit uitoefenen en ons door deze crisis leiden.

Absurd dat rijke landen geld blijven ontvangen van arme landen op een moment dat ze elke schilling, peso en roepie nodig hebben om deze pandemie te bestrijden.

Oxfam schuift een globaal economisch reddingspakket naar voor waarbij de rijkste landen hun steun massaal moeten opschalen. Volgens schattingen van de VN is 2,5 biljoen dollar nodig. De middelen die rijke landen vrijmaken om thuis hun economie terug op de rails te krijgen moeten ze ook op internationaal niveau mobiliseren. Dat is niet alleen moreel juist om te doen, maar ook in eigen belang. Zolang het virus ergens rondwaart, is het overal.

Eerst en vooral moeten we de biljoenen vrijmaken die nodig zijn. De G20 kan dat doen door nu te beslissen om ontwikkelingslanden alle openstaande schulden voor het jaar 2020 kwijt te schelden. Het is absurd dat rijke landen geld blijven ontvangen van arme landen op een moment dat ze elke schilling, peso en roepie nodig hebben om deze pandemie te bestrijden.

De G20 moet het IMF ook aanmoedigen om haar internationale reserves ter waarde van ten minste 1 biljoen dollar te mobiliseren, de zogenaamde 'Special Drawing Right'. Dit zal de reserves van de armste landen versterken en tegelijkertijd de rijkste landen niets kosten. Ze zullen er zelf voordelen van ondervinden. De G20 moet ook meer ontwikkelingshulp bepleiten, en tijdelijke crisisbelastingen zoals een belasting op buitengewone winsten, of vermogensbelastingen op de allerrijksten die extra middelen zouden kunnen mobiliseren.

Overheidssteun moet in de juiste handen terechtkomen

Maar meer financiering alleen zal de meest kwetsbare gemeenschappen niet ten goede komen als ze gespendeerd wordt aan verkeerde dingen of terechtkomt in handen van grote bedrijven of elites die handelen uit eigenbelang. Dat is de belangrijkst les van de financiële crisis van 2008.

Oxfam heeft een mondiaal noodplan voor de volksgezondheid opgemaakt dat een verdubbeling van de gezondheidsuitgaven van de 85 armste landen voorstelt om op korte termijn levens te redden. Mensen als Micah, de taxi chauffeur uit Nairobi, hebben recht op een betere sociale bescherming. Overheden moeten die aanbieden. Zonder die bescherming lopen vier miljard mensen gevaar.

Oxfam hamert er ook op dat overheidssteun bij de juiste bedrijven moet terecht komen. Economieën over de hele wereld hebben kleine handelszaken nodig om te overleven en het herstel de juiste richting uit te sturen. Bail-outs voor de rijkste bedrijven kunnen er alleen komen op voorwaarde dat ze hun belastingen eerlijk betalen, arbeiders een leefbaar inkomen geven en hun CO2-uitstoot terugdrijven.

Wanneer we ten slotte de fundamenten van onze economie en maatschappij opnieuw opbouwen, vragen we ons ook best af hoe we überhaupt in deze situatie geraakt zijn. Was het ooit een goed idee om in bepaalde landen van gezondheidszorg een privilege te maken voor enkelen en geen fundamenteel recht? Om de noodzaak voor een leefbaar inkomen en voor sociale bescherming te negeren? Was het ooit een goed idee om tweeduizend miljardairs meer te laten bezitten dan de armste 4.6 miljard mensen?

Vandaag is onze planeet in crisis en zijn de gezondheid en het economisch welzijn van haar bevolking in gevaar. We moeten nu beginnen bouwen aan die duurzame, meer gelijke en menselijke economie.

