Begin oktober zaten bijna 2 miljoen Californiërs dagenlang zonder stroom. Het elektriciteitsbedrijf Pacific Gas & Electric (PG&E), dat het enige nutsbedrijf is in het centrale en noordelijke deel van de grootste staat van de VS, had uit voorzorg de stroom afgesloten in talloze regio's vanwege de weersomstandigheden. Harde winden en een lage luchtvochtigheid zorgen in grote delen van Californië voor een extreem hoog risico op bosbranden.
...

Begin oktober zaten bijna 2 miljoen Californiërs dagenlang zonder stroom. Het elektriciteitsbedrijf Pacific Gas & Electric (PG&E), dat het enige nutsbedrijf is in het centrale en noordelijke deel van de grootste staat van de VS, had uit voorzorg de stroom afgesloten in talloze regio's vanwege de weersomstandigheden. Harde winden en een lage luchtvochtigheid zorgen in grote delen van Californië voor een extreem hoog risico op bosbranden. Apparatuur van PG&E blijkt de oorzaak geweest te zijn van de grootste bosbrand in de geschiedenis van Californië, de Camp Fire in het dorpje Paradise, dat in 2018 aan 85 mensen het leven kostte en waarbij 19.000 gebouwen in brand op gingen. Het was ook de apparatuur van PG&E die in 2017 het leven kostte aan tientallen slachtoffers bij de verschillende bosbranden in de wijnstreek Sonoma, waarbij hele wijken van de grote stad Santa Rose in vlammen op gingen. Tussen 2014 en 2017 rapporteerde PG&E 2000 evenementen waarbij de apparatuur een brand veroorzaakte, oftewel zo'n 1,5 brand per dag - waarvan verreweg de meeste gelukkig snel onder controle waren. In dat opzicht kan het als geruststellend gezien worden dat PG&E begin oktober uit voorzorg de stroom van de stroomkabels haalde. Dit weekend gaat het elektriciteitsbedrijf dat opnieuw doen in grote delen van de staat en ook Edison, het bedrijf dat in het zuiden van Californië de stroom verzorgt, is van plan voor minstens 300.000 huishoudens de stroom af te sluiten. Toch is er veel kritiek op deze werkwijze van de elektriciteitsbedrijven. Waarom? Californië en bosbrandenBosbranden horen bij de natuurlijke cyclus van Californië. Maar door een combinatie van klimaatverandering, slecht bosbeheer en de huizencrisis worden bosbranden steeds intenser van aard, oftewel: bosbranden duren langer en richten veel meer schade aan dan voorheen. In de laatste tien jaar vonden vijf van de tien grootste bosbranden (qua oppervlakte) plaats in de staat, en zeven van de meest destructieve. Door klimaatverandering worden de hete, droge zomers van Californië veel intenser. Na een jarenlange droogte waarin er het hele jaar nauwelijks regen viel, zorgde dat voor een verhoogd risico op bosbranden. Maar zelfs in jaren met extreem natte winters, zoals het afgelopen jaar, is er in de zomer van groot gevaar op bosbranden, omdat door al die regen extra grassen en struiken groeien. Die krijgen vervolgens vanaf het voorjaar amper neerslag meer, waardoor ze tegen het einde van de zomer en in de herfst extreem vatbaar zijn voor vuur: een klein vonkje kan al een enorme bosbrand tot gevolg hebben. Daar komt bij dat het bosbeheer in de staat de afgelopen decennia van erbarmelijke kwaliteit was. Paradoxaal genoeg zorgt het beleid van de afgelopen decennia om bosbranden zo snel mogelijk te blussen nu voor problemen. Er is een overschot aan brandbaar materiaal op heel veel plekken in de staat. De staat wordt ook wel een tinderbox genoemd, een soort kruidvat. En dan is het nog het staande beleid dat na een bosbrand de bomen die van nature terug groeien gekapt worden, om plaats te maken voor aangeplant bos. Maar uit onderzoek blijkt dat dit soort monoculturen van dezelfde boomsoort juist extra vatbaar zijn voor bosbranden. De bossen rondom Paradise die vorig jaar in recordtempo in brand vlogen (de brand groeide op het hoogtepunt met een voetbalveld per seconde) waren aangeplant na een eerdere (kleinere) bosbrand in 2008. En dan is het nog het feit dat door de huizencrisis mensen steeds verder weg van de stad en meer in de natuur gaan wonen. Stedelijke gebieden in Californië zoals de San Francisco Bay Area of Los Angeles zijn voor veel mensen, zeker gezinnen, nagenoeg onbetaalbaar. Goedkopere woningen worden gebouwd in zogenaamde wildland-urban interfaces, oftewel: er worden stadjes en dorpen opgetrokken in natuurgebieden. De helft van de Californische bevolking woont inmiddels in een gebied dat een groot risico op bosbranden heeft. Dat levert meer gevaar op voor de mensen zelf: maar het kan bosbranden ook intenser maken, omdat gebouwen een vuurzee kunnen voeden met zeer potent brandmateriaal. Geen geld voor onderhoud, wel voor dividendMet de hoge bevolkingsdichtheid in natuurgebieden en de enorme voorraad aan brandmateriaal, zijn twee van de drie voorwaarden voor catastrofale bosbranden reeds aanwezig. De derde component is de ontsteking. Vuur ontstaat ergens, en in Californië onstaan bosbranden in 95 procent van de gevallen door menselijke interventie. Dat kunnen ongelukken of nalatigheid zijn, zoals een onbeheerd kampvuur, maar in veel gevallen gaat het om de stroomdraden en andere apparatuur van het