Een ding staat vast: de wereld zal onder de 46e president van de Verenigde Staten een stuk saaier worden. De komende vier jaar zal de Amerikaanse president niet met een kernoorlog dreigen via sociale media. Er komen geen pogingen om Groenland te kopen, de taliban zullen niet uitgenodigd worden op Camp David, en Afrikaanse landen zullen niet langer shithole countries genoemd worden. Die saaiheid zal een groot deel van de wereld ongetwijfeld als verfrissend ervaren. Met Joe Biden komt een ervaren rot aan de macht, die gelooft in multilateralisme en de liberale internationale orde. Eind maart 2020 publiceerde hij Why America Must Lead Again, een essay waarin hij zijn ideeën voor buitenlands beleid uit de doeken deed. Volgens Biden moet Amerika na vier jaar Trump opnieuw 'aan het hoofd van de tafel zitten'. Hij wil weer aansluiten bij het Klimaatakkoord van Parijs, en wil dat Amerika zijn rol opneemt bij het oplossen van de corona-epidemie.
...

Een ding staat vast: de wereld zal onder de 46e president van de Verenigde Staten een stuk saaier worden. De komende vier jaar zal de Amerikaanse president niet met een kernoorlog dreigen via sociale media. Er komen geen pogingen om Groenland te kopen, de taliban zullen niet uitgenodigd worden op Camp David, en Afrikaanse landen zullen niet langer shithole countries genoemd worden. Die saaiheid zal een groot deel van de wereld ongetwijfeld als verfrissend ervaren. Met Joe Biden komt een ervaren rot aan de macht, die gelooft in multilateralisme en de liberale internationale orde. Eind maart 2020 publiceerde hij Why America Must Lead Again, een essay waarin hij zijn ideeën voor buitenlands beleid uit de doeken deed. Volgens Biden moet Amerika na vier jaar Trump opnieuw 'aan het hoofd van de tafel zitten'. Hij wil weer aansluiten bij het Klimaatakkoord van Parijs, en wil dat Amerika zijn rol opneemt bij het oplossen van de corona-epidemie. Waar Donald Trump graag het gezelschap van autoritaire leiders opzocht, zal Biden het opnieuw opnemen voor de democratische orde. Zo kondigde hij al aan een heuse Summit for Democracy te willen houden, een jaarlijkse top waar de liberaal-democratische regimes de koppen bij elkaar steken. Toch vermoedt Andrew Gawthorpe, die Amerikaans buitenlandbeleid doceert aan de Universiteit Leiden, dat het vooral bij symboliek zal blijven. 'In de praktijk lopen de belangen van democratieën niet gelijk. Amerika zal ook onder Biden met autocratieën moeten samenwerken om zijn belangen te behartigen. Dit gaat vermoedelijk niet leiden tot grote veranderingen in hoe Amerika zijn buitenlandbeleid voert.' Ondanks zijn decennialange ervaring is het moeilijk om in Bidens kijk op buitenlandbeleid een ideologische lijn te vinden. Hij stemde als senator tegen de Golfoorlog, maar steunde het Amerikaanse optreden in Joegoslavië, en ronselde zelfs actief steun voor de Irakoorlog. Tijdens zijn periode als vicepresident adviseerde hij in 2011 tegen de raid waarmee Osama Bin Laden werd uitgeschakeld, steunde hij de Amerikaanse troepenterugtrekking uit Irak, kantte hij zich tegen de interventie in Libië en was hij een grote pleitbezorger van de nucleaire deal met Iran. Maar evenzeer was Biden na de Russische annexatie van de Krim vóór grootschalige wapenleveringen aan het Oekraïense leger. De voorlopige samenstelling van Joe Bidens kabinet heeft iets weg van een gastenlijst voor een Obamareünie. Antony Blinken, de volgende minister van Buitenlandse Zaken, was onder Obama viceminister van Buitenlandse Zaken. Jake Sullivan, Bidens keuze om Nationale Veiligheidsadviseur te worden, was vicekabinetschef voor Hillary Clinton en een van de architecten van de Irandeal. John Kerry, die Biden wil benoemen als speciale gezant voor Klimaat, was minister van Buitenlandse Zaken onder Obama. Brett McGurk, die Bidens Midden-Oostenstrategie moet uittekenen, was de architect van Obama's Syriëbeleid. 'Om het met de Blues Brothers te zeggen: they're putting the band back together', zegt Barry R. Posen, hoogleraar internationale politiek aan het Massachussetts Institute of Technology (MIT). Alleen ziet de wereld er anno 2021 helemaal anders uit. 'De Amerikaanse machtspositie is de voorbije twaalf jaar grondig verzwakt', zegt Posen. 