Na de dood van een Palestijnse baby in een aangestoken brand (door Israëlische kolonisten) op de Westelijke Jordaanoever, heeft premier Benjamin Netanyahu gebeld met de Palestijnse president Mahmoud Abbas. Dat meldt het persbureau AFP. Een gesprek tussen beide leiders is een zeldzaamheid.

'Iedereen in Israël is geschokt door de verwerpelijke terroristische daad', zou hij gezegd hebben. De keuze voor het woord terrorisme is opvallend, Netanyahu gebruikt dat woord bijna uitsluitend voor aanslagen gepleegd door Palestijnen. Voorts voegde hij eraan toe dat 'Israël hard optreedt tegen terrorisme, wie de daders ook mogen zijn.'

'Lang leve de Messias'

Volgens de Palestijnse Autoriteit zijn de daders vier kolonisten afkomstig van een Israëlische nederzetting. Ze zijn het dorpje Douma, tussen Nabloes en Ramallah, binnengedrongen en staken een van de huizen aan de ingang van het Palestijnse dorp in brand. De ouders en het vier jaar oude broertje konden wegvluchten. Voor de baby van 1,5 jaar kwam alle hulp te laat.

Brand Westelijke Jordaanoever, Reuters
Brand Westelijke Jordaanoever © Reuters

Met graffiti zouden de daders woorden als 'wraak' en 'lang leve de Messias' op de gevels van het huis geklad hebben. Foto's tonen ook dat de daders een Davidster hebben aangebracht.

Eerder had Abbas de brand bestempeld als 'oorlogsmisdaad.' Hij wil dat de aanslag deel uitmaakt van de al lopende zaak tegen Israël bij het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag.

Vergeldingsacties

Intussen is het Israëlische leger een zoektocht gestart naar de daders. Soldaten worden daarnaast ook ingezet om de veiligheid te waarborgen. Er wordt namelijk gevreesd voor Palestijnse vergeldingsacties.

Brigitte Herremans, Midden-Oosten specialiste van Broederlijk Delen en Pax Christi benadrukt op Radio 1, dat joodse extremisten al jarenlang geweld en vandalisme tegen Palestijnen gebruiken. 'Elk jaar gebeuren er zo'n honderden Price Tag Attacks. Maar zulke aanvallen worden zelden gerapporteerd omdat de Palestijnen weten dat de daders toch nooit vervolgd zullen worden.' (AVE)

Na de dood van een Palestijnse baby in een aangestoken brand (door Israëlische kolonisten) op de Westelijke Jordaanoever, heeft premier Benjamin Netanyahu gebeld met de Palestijnse president Mahmoud Abbas. Dat meldt het persbureau AFP. Een gesprek tussen beide leiders is een zeldzaamheid. 'Iedereen in Israël is geschokt door de verwerpelijke terroristische daad', zou hij gezegd hebben. De keuze voor het woord terrorisme is opvallend, Netanyahu gebruikt dat woord bijna uitsluitend voor aanslagen gepleegd door Palestijnen. Voorts voegde hij eraan toe dat 'Israël hard optreedt tegen terrorisme, wie de daders ook mogen zijn.' Volgens de Palestijnse Autoriteit zijn de daders vier kolonisten afkomstig van een Israëlische nederzetting. Ze zijn het dorpje Douma, tussen Nabloes en Ramallah, binnengedrongen en staken een van de huizen aan de ingang van het Palestijnse dorp in brand. De ouders en het vier jaar oude broertje konden wegvluchten. Voor de baby van 1,5 jaar kwam alle hulp te laat. Met graffiti zouden de daders woorden als 'wraak' en 'lang leve de Messias' op de gevels van het huis geklad hebben. Foto's tonen ook dat de daders een Davidster hebben aangebracht. Eerder had Abbas de brand bestempeld als 'oorlogsmisdaad.' Hij wil dat de aanslag deel uitmaakt van de al lopende zaak tegen Israël bij het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag. Intussen is het Israëlische leger een zoektocht gestart naar de daders. Soldaten worden daarnaast ook ingezet om de veiligheid te waarborgen. Er wordt namelijk gevreesd voor Palestijnse vergeldingsacties. Brigitte Herremans, Midden-Oosten specialiste van Broederlijk Delen en Pax Christi benadrukt op Radio 1, dat joodse extremisten al jarenlang geweld en vandalisme tegen Palestijnen gebruiken. 'Elk jaar gebeuren er zo'n honderden Price Tag Attacks. Maar zulke aanvallen worden zelden gerapporteerd omdat de Palestijnen weten dat de daders toch nooit vervolgd zullen worden.' (AVE)