elektriciteitsnet. In Californië is ruim 402000 kilometer aan bovengrondse stroomdraden. Bijna 161.000 kilometer daarvan is van PG&E. Omdat PG&E het enige stroombedrijf is in het noorden en centrale deel van de staat, is het verantwoordelijk voor al die stroomdraden, vaak in heuvel- en bergachtig gebied, omgeven door het eerder genoemde dorre en uitgedroogde landschap dat als kruidvat kan werken. Dat zou op zich niet zo'n probleem zijn, ware het niet dat PG&E al jarenlang veel te weinig geld heeft gestoken in onderhoud en reparaties van de apparatuur, evenals van het snoeien van bomen rondom de apparatuur. Omdat de stroomdraden niet geisoleerd zijn , kan een aanraking tussen een stroomdraad en een boomtak al voor vuur zorgen. En als het hard waait, en een stroomdraad onder spanning los waait, kan een kort contact met dor gras al voor een onmiddellijke vuurzee zorgen. Daarom sloot het bedrijf deze maand meerdere keren de stroom af. Maar waarom is het elektriciteitsnet dat stroom levert aan 16 miljoen klanten niet in betere staat? Dat komt door wat je in het beste geval een incompetente en in het slechtste geval corrupte directie van het bedrijf kunt noemen. PG&E wist al jaren dat de verouderde apparatuur een groot risico op bosbranden met zich meedroeg, maar deed er opvallend weinig aan. Het bedrijf zei geen geld te hebben voor het noodzakelijke onderhoud, maar keerde ondertussen miljarden aan dividend uit aan aandeelhouders. Dat geld, 4,5 miljard dollar, kwam overigens van de huishoudens die een tariefverhoging kregen op de geleverde stroom zodat PG&E zogenaamd onderhoudswerk kon uitvoeren.De dividenduitkering werd PG&E niet in dank afgenomen en kan inmiddels ook niet meer. Een rechter heeft PG&E verboden nog dividend uit te keren zolang noodzakelijk onderhoud aan apparatuur en het snoeien van bomen niet gedaan is. Dat kan, omdat de rechter PG&E de proeftijd waar het bedrijf in zit naar aanleiding van een gas-explosie in 2010 (waarbij acht mensen om het leven kwamen en een wijk in de stad San Bruno werd platgelegd) overziet. Tijdens de zitting in april gaf de rechter, William Alsup, PG&E er goed van langs. 'PG&E heeft 4,5 miljard dollaar aan dividend weggepompt maar het bomenbudget laten verdorren', zei hij. 'Heel veel van wat naar die dividenden ging had naar de bomen kunnen gaan.'Daarnaast gaf PG&E ook miljoenen uit aan lobby-activiteiten en de campagnes van (Californische) politici. Alleen al aan de verkiezing van de gouverneur Gavin Newsom, die in 2018 verkozen werd, besteedde PG&E 200.000 dollar. En in 2018, na de rampzalige wijnstreek-branden, steeg het totale lobby-budget van 1,6 naar 8,3 miljard dollar per jaar.FaillietPG&E staat erom bekend nauwe banden te hebben met de Californische staatspolitiek en dat verklaart grotendeels waarom ze zo lang weg hebben kunnen komen met het uitstellen van noodzakelijke reparaties en onderhoud. Maar het tij lijkt te keren. Gouverneur Newsom haalde eerder deze maand fel uit naar het bedrijf omdat ze het afgelopen jaar niet genoeg voortgang hebben gemaakt, wat leidde tot de stroomafsluiting in grote delen van de staat. En de burgemeester van San Francisco London Breed bekijkt opties om de stroomvoorziening in de stad van PG&E over te nemen en voortaan als gemeentelijke dienst aan te bieden. PG&E heeft ondertussen steeds minder het heft in eigen handen. In januari vroeg het bedrijf faillissement aan om de aankomende miljarden aan schadevergoedingen die het verwacht niet of niet geheel te hoeven betalen. PG&E is immers aansprakelijk voor zowel de Camp Fire als de wijnstreek-branden uit 2018 en 2017, en al duizenden slachtoffers hebben rechtszaken aangespannen. Het bedrijf verwacht tot 30 miljard dollar aan schadevergoedingen te moeten uitkeren, terwijl het een jaaromzet van 13 miljard heeft. Een faillissementsrechter moet nu uitzoeken hoe en in welke mate PG&E de verwachtte schadevergoedingen kan betalen. Het lijkt erop dat slachtoffers genoegen moeten zullen gaan nemen met lagere bedragen dan waar ze waarschijnlijk recht op hebben. En hoe meer geld er gaat naar schadevergoedingen, hoe minder er beschikbaar is voor reparaties en onderhoud. Naar verwachting zullen de tarieven voor stroom de komende jaren veel stijgen, terwijl de afnemers tegelijkertijd rekening moeten houden met meer en langere stroomuitvallen in verband met brandgevaar. De Californiër betaalt straks dus meer en meer voor slechtere service. Om nog maar te zwijgen van kosten die geplande stroomuitval met zich mee brengt. De stroomuitval van begin oktober wordt op 1,8 tot 2,6 miljard dollar geschat. De uitval van dit weekend kan wel 36 uur duren en zal opnieuw enorme kosten met zich mee brengen. Het is moeilijk voor te stellen dat dit de plek is waar technologische innovatie centraal staat: waar bedrijven als Hewlett Packard, Apple, Facebook en Google vandaan komen. Maar Californië is ook de staat waar politici jarenlang wegkeken terwijl een elektriciteitsbedrijf met een monopolie wanstaltig met geld en de publieke veiligheid omging. Met catastrofale natuurrampen als gevolg.