Na Brazilië is Colombia het land met de meeste biodiversiteit ter wereld. Het Andesgebergte loopt er over in het Amazonewoud. Het gebied grenst aan twee oceanen en de Caraïbische tropen. Hier vind je tien procent van alle organismen op de planeet en honderden dieren die je elders niet tegenkomt.

Rodrigo Botero is gespecialiseerd in plattelandsontwikkeling en directeur van de ngo Fundación para la Conservación el Desarrollo Sostenible (FCDS). De organisatie ijvert voor natuurbehoud en duurzame ontwikkeling. Botero's bureau hangt vol met foto's van de natuurparken in het Amazonewoud waarvan hij als staatsambtenaar ooit directeur was.

Botero straalt wanneer hij zich de periode vlak na de vredesakkoorden herinnert. 'Het was indrukwekkend! We ontdekten een nieuw universum. De hoeveelheid nieuwe soorten, de biodiversiteit, de verschillende bodems, het oversteeg onze wildste verwachtingen.' Alleen al het eerste jaar na de vredesakkoorden ontdekten wetenschappers 89 nieuwe organismen.

Nicola Clerici in zijn bureau. © Frauke Decoodt

De guerrilla, goed voor de biodiversiteit

Door het conflict konden wetenschappers grote delen van het grondgebied, en haar biodiversiteit, lange tijd niet bestuderen. Deels omdat het te gevaarlijk was, deels omdat je toestemming nodig had van de guerrilla.

Betsy Ruiz vocht vijventwintig jaar bij de FARC in het Amazonegebied. Terwijl ze haar nagels lakt, legt ze uit waarom wetenschappers vaak niet werden toegelaten. 'We verdachten hen ervan dat ze terwijl ze één of andere kikker bestudeerden ook informatie verzamelden voor de inlichtingendiensten.'

De FARC was goed voor de biodiversiteit.

Nicola Clerici, doctor in de milieuwetenschappen gespecialiseerd in ontbossing

Nu leeft Ruiz in een herintegratiezone voor voormalige FARC-strijders, ver weg van de natuur waarin ze zo lang schuilde en die ze zo mist. Volgens Ruiz beschermde de FARC de natuur uit overtuiging. 'Indien men bos wou kappen moest men toestemming krijgen. Landbouw, veeteelt, visvangst en jagen waren gereglementeerd. We hadden veel en strikte regels.' Botero voegt hieraan toe dat degenen die de regels niet naleefden zware straffen riskeerden. 'Dit kon gaan van een boete of werkstraffen tot verbanning of executie.'

Dat de FARC zoveel belang hechtte aan de naleving van de milieuregels had niet alleen met overtuiging te maken. De guerrilla kon zich beter verstoppen in een ondoordringbare jungle. Een duurzaam en kleinschalig natuur- en ontwikkelingsbeleid voorzag de bevolking en guerrilla van water en voedsel. Soms kon de natuur ook herleven omdat bepaalde gebieden vol mijnen lagen of de bevolking door de onveiligheid naar de steden trok.

Financiële en militaire overwegingen wonnen het echter soms van de liefde voor het milieu. Vooral voor de cocateelt kapte de FARC aardig wat bos. Mijnbouw en sabotage aan petroleuminstallaties deden de natuur ook niet veel goed. Toch is Nicola Clerici, een Italiaanse doctor in de milieuwetenschappen gespecialiseerd in ontbossing, helder: 'De FARC was goed voor de biodiversiteit.'

Regenwoud in Caqueta. © Frauke Decoodt

Ongekende ecosystemen gaan verloren

Het jaar na de vredesakkoorden nam de ontbossing met 23 procent toe. In 2017 vernietigde men 219.973 hectares, 65 procent hiervan in het Amazonewoud. Er bestaan nog geen officiële cijfers voor 2018, maar Global Forest Watch schat dat er toen 321,855 hectares bos verdween, een gebied groter dan een tiende van België.

In zijn kleine bureautje aan de Colombiaanse Universiteit van Rosario toont Clerici tientallen ontmoedigende satellietbeelden. 'Ontbossing is het meest waarneembaar, maar ook andere ecosystemen zoals weides op de hoogvlakte worden vernietigd.'

Botero en Clerici trekken aan de alarmbel. 'We verliezen nu ecosystemen waar we het bestaan zelfs niet van kennen of die we amper konden bestuderen.' Binnen de biodiversiteit die men wel al kon bestuderen zijn meer dan 1300 organismen bedreigd. Beide wetenschappers wijzen er bovendien op dat niet alleen de natuur maar ook archeologische schatten en geïsoleerde inheemse volkeren getroffen worden.