'De tijd dat Amerika de enige, onbetwiste grootmacht was, is voorbij. China is een grootmacht met enorme militaire en economische capaciteiten. Rusland is een stuk sterker dan tien jaar geleden. Militaire actie is hypertechnologisch geworden en dus enorm veel duurder, waardoor Amerika gewoon minder middelen heeft om dingen te doen in de wereld. Dat is een realiteit waaraan al die liberale internationalisten zich moeten aanpassen. Het politieke, economische en militaire kapitaal van Amerika is beperkt, en dan moet je prioriteiten stellen. Ik zie voorlopig geen aanwijzingen dat ze die les hebben geleerd.' De keuze voor oude getrouwen is des te vreemder omdat Obama als president op gespannen voet leefde met het Amerikaanse establishment op het stuk van buitenlands beleid. Obama's topadviseur Ben Rhodes sprak indertijd weinig flatterend over The Blob, naar het gelatineachtige, onaantastbare filmmonster dat alles op zijn weg verslindt. Zelfs een frenetieke centrist als Joe Biden kreeg het geregeld op zijn heupen van hun voortvarendheid en drang tot interventie. 'Bidens team bestaat uitsluitend uit klassieke liberale internationalisten', zegt Posen. 'Ze zijn voor vrijhandel, voor liberale democratie, voor interventionisme. Het zijn hyperambitieuze beleidsmakers vol grootse plannen die geconfronteerd worden met serieuze beperkingen, en met een bevolking die niet langer zin heeft in buitenlandse avonturen. Zullen ze bereid zijn om keuzes te maken en prioriteiten te stellen? Dat zal ongetwijfeld tot grote spanningen leiden.' Het is veelzeggend dat Bidens buitenlandessay voor meer dan de helft over Amerikaans binnenlandbeleid gaat. Daarbij komt dat de economische impact van de coronacrisis enorm is in Amerika, terwijl de pandemie in China geen grootschalige economische repercussies lijkt te hebben. Die economische crisis, maar evenzeer de decennialange teloorgang van de Amerikaanse middenklasse, wil Biden tegengaan met keynesiaanse investeringsplannen. Door de onverhoopte dubbele overwinning in de Senaatsverkiezing in Georgia van 5 januari heeft Biden zowel in het Huis van Afgevaardigden als in de Senaat een meerderheid, waardoor hij minstens een kans krijgt om ze ook ten uitvoer te brengen. Maar tegelijk zullen die investeringen bijdragen aan de al schrikbarend hoge Amerikaanse staatsschuld. Het afgelopen jaar liep het Amerikaanse begrotingstekort op tot 3100 miljard dollar, goed voor 15,2 procent van het bruto nationaal product, het grootste begrotingstekort sinds 1945. Door die ontsporende begroting groeit de onzekerheid over de rol van de Amerikaanse dollar als wereldwijde reservemunt. De olieprijs, buitenlandse schulden, het internationale bankverkeer: het wordt vandaag allemaal uitgedrukt in dollars. 'Dat gaf Amerika een enorme invloed', zegt David Criekemans, hoogleraar internationale politiek aan de Universiteit Antwerpen. 'De Verenigde Staten zijn al die jaren in de unieke positie geweest dat ze in zekere zin zelf bepaalden hoeveel schulden ze hadden. Maar zodra de dollar zijn status als reservemunt verliest, wordt Amerika in veel opzichten een land als alle andere.' Dat de nieuwe president vermoedelijk niet met een kernoorlog zal dreigen op Twitter betekent nog niet dat vier jaar Trump geen sporen zal nalaten in het Amerikaanse buitenlandbeleid. Zo lijkt het tijdperk van de vrijhandelsakkoorden voorgoed voorbij. Op een (lang aangekondigde) heronderhandeling van het NAFTA-vrijhandelsakkoord met Mexico en Canada na heeft Trump buitenlandse handel vooral bemoeilijkt. Hij verliet bijna onmiddellijk het Trans-Pacific Partnership, een vrijhandelsakkoord met landen in de Stille Zuidzee dat Obama wilde gebruiken om de invloed van China in te dijken. Daarnaast vocht Trump tarievenoorlogen uit met China en Europa. Ook onder Biden lijken die vrijhandelsakkoorden niet zomaar terug te keren. Tijdens de campagne sprak hij de belofte uit enkel over nieuwe handelsakkoorden te willen onderhandelen als die voor extra arbeidsplaatsen in de VS zorgen. Die herpositionering heeft in belangrijke mate electorale motieven, meent professor Criekemans. 