Op zondag werd Pedro Sánchez verkozen als leider van Spaanse socialistische partij, de PSOE. Sánchez is geen nieuw gezicht. Tot oktober 2016 was hij al eens voorzitter. Onder zijn bewind ontstond er een tweedeling in zijn partij.

Na de parlementsverkiezingen van juni 2016 wilde Sánchez namelijk de minderheidsregering van de conservatieve premier Mariano Rajoy (PP) niet gedogen. Het kwam toen tot een clash met partijgenoten die wel hun steun wilden verlenen. Volgens hen zou de partij nieuwe verkiezingen immers niet heelhuids doorstaan.

Nu, 232 dagen na zijn ontslag, staat de 45-jarige Madrileen terug aan het hoofd van de tweede grootste partij van het land - bij de vorige verkiezingen nog goed voor zo'n 23 procent. Na een bitse campagne won hij het van rivale Susana Díaz, de regionale presidente van de autonome gemeenschap Andaloesië, nochtans een socialistisch bastion. Díaz vertegenwoordigde de socialisten binnen de partij die de regering-Rajoy gedoogden.

Wat kunnen we verwachten van Sánchez? We vragen het aan Santiago Pérez-Nievas Montiel, een politicoloog verbonden aan de Autonome Universiteit van Madrid (UAM).

Welke positie bekleedt Pedro Sánchez binnen de Spaanse sociaaldemocratie?

SANTIAGO PÉREZ-NIEVAS MONTIEL: Hij heeft geen duidelijk profiel. Zijn verleden toont dat aan. Bij zijn eerste kandidaatstelling in 2014 genoot hij de steun van het partijbestuur en maakte hij deel uit van het establishment. Dat veranderde na de verkiezingen van juni 2016. Toen eiste hij dat de PSOE een onder geen beding een nieuwe regering-Rajoy kon steunen.

Sánchez is sterk veranderd als leider. Het is niet duidelijk waarvoor hij juist staat. Ik zou zijn houding opportunistisch noemen. Net daarom kunnen we zo moeilijk voorspellen wat ons te wachten staat. Hij wil nu feller oppositie voeren tegenover Rajoy, vooral nu nieuwe corruptieschandalen de premier teisteren. Sánchez is tegenwoordig verbonden aan de meer radicale vleugel van de partij. Het links-populistische Podemos is bijvoorbeeld geen ideologische aartsvijand voor hem.

De Spaanse krant El País noemt hem een 'rockster'.

PÉREZ-NIEVAS: Voor neutrale informatie over Pedro Sánchez moet je niet bij El País zijn. De krant toonde zich heel vijandig tegenover hem, alsof het een partijblad van het PSOE-bestuur was. Die toon heeft hem hoogstwaarschijnlijk zelfs stemmen opgeleverd van linkse sympathisanten. Het lijkt mij overdreven om te insinueren dat Sánchez een populist is, zoals El País deed. Eerder dan een populist is hij een opportunist.

Het lijkt mij overdreven om te insinueren dat Sánchez een populist is. Eerder dan een populist is hij een opportunist.

Santiago Pérez-Nievas Montiel, politicoloog

Sommigen noemen hem in een adem met de Britse Labourleider Jeremy Corbyn en de Franse presidentskandidaat Benoît Hamon. Sánchez zou ook openstaan voor meer samenwerking met het links-populistische Podemos?

PÉREZ-NIEVAS: Het is mogelijk dat de socialisten en Podemos nauwer zullen samenwerken onder Sánchez. Maar Podemos is ook niet langer de partij die we kenden. Ze is nu volop bezig met haar eigen problemen. De Podemos-politici die het meest gunstig stonden tegenover coöperatie, zijn verzwakt uit de interne machtsstrijd gekomen. Daarenboven zijn er ook heel wat tegenstanders van Podemos binnen de PSOE.

Geen enkele van beide partijen kunnen op eigen kracht de regering-Rajoy doen vallen. Men moet op de proppen komen met een alternatieve coalitie rond één leider. Na de verkiezingen in juni hadden beide partijen trouwens de kans om samen te regeren, maar die vlieger is niet opgegaan. Waarom zou het nu dan wel lukken?

Hoe staat Sánchez tegenover het mogelijke Catalaans onafhankelijkheidsreferendum?

PÉREZ-NIEVAS: Hier is zijn opportunisme het duidelijkst. Vroeger stond hij lijnrecht tegenover de positie die hij nu aanneemt. Zijn zwakke kant is dat hij zijn standpunten wijzigt naargelang de context. Het lijkt soms alsof hij geen diepere overtuigingen heeft.

Toen hij de eerste keer campagne voerde voor het partijleiderschap in 2014, kon hij op weinig steun rekenen in de 'nationalistische' regio's Baskenland en Catalonië. Dus ik denk dat zijn mening over Catalonië eerder gekleurd wordt door een electorale strategie dan door een politieke overtuiging.

Hoe houdt de Spaanse sociaaldemocratie stand in een Europa waar traditionele socialistische partijen het hard te verduren krijgen?

PÉREZ-NIEVAS: De sociaaldemocratie in Spanje leidt aan dezelfde kwalen als die in de rest van het continent. Misschien valt de crisis van de PSOE nog het best te vergelijken met dat van de Griekse socialisten van de PASOK. De schuldencrisis, die een institutionele crisis werd, trof de sociaaldemocraten hard. Daarbij komen de corruptieschandalen die zowel de PP als de PSOE beroeren. Geen enkele traditionele partij ontspringt de dans.

Bovendien zijn er interne strubbelingen. Wanneer Pedro Sánchez de harde lijn van tijdens de campagne blijft aanhouden, is een definitieve breuk binnen de PSOE niet onmogelijk. Als hij het compromis weigert op te zoeken, dan zal een aanzienlijk deel van zijn partij hem de rug keren.

Wanneer Pedro Sánchez de harde lijn van tijdens de campagne blijft aanhouden, is een definitieve breuk binnen de PSOE niet onmogelijk.

Santiago Pérez-Nievas Montiel

Premier Mariano Rajoy doet zijn ambtstermijn dus gewoon uit?

PÉREZ-NIEVAS: Op korte en middellange termijn zie ik in Sánchez geen bedreiging voor de huidige regering. Sánchez moet een constructieve motie van wantrouwen indienen om Rajoy weg te krijgen. Daarvoor zijn veel partijen nodig en ik zie hem daartoe niet tot in staat. Enerzijds zou hij banden moeten smeden met Podemos, anderzijds met nationalistische Catalaanse partijen. Op de vooravond van een mogelijk onafhankelijkheidsreferendum zullen die laatste niet happig zijn om alternatieve coalities te smeden met Sánchez.

Het is waarschijnlijker dat de regering-Rajoy voortregeert. Mochten er al nieuwe verkiezingen komen, dan zal dat de keuze van Rajoy zijn, die zijn parlementaire meerderheid wil consolideren. De oppositie is te verdeeld en te veel bezig met zichzelf.

Zelfs mediatieke corruptiezaken lijken de eerste minister niet te schaden. We stellen vast dat de figuur van Mariano Rajoy zelfs aan sterkte wint. Zijn PP heeft ervaring met corruptieschandalen, ze weet hoe ze daarmee moet omgaan. Ik zie binnen het jaar geen nieuwe verkiezingen en geen nieuwe regering. Wie durft de regering overigens te laten vallen wanneer Catalonië staat te dringen voor een onafhankelijkheidsreferendum?