'Dit virus zal ons uithongeren voor het ons ziek maakt', dat stond in de sms die een collega in de Keniaanse hoofdstad Nairobi een paar dagen geleden kreeg van Micah Olywangu, een bevriende taxichauffeur. Het vat de levensbedreigende situatie waar miljoenen mensen in ontwikkelingslanden momenteel onder gebukt gaan goed samen. Micah kan al weken geen ritten meer doen en heeft nu moeite om geld te lenen om eten te kopen voor zijn drie kinderen. Zijn inkomen viel weg door de avondklok die in Kenia is ingesteld. Daardoor kwam het toerisme tot stilstand. Luchthavens, cafés, restaurants en winkels gingen dicht. Volgens het Internationaal Monetair Fonds (IMF) zal de economische impact van het coronavirus erger zijn dan de wereldwijde financiële crisis van 2008-2009. Het Londense Kings College en Oxfam kwamen vorige week met cijfers naar buiten die aantoonden dat deze crisis mogelijk een half miljard mensen in armoede duwt. Twee weken geleden werden we gewaarschuwd dat 40 miljoen mensen zouden kunnen sterven door het coronavirus. Het coronavirus vergroot ongelijkheidWe blijven maar horen dat dit virus ons allemaal treft. Dat is ook zo. Zelfs prinsen en filmsterren worden besmet. Tegelijk heeft een crisis nog nooit zo duidelijk de extreme ongelijkheid blootgelegd die onze wereld verdeelt. In scènes die doen denken aan de Exodus zijn miljoenen arbeiders in ontwikkelingslanden naar huis gestuurd zonder loon. Wat gaan de textielarbeidsters in Bangladesh, die de kleren maken die wij dragen, doen nadat bestellingen van westerse kledingmerken werden opgeschort en zo goed als alle aankopers weigeren om hun verloren inkomen te compenseren? De impact van het coronavirus dreigt bovendien de genderongelijkheid te vergroten. Vrouwen zijn vaker werkzaam in slecht betaalde, onzekere banen die het meeste risico lopen. Het zijn zij die een cruciale rol in de frontlinie opnemen zoals zorgverleners, verpleegsters en kassiersters die het dodelijke virus het moeilijkst kunnen ontwijken.Terwijl de geprivilegieerden onder ons toegang hebben tot de beste gezondheidszorg, kunnen terugvallen op spaargeld en werken vanuit een huis met voldoende ruimte, ligt 'veiligheid' in deze crisis buiten het bereik van een groot deel van de wereldbevolking. Wereldwijd reddingspakket nodigDe ongelijkheid tussen rijke en arme landen zal bepalen hoe deze pandemie wordt beleefd. Rijke landen bereiden zich voor om biljoenen vrij te maken om hun economieën te redden, terwijl ontwikkelingslanden momenteel verdrinken in schulden die in totaal oplopen tot een historisch record van 191% van hun gezamenlijke bruto binnenlands product. Tanzania heeft één dokter per 71.000 inwoners. Mali heeft drie beademingsmachines per miljoen inwoners. In de vluchtelingenkampen waar Oxfam actief is, wordt een waterkraan gedeeld door honderden mensen. We hebben nu wereldwijde actie nodig. Alleen een krachtig antwoord van de machtige en rijke landen kan de pandemie tegenhouden en vermijden dat de globale economie ineenstort. De G20 moet haar mandaat voluit uitoefenen en ons door deze crisis leiden. Oxfam schuift een globaal economisch reddingspakket naar voor waarbij de rijkste landen hun steun massaal moeten opschalen. Volgens schattingen van de VN is 2,5 biljoen dollar nodig. De middelen die rijke landen vrijmaken om thuis hun economie terug op de rails te krijgen moeten ze ook op internationaal niveau mobiliseren. Dat is niet alleen moreel juist om te doen, maar ook in eigen belang. Zolang het virus ergens rondwaart, is het overal. Eerst en vooral moeten we de biljoenen vrijmaken die nodig zijn. De G20 kan dat doen door nu te beslissen om ontwikkelingslanden alle openstaande schulden voor het jaar 2020 kwijt te schelden. Het is absurd dat rijke landen geld blijven ontvangen van arme landen op een moment dat ze elke schilling, peso en roepie nodig hebben om deze pandemie te bestrijden. De G20 moet het IMF ook aanmoedigen om haar internationale reserves ter waarde van ten minste 1 biljoen dollar te mobiliseren, de zogenaamde 'Special Drawing Right'. Dit zal de reserves van de armste landen versterken en tegelijkertijd de rijkste landen niets kosten. Ze zullen er zelf voordelen van ondervinden. De G20 moet ook meer ontwikkelingshulp bepleiten, en tijdelijke crisisbelastingen zoals een belasting op buitengewone winsten, of vermogensbelastingen op de allerrijksten die extra middelen zouden kunnen mobiliseren.Overheidssteun moet in de juiste handen terechtkomenMaar meer financiering alleen zal de meest kwetsbare gemeenschappen niet ten goede komen als ze gespendeerd wordt aan verkeerde dingen of terechtkomt in handen van grote bedrijven of elites die handelen uit eigenbelang. Dat is de belangrijkst les van de financiële crisis van 2008. Oxfam heeft een mondiaal noodplan voor de volksgezondheid opgemaakt dat een verdubbeling van de gezondheidsuitgaven van de 85 armste landen voorstelt om op korte termijn levens te redden. Mensen als Micah, de taxi chauffeur uit Nairobi, hebben recht op een betere sociale bescherming. Overheden moeten die aanbieden. Zonder die bescherming lopen vier miljard mensen gevaar.Oxfam hamert er ook op dat overheidssteun bij de juiste bedrijven moet terecht komen. Economieën over de hele wereld hebben kleine handelszaken nodig om te overleven en het herstel de juiste richting uit te sturen. Bail-outs voor de rijkste bedrijven kunnen er alleen komen op voorwaarde dat ze hun belastingen eerlijk betalen, arbeiders een leefbaar inkomen geven en hun CO2-uitstoot terugdrijven.Wanneer we ten slotte de fundamenten van onze economie en maatschappij opnieuw opbouwen, vragen we ons ook best af hoe we überhaupt in deze situatie geraakt zijn. Was het ooit een goed idee om in bepaalde landen van gezondheidszorg een privilege te maken voor enkelen en geen fundamenteel recht? Om de noodzaak voor een leefbaar inkomen en voor sociale bescherming te negeren? Was het ooit een goed idee om tweeduizend miljardairs meer te laten bezitten dan de armste 4.6 miljard mensen? Vandaag is onze planeet in crisis en zijn de gezondheid en het economisch welzijn van haar bevolking in gevaar. We moeten nu beginnen bouwen aan die duurzame, meer gelijke en menselijke economie.