'De Democraten hebben de voorbije decennia de neoliberale vorm van globalisering omarmd. Ze hebben vrijhandelsakkoorden gesloten die de Amerikaanse invloed in de wereld hebben vergroot, maar in eigen land gezorgd hebben voor grootschalige job-vernietiging. Daardoor zijn de Democraten een belangrijk deel van hun achterban in de staalsector, de mijnbouw en de automobielsector kwijtgeraakt. Daarop hoopt Biden nu een correctie uit te voeren. Sowieso zal hij een balans moeten vinden tussen binnenlandse en buitenlandse politieke belangen. Dat betekent meteen dat de belangen van Europa en de Verenigde Staten niet altijd meer gelijklopen. ' Maar Trumps voornaamste erfenis in het Amerikaanse buitenlandbeleid is de manier waarop de VS met de opkomst van China omgaan. 'Trump heeft de Amerikanen ervan overtuigd dat China een existentieel gevaar vormt', Matthew Ferchen, expert Chinees-Amerikaanse relaties bij het Mercatorinstituut voor Chinastudies in Berlijn. Die overtuiging gaat verder dan retoriek, meent Ferchen, die erop wijst dat de handelsoorlog Trump nauwelijks stemmen lijkt te hebben gekost. 'Toen China de tarieven op landbouwproductie verhoogde, konden de boeren die in 2016 voor Trump hadden gestemd plots hun soja niet meer verkopen aan China. En toch hebben ze hem niet in de steek gelaten. Dat is een van de meest bijzondere vaststellingen van de afgelopen vier jaar: veel Amerikanen zijn bereid economische schade te lijden om China een hak te zetten.' Onder Obama was Biden al een van de architecten van de zogenaamde Pivot to Asia, waarbij de VS hun aandacht en middelen gaandeweg richting Azië en de Chinese Zuidzee heroriënteerden. Maar tegelijk bekijkt Biden de opkomst van China niet in ideologische termen. 'Biden snapt dat je China alleen kunt aanpakken als je praktisch ingesteld bent en bondgenoten zoekt', zegt Ferchen. 'Waar Trump ervan uitging dat Amerika in z'n eentje sterk genoeg was om China klein te krijgen, zal Biden op zoek gaan naar partners om de druk te verhogen.' Daarvoor kijkt Biden in de eerste plaats naar Europa, waar ook de nodige onvrede bestaat over Chinese marktpraktijken, spionage en mensenrechtenschendingen. Maar net de Europese Unie sloot afgelopen december een investeringsdeal met China waarbij de belangen van de Duitse auto-industrie boven Europese waarden en autonomie werden geplaatst. Het is een pijnlijke illustratie van de vaststelling dat de Amerikaanse en de Europese belangen niet automatisch meer sporen. Een minstens zo belangrijke factor in de Amerikaans-Chinese machtsverhouding is de schampere manier waarop China naar het eens zo machtige Amerika kijkt. 'Binnen het Chinese establishment heerst de diepe overtuiging dat de Verenigde Staten in verval zijn', benadrukt Ferchen. 'Toen ik tijdens de economische crisis van 2008 in China woonde, was iedereen er al van overtuigd dat het Westen zou instorten. Dat leidt tot een zekere vorm van onderschatting: de top van het Chinese beleid onderschat het Amerikaanse vermogen om te hervormen en zich opnieuw uit te vinden. Het is voor hen heel moeilijk om de Amerikaanse politiek te begrijpen. Dat kun je hun moeilijk verwijten. Ik ben nota bene Amerikaan, en zelfs ik heb soms moeite om te begrijpen wat er gebeurt.' In zekere zin zal Biden ook de aloude evergreens moeten brengen die zowat elke traditionele Amerikaanse president te berde brengt. Hij zal Europa - vermoedelijk een stuk beleefder dan Trump - met aandrang vragen om meer geld te besteden aan defensie. Maar tegelijk heeft Biden steun nodig tegen China, waardoor een al te strenge reprimande contraproductief zal blijken. 'Veel Amerikaanse beleidsmensen zien Europa als een vervelende tiener die dringend voor zichzelf moet zorgen', glimlacht Gawthorpe. 'Maar tegelijk vinden ze het niet fijn dat Europa op eigen houtje met China deals onderhandelt. Die spanning zal de komende jaren alleen maar toenemen.' In tegenstelling tot Trump zal Biden het ook niet nalaten om harde taal te spreken tegen Rusland. Tijdens de campagne noemde hij Rusland 'de grootste bedreiging voor Amerika'. Maar tegelijk lijkt Biden niet van plan om ook echt de oorlogstrom te roeren tegenover Rusland. Zijn strenge woorden lijken vooral bestemd voor de Democratische achterban, waar veel kiezers echt schijnen te geloven dat Vladimir Poetin verantwoordelijk was voor de verkiezing van Donald Trump in 2016. Hoewel de verwachtingen laaggespannen zijn, lijken de relaties enkel beter te kunnen. Ook Trump is er ondanks zijn opmerkelijke bewondering voor Poetin niet in geslaagd om Rusland uit de verdomhoek te halen. Criekemans ziet mogelijkheden tot toenadering. 