Gunstig investeringsklimaat

De wetenschappers zijn verontwaardigd dat zelfs in de vele natuurparken vlijtig gekapt wordt. Meer dan tien procent van het Colombiaanse grondgebied is natuurpark, samen zijn die gebieden ongeveer vierenhalf maal zo groot als België. 'De staat heeft de capaciteit of de ambitie niet om de boskap in deze parken tegen te houden', verzucht Botero.

Volgens de wetenschapper is het Colombiaanse beleid soms tegenstrijdig. 'Enerzijds promoot de staat milieuprogramma's, duurzaam toerisme en wetenschappelijke studies. Anderzijds laat ze grootschalige veeteelt en landbouw toe, bouwt ze nieuwe havens en wegen, en bevordert ze petroleumexploitatie en mijnbouw.' Het vredesakkoord creëerde een gunstig investeringsklimaat voor ondernemingen die niet zo gunstig zijn voor de natuur.

Niemandsland

De afwezigheid van de staat is echter ook een probleem. Carlos Leon wou vroeger cowboy worden, maar studeerde dan toch maar voor veearts. Hij is nu directeur van de Caqueta afdeling van Sinchi, een onderzoeksinstituut dat de Amazone bestudeert. In deze provincie werd fel gevochten. 'Toen de FARC uit deze gebieden verdween nam de staat hun plaats niet in', legt Leon uit. 'Het gebied werd niemandsland. Je kan er doen wat je wil.' De illegale mijnbouw en cocateelt vinden eenvoudig hun weg naar deze gebieden.

Regenwoud in Caqueta. © Frauke Decoodt

Je kan er ook gewoon land innemen en het jouw eigendom maken. Landspeculatie is momenteel de voornaamste oorzaak van ontbossing, voornamelijk omdat corruptie hier welig tiert. De bomen worden gekapt en verbrand, er komt een koetje of plantage om te tonen dat het in gebruik is, de eigendomstitel verschijnt later wel en de boete waarschijnlijk nooit. Leon spreekt in eigen naam, niet voor Sinchi, maar het moet hem duidelijk van het hart. 'Het probleem is niet de kleine landloze boer die wat bomen kapt. Om een bos te kappen heb je veel geld nodig. Dit zijn grote landeigenaars, bedrijven, politici, drugskartels en geldschieters die in de grote steden wonen.' Hoe meer grond ze vergaren, hoe meer economische en politieke macht ze hebben.

Onderzoek opnieuw niet meer mogelijk

Niet alleen de boskap maakt het voor wetenschappers onmogelijk de Colombiaanse biodiversiteit te bestuderen. Toen de staat de controle niet overnam van de FARC veranderden deze gebieden in een vrijhaven voor drugskartels, paramilitairen en nieuwe en oude guerrillabewegingen. Er wordt zo terug volop gevochten in Colombia. Alle wetenschappers bevestigen dat de opening die er even was voor onderzoek al terug is gesloten. Ze kunnen het gebied niet meer in. 'Deze groepen hebben bovendien een andere logica dan de FARC wat natuurbehoud betreft, ze bevorderen de boskap', voegt Botero toe.

Rodrigo Botero in zijn bureau. © Frauke Decoodt

Of de nieuwe conflicthaarden net als voordien de natuur ten goede zullen komen valt dus nog af te wachten. Clerici kreeg alvast een beurs om te onderzoeken of ook in andere tropische werelddelen conflicten een positieve invloed op de biodiversiteit kunnen hebben. Toch zijn de wetenschappers ervan overtuigd dat het vooral om beleidskeuzes gaat. 'Willen we investeren in petroleum of in bosbeheer?' vraagt Leon. De voorstellen van Clerici, Botero en Leon klinken opvallend gelijk. Investeer in kennis en duurzame economische projecten zoals kleinschalig toerisme. Controleer natuurparken, geef boetes aan wie natuur vernietigt, registreer en beperk landbezit.

Een collega van Clerici op de universiteit van Rosario, Dr. Juan Posada is hoopvol. Deze bioloog bestudeert herbebossing. Hij is ervan overtuigd dat indien de juiste keuzes op tijd gemaakt worden de natuur een enorme capaciteit heeft om te herleven.

Ontbost terrein in Caqueta. © Frauke Decoodt