Drie agentschappen van de Verenigde Naties -het vluchtelingenagentschap UNHCR, het kinderfonds UNICEF en de internationale organisatie voor migratie IOM- dringen er bij de Europese staten op aan om het onderwijs voor kinderen van vluchtelingen en migranten te stimuleren.

Binnen de Europese Unie gaat het om zo'n 2,1 miljoen kinderen (2,6 procent) die geboren werden in een andere lidstaat en 3,4 miljoen (4 procent) die van buiten de EU afkomstig zijn. Bijna de helft is ouder dan vijftien jaar. Voor België gaat het om 105.252 kinderen of 4 procent van de schoolgaande jeugd.

Sommige vluchtelingenkinderen hebben nooit onderwijs genoten in hun thuisland. Anderen waren maanden op de vlucht en hebben dus een aanzienlijke onderwijsachterstand en/of trauma's opgelopen. Al deze kinderen hebben lagere schoolresultaten als ze onvoldoende extra ondersteuning krijgen, merken de VN-agentschappen op. Vooral kleuters en oudere tieners zijn kwetsbaar, omdat ze vaak buiten de verplichte leerplicht vallen. In België ligt het aantal vroegtijdige schoolverlaters meer dan dubbel zo hoog (op bijna 20 procent) bij migranten van buiten de EU, dan bij autochtone kinderen.

De VN pleit daarom dat de overheden meer zouden investeren. Bijvoorbeeld in specifieke onthaalklassen, in leraren die opgeleid zijn om met migrantenkinderen te werken, in psychosociale ondersteuning, enzovoort. Ook de banden tussen scholen en openbare diensten zoals kinderbescherming zouden moeten worden versterkt.

Specifiek voor België wordt er volgens de VN-agentschappen te weinig geïnvesteerd in de OKAN-onthaalklassen. Ook de duur van het verblijf in een onthaalklas is in sommige gevallen te kort, luidt het. Leraren krijgen dan weer te weinig training en structurele ondersteuning om met deze problematiek om te gaan.

Tot slot is er volgens de VN-agentschappen ook een gebrek aan psychosociale ondersteuning voor vluchtelingenkinderen die in België zijn aangekomen. Anderzijds wordt het GOK-beleid in Vlaanderen -dat voorziet in extra middelen voor scholen met relatief veel sociaal kwetsbare leerlingen- dan weer aangehaald als een van de 'best practices'.