'Biden is een voorstander van wapenbeheersingsverdragen. In tegenstelling tot Trump lijkt hij wel bereid om het New START-verdrag, waarbij Rusland en de VS beloofden hun nucleaire arsenaal in te perken, te verlengen.' Ook Noord-Korea blijft een probleem. Trump reed een apart Noord-Koreaparcours: nadat hij Kim Jung-un eerst had geridiculiseerd met de grootte van zijn lanceerknop, kwam het tot meerdere ontmoetingen waarbij de twee de liefde voor elkaar bezongen. Al bij al veranderde er weinig, al pakt Noord-Korea de laatste maanden minder uit met zijn nucleaire wapentuig. Biden lijkt te zullen opteren voor strategisch geduld en voorlopig niet tot actie over te willen gaan. 'De reden daarvoor is eenvoudig: er is niets aan te doen', zegt Posen. 'Je kunt geen militaire actie tegen Noord-Korea ondernemen, en diplomatiek kun je niets zonder de steun van China. Eigenlijk kan Biden het probleem enkel negeren en hopen dat het niet erger wordt.' De grootste vraag in Bidens buitenlandbeleid wordt ongetwijfeld het Midden-Oosten. Als kandidaat sprak Biden zijn ambitie uit om de nucleaire deal met Iran, die Trump in 2018 opblies, weer tot leven wekken. Hij wil Amerika op een kleine antiterreureenheid na terugtrekken uit Afghanistan, en wil een einde maken aan de oorlog in Jemen. Tijdens de campagne was Biden ongewoon kritisch voor Saudi-Arabië. Gawthorpe ziet in Bidens voornemens een verschuiving die al onder Obama begon. 'In Democratische kringen groeit al enige tijd het besef dat Saudi-Arabië een probleem is. Biden zal Saudi-Arabië niet buiten de deur zetten, maar het is duidelijk dat de Saudische beweegruimte beperkt zal worden. Het is niet langer een bondgenoot van wie het alles wil tolereren.' Ook de spanningen met Turkije dreigen onder Biden hoog op te lopen. Onder Trump werden ze nog getemperd door zijn vriendschappelijke omgang met president Recep Tayyip Erdogan, maar het aantreden van Biden lijkt voor vuurwerk te zullen zorgen. Criekemans verwacht dat de VS zich de komende jaren opnieuw zullen manifesteren in de Middellandse Zee, waar Turkije, Griekenland en Cyprus al enige tijd bekvechten over de ontginning van nieuwe gasvelden. Criekemans wijst erop dat Noble Energy, het Amerikaanse bedrijf dat nieuwe gasvelden voor de Cypriotische kust zou exploiteren, onlangs werd overgenomen door Chevron. 'Dat verandert alles', zegt Criekemans. 'Chevron is een mastodont met een rechtstreekse lijn naar het Witte Huis. Ik kan me voorstellen dat Biden bereid is om de Amerikaanse vloot in te zetten om die belangen veilig te stellen.' Barry Posen betwijfelt of Biden ook als president terughoudendheid zal prediken. 'De aanstelling van Brett McGurk, die onder Obama de anti-IS-strategie uittekende, is een indicatie dat Amerika zich opnieuw wil mengen in de oorlog in Syrië en Irak. Dan zul je toch met Saudi-Arabië moeten samenwerken. Ik zie niet in hoe Biden zijn personeelskeuzes zal kunnen verzoenen met zijn campagnebeloften.' Zoals elke ondernemer of gezagsdrager beseft Biden dat goed personeel schaars is. Het is bij het samenstellen van een kabinet net zo, weet Posen. 'Ons allergrootste probleem is dat er onder Amerikaanse beleidsmakers een bijna totale consensus heerst over wat er moet gebeuren. Eigenlijk zijn Republikeinen en Democraten het over de grote lijnen opmerkelijk vaak eens. Dat zorgt ervoor dat je als adviseur of beleidsmaker enkel carrière kunt maken als je die grote lijnen onderschrijft. Dat was een van de grote problemen die Trump had: hij vond letterlijk niemand die bereid was om zijn ideeën te steunen en uit Irak of Afghanistan te vertrekken. De Republikeinse Partij is de voorbije jaren bereid geweest om hem in álles te steunen. Kinderen in kooien stoppen aan de grens: geen probleem. Maar de troepen terugtrekken uit Afghanistan? Ontoelaatbaar.'