'Soort zoekt soort' is niet alleen een volkswijsheid. Het is ook een sociologisch onderbouwd fenomeen. In het interview met de Amerikaanse onderwijsexpert Michael Merry, dat u deze week in Knack kunt lezen, benadrukt hij dat het volgen van die volkswijsheid de keuze van een goede school niet noodzakelijk in de weg staat. Niet bij witte Vlamingen, maar ook niet bij Vlamingen met een migratieachtergrond. Die laatsten profiteren vaker dan algemeen wordt aangenomen van een schoolomgeving die lijkt op hun omgeving thuis.
...

'Soort zoekt soort' is niet alleen een volkswijsheid. Het is ook een sociologisch onderbouwd fenomeen. In het interview met de Amerikaanse onderwijsexpert Michael Merry, dat u deze week in Knack kunt lezen, benadrukt hij dat het volgen van die volkswijsheid de keuze van een goede school niet noodzakelijk in de weg staat. Niet bij witte Vlamingen, maar ook niet bij Vlamingen met een migratieachtergrond. Die laatsten profiteren vaker dan algemeen wordt aangenomen van een schoolomgeving die lijkt op hun omgeving thuis. Merry, die doceert aan de universiteit van Amsterdam, betwijfelt of de veelgeroemde 'sociale mix' naar betere onderwijskansen leidt. Op basis van vijftig jaar internationaal onderzoek stelt hij onomwonden: 'Meer diversiteit op school heeft doorgaans een negatief effect.' Niet alleen weegt de diversiteit van een school zwaar op leraars en schoolbestuur: hoe diverser de taalachtergronden van de leerlingen in een klas, om maar één voorbeeld te noemen, hoe moeilijker het wordt om goed les te geven. Ook de culturele stereotypen die in de les worden opgediept, remmen het samenhorigheidsgevoel: het is geen geheim dat klassieke lesinhouden zijn afgestemd op de witte middenklasse. De boodschap voor Vlamingen met een migratieachtergrond, zegt Merry, is helder: 'Jullie horen er niet bij.' Zeker in Vlaanderen is dat een controversiële positie. Van links over het centrum tot rechts benadrukken Vlaamse opiniemakers de voordelen van de sociale mix. Op rechts gebeurt dat doorgaans met iets meer kanttekeningen, en op links met wat meer vuur, maar toch: de consensus is duidelijk. Minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) schrikt er in andere discussies niet voor terug om dichter te gaan aanleunen bij haar iets rechtsere collega's - herinner u de oproep aan 'allochtone ouders en nieuwkomers' om 'wat meer engagement' te tonen. Maar in het recente debat over de aanmeldingssystemen voor Gentse en Antwerpse scholen onderstreepte ook zij het belang van de sociale mix in de klas. De zogenaamde 'dubbele contingentering' moest tegengaan dat er volkomen witte en volkomen zwarte scholen ontstaan. Net als veel andere politici was Crevits finaal tégen die dubbele contingentering, maar alleen omdat ze niet altijd even goed werkte. Niet omdat ze zich niet achter het streefdoel kon scharen. Dat de klas maar beter even divers kan zijn als de omgeving van de school, is in Vlaanderen een idée reçue. De stelling van Michael Merry heeft de verdienste dat ze ons doet nadenken voorbij de clichés. Minstens sinds de jaren negentig leeft zeker in linkse middens het idee dat we naar een smeltkroes moeten evolueren, waarin de diversiteit op álle vlakken van het leven zichtbaar moet worden, als ze al niet moet worden opgelegd. In die hoek wordt het idee doorgaans verdedigd vanuit de gedachte van gelijke kansen. Maar niet alleen onderwijsexperten twijfelen vandaag aan die argumentatie. Architecte Luce Beeckmans van de Gentse universiteit betoogde onlangs in Knack dat het smeltkroesidee in het woningbeleid en de stadsplanning niet altijd zaligmakend is: alle sociale klassen, leeftijden en etnische achtergronden 'krampachtig' in één appartementsgebouw stoppen, heeft weinig zin, zei ze. 'Er is geen enkel bewijs dat die strategie zou werken. En toch staat ze in elk Europees stedenbouwkundig beleid.' Sociaal contact kan je beter 'opwekken' in plaatsen die daarvoor gemaakt zijn: de publieke ruimte van marktplaatsen, parken of bibliotheken. Vlaamse onderwijsexperten geven toe dat de ideeën van Merry nog zo gek niet zijn, al wijzen ze wel op zijn Amerikaanse achtergrond: ook uit ander sociologisch onderzoek naar bijvoorbeeld segregatie blijkt dat de Amerikaanse resultaten niet zomaar naar Europa te transponeren zijn. Maar over één zaak zijn ze het wel eens: het wegwerken van ongelijke kansen moet de inzet zijn. Ook Merry wil geen komaf maken met gemengde scholen, maar dan moeten die wel voldoende middelen krijgen. Dat wil zeggen: méér middelen dan bijvoorbeeld uniform witte scholen. Tegelijk is het belangrijk dat witte Vlamingen niet blijven neerkijken op concentratiescholen. Onder meer in Nederland zijn sommige islamitische scholen uitgegroeid tot ware sterkhouders. Vanzelfsprekend kunnen we alleen maar hopen dat wit en zwart zo goed mogelijk samenleven. Een gemengde school heeft het voordeel dat zowel witte als zwarte kinderen al vroeg met diversiteit leren omgaan. Dat is belangrijk voor een goed begrepen burgerschap. Maar we moeten af van het idee dat concentratiescholen in alle omstandigheden een slecht idee zijn.