“Misschien is de grootste tragedie niet dat Iran vandaag in crisis is — maar dat wij zo lang hebben gedaan alsof het niet onze zaak was”, schrijft Veerle Deknopper.
De wereld kijkt vandaag opnieuw naar Iran, maar doet dat veel te laat. Wat maanden geleden al zichtbaar was in de Iraanse samenleving — woede, uitputting, angst en tegelijk hoop — werd in onze media aanvankelijk nauwelijks serieus genomen. Protesten werden gereduceerd tot incidenten, economische frustratie tot cijfers, en mensen tot statistiek. Pas toen het geweld escaleerde, leek Iran plots “nieuwswaardig” te worden.
Die laattijdige aandacht zegt evenveel over ons als over Iran.
Wat vooral opvalt, is wie níet werd gehoord. Iranisten, kenners van taal, cultuur en geschiedenis, bleven vrijwel volledig afwezig in het publieke debat. Alsof diepgaande expertise niet meer relevant is in een tijdperk waarin snelle meningen en geopolitieke clichés volstaan.
In België is dat pijnlijk zichtbaar. De laatste Iranist die doceerde aan de KU Leuven was professor Alois van Tongerloo. In 2007 verdween hij na twee negatieve evaluaties, maar in werkelijkheid werd de opleiding Iraanse studies simpelweg afgeschaft — te weinig relevant, te weinig interessant, zo leek het oordeel. Zijn vakgebied mocht verdwijnen, en hijzelf moest mee verdwijnen.
Van Tongerloo was een consequente en principiële stem. Hij weigerde Iran te bezoeken zolang het islamitisch regime aan de macht bleef. Niet uit vijandigheid tegenover het Iraanse volk, maar uit moreel verzet tegen een systeem dat vrijheid systematisch onderdrukt. Hij steunde het regime niet. Werd hij daarom als “te rechts”, te kritisch, te ongemakkelijk beschouwd? Zijn mening werd nooit gevraagd in de media.
Na hem kreeg zijn enige opvolger geen universitaire aanstelling meer. Daarmee verdween niet alleen een persoon, maar een volledige academische traditie. Sindsdien spreken wij over Iran zonder Iranisten. Van Tongerloo overleed in 2022, en met hem verdween een stille herinnering aan hoe intellectuele onafhankelijkheid langzaam wordt uitgegumd wanneer zij niet past binnen ideologische comfortzones.
Het lot van de Iraanse studies staat niet op zichzelf. Ook andere taal- en regiostudies aan de KU Leuven werden de voorbije jaren afgeschaft of gemarginaliseerd. Slavistiek verdween in een periode waarin Rusland opnieuw een centrale geopolitieke rol speelt. Net op het moment dat kennis van taal, cultuur en geschiedenis cruciaal is, besloot men dat deze expertise niet langer economisch rendabel genoeg was.
Dat roept de fundamentele vraag op: wordt hoger onderwijs vandaag uitsluitend economisch bekeken? Een universiteit is geen bedrijf. Ze moet mensen vormen die kritisch kunnen denken, complexe internationale relaties begrijpen en ons land kunnen helpen richting een doordacht, verantwoord beleid — ook op het vlak van buitenlandse politiek. Wanneer kennis en nuance verdwijnen, blijven alleen oppervlakkige analyses over, gevoed door vertaalde bronnen en ideologische filters.
Dat zorgt ervoor dat er ook in België nog veel misverstanden ontstaan. Zeker nu de situatie in Gaza ook hier volop gevolgd wordt, komt een bredere verwarring bloot te liggen. In bepaalde progressieve kringen lijkt men steeds moeilijker een moreel kompas te vinden dat consequent blijft. Solidariteit wordt selectief, standpunten worden voorzichtig omzeild, en fundamentele vragen over vrijheid, religie en onderdrukking worden soms liever niet gesteld. De hele toestand in het Midden-Oosten wordt economisch gereduceerd en verklaard. Over islamisme geen woord. Het lijkt alsof ze zich vastrijden tussen het willen verdedigen van de islam en hun haat naar Israel en het gezond verstand. Ieder volk in een vrijheidsstrijd dient gesteund te worden, onafhankelijk van ideologie of godsdienst
Dit komt ook terug in de publieke opinie. Er zijn in België intussen veel meer mensen met een Arabische achtergrond, dan met een Iraanse achtergrond. Maar Perzen en Arabieren zijn totaal niet te vergelijken. Waar Arabieren de islam zien als een identiteit, zien Perzen deze als een drukkingsmiddel. Bovendien mag men niet vergeten dat de overwegend soennitische Arabische migranten vaak neerkijken op de sjiitische Iraniërs, die het overgrote deel van de bevolking in Iran uitmaken. Voor deze historische, religieuze en culturele verschillen lijken onze politici vaak maar weinig oog te hebben.
Dat is de laatste jaren steeds meer duidelijk geworden: wie zich terecht inzet voor de Palestijnse bevolking, lijkt daarbij opvallend vaak het lot van de Iraanse bevolking te vergeten. Zo ontstaat een ongemakkelijke stilte rond een samenleving die net zo goed vecht voor waardigheid en zelfbeschikking.
De Iraanse bevolking vraagt geen ideologische voorzichtigheid. Ze vraagt vrijheid. Door het gebrek aan consequente aandacht, door het ontbreken van deskundige stemmen, en door het systematisch filteren van kritische perspectieven, hebben wij mee bijgedragen aan het onzichtbaar maken van hun strijd.
Iran is geen geopolitiek schaakbord, geen dossier, geen sanctiepakket. Iran is een samenleving van mensen die al decennia leven onder een systeem dat hun lichaam, hun woorden en hun toekomst controleert. Wie vandaag nog beweert dat deze protesten louter economisch zijn, heeft niet geluisterd. Wie ze herleidt tot buitenlandse manipulatie, weigert de autonomie van het Iraanse volk te erkennen. De protesten zijn existentieel. Ze gaan over waardigheid.
Wij hebben niet alleen een plicht om te kijken, maar ook om juist te kijken. Om expertise te herstellen. Om stemmen toe te laten die niet in ideologische hokjes passen. Om te erkennen dat kritiek op een islamitisch regime geen racisme is en evenzeer geen veroordeling van een godsdienst, maar vaak juist solidariteit met mensen die zelf onder dat extreme regime lijden.
Misschien is de grootste tragedie niet dat Iran vandaag in crisis is — maar dat wij zo lang hebben gedaan alsof het niet onze zaak was. Iran staat op een breuklijn. Maar ook wij staan op een moreel kruispunt: blijven we oppervlakkig toeschouwer, of durven we opnieuw luisteren naar kennis, nuance en moed?
Veerle Deknopper is kernlid van Vista, een politieke beweging die een Vlaams sociaal-liberaal alternatief voorstaat, dat de particratie doorbreekt en de band tussen Brussel en Vlaanderen versterkt.