1. Gezondheidszorg

Ondanks de Affordable Care Act, bekend als Obamacare, hebben tientallen miljoenen Amerikanen nog altijd geen toegang tot ziekteverzekering. 'In veel staten kunnen gouverneurs en staatsparlementen beslissen om bepaalde Obamacare-provisies niet toe te passen', zegt Michael Cannon, die aan het libertaire Cato Institute onderzoek doet naar gezondheidszorg. 'Veel staten weigeren om het ziekteverzekeringsprogramma uit te breiden voor de lage inkomens.' Tot op vandaag weigeren 34 van de 50 staten, goed voor tweederden van de Amerikaanse bevolking, om de ACA volledig door te voeren.
...

Ondanks de Affordable Care Act, bekend als Obamacare, hebben tientallen miljoenen Amerikanen nog altijd geen toegang tot ziekteverzekering. 'In veel staten kunnen gouverneurs en staatsparlementen beslissen om bepaalde Obamacare-provisies niet toe te passen', zegt Michael Cannon, die aan het libertaire Cato Institute onderzoek doet naar gezondheidszorg. 'Veel staten weigeren om het ziekteverzekeringsprogramma uit te breiden voor de lage inkomens.' Tot op vandaag weigeren 34 van de 50 staten, goed voor tweederden van de Amerikaanse bevolking, om de ACA volledig door te voeren. Als de Democraten hun strijd voor een universele ziekteverzekering willen voortzetten, zullen ze dus ook op lokaal niveau aan de knoppen moeten zitten. Op lokaal niveau zijn de Democraten ondervertegenwoordigd: er zijn slechts 16 Democratische gouverneurs, tegenover 33 Republikeinse (en één onafhankelijke). Ook de machtsverhouding in de Senaat doet ertoe. Een eerste poging van de regering-Trump om Obamacare aan te passen werd vorig jaar al onderuitgehaald, toen de Republikein John McCain verrassend tegen stemde. Als de Republikeinen versterkt uit de midterms zouden komen, behoort een tweede poging tot de mogelijkheden. 'Het fundamentele probleem is dat Republikeinen niet geïnteresseerd zijn in gezondheidszorg', zucht Cannon. 'Er is geen enkele Republikein die in de politiek gaat om de gezondheidszorg te verbeteren. Ze hebben de voorbije zeven jaar enkel slogans geroepen. Ze weten niet eens hóé ze Obamacare willen afschaffen.' Tijdens zijn presidentschap probeerde Barack Obama tevergeefs om de federale wapenwet te verstrengen. Hij noemde het vorig jaar 'de grootste frustratie van mijn presidentschap'. Gun control wordt bovendien bemoeilijkt doordat wapenwetgeving bijna exclusief op het niveau van de staten wordt geregeld. 'Staten hebben een ruime marge om de federale wetgeving te interpreteren', zegt Bart Kerremans (KU Leuven). 'Laat je zwaardere en volautomatische wapens toe? Heb je een vergunning nodig om een wapen te kopen? Mogen scholen leerkrachten bewapenen om zich tegen schietpartijen te verdedigen? Al die beslissingen worden op staatsniveau genomen.' Volgens het Gun Violence Archive vonden de voorbije twee jaar maar liefst 608 mass shootings plaats: schietpartijen waarbij minstens vier mensen gewond of gedood worden. Toch durven Democraten het zelden aan om openlijk campagne te voeren voor wapenbeperking, uit angst kiezers in conservatievere staten voor het hoofd te stoten. Daar lijkt nu verandering in te komen. Recente schietpartijen op scholen in onder andere Florida en Connecticut stuwen het thema vooruit op de politieke agenda. Democraten rekenen er nu op dat ze kunnen kapitaliseren op de Republikeinse onwil om strengere wapenwetten goed te keuren. Om de tien jaar moeten de kiesdistricten opnieuw worden ingedeeld, om in te spelen op schommelingen in het bevolkingsaantal. De volgende herverdeling staat gepland voor 2021, op basis van de volkstelling die Amerika in 2020 houdt. In de helft van de staten is redistricting een politiek proces. In die staten wordt vaak gerrymandering toegepast: het hertekenen van de grenzen van de kiesdistricten om de eigen politieke fractie te bevoordelen. Gerrymandering is hogere electorale wiskunde, waarbij kiezers die voor de tegenpartij stemmen zo veel mogelijk in hetzelfde district worden ondergebracht, zodat de andere districten met een niptere meerderheid naar de zittende partij gaan. In veel centrale staten hebben kiesdistricten daarom opmerkelijk grillige grenzen. Een schoolvoorbeeld daarvan is het zevende Congresdistrict van Pennsylvania, dat eruitziet als de cartoonhond Goofy die Donald Duck een trap verkoopt. ' Gerrymandering is momenteel de grootste politieke uitdaging voor de Democraten', zegt David Daley, die het fenomeen onderzocht voor zijn boek Ratf**ked: Why Your Vote Doesn't Count. 'De Republikeinen hadden in 2011 een strategie om de districtsgrenzen in hun voordeel te hertekenen. Daardoor kunnen ze nu verkiezingen winnen zonder een meerderheid te behalen. In 2012 kregen de Democraten in de midterms 1,4 miljoen stemmen méér dan de Republikeinen, maar ze hadden uiteindelijk 33 zetels minder in het Huis van Afgevaardigden.' Het gros van de volksvertegenwoordigers die over de herindeling van 2022 zullen beslissen, wordt bij deze midterms verkozen. En dus is het voor de Democraten vijf voor twaalf, beseft Daley. 'De Democraten moeten ervoor zorgen dat ze mee aan de onderhandelingstafel zitten. Slagen ze daar niet in, dan dreigt de partij nog eens een decennium kansloos te moeten toekijken.' Uiteraard kunnen staten niet beslissen wie verkozen wordt. Maar ze hebben wel invloed op wie stemt. Staten hebben een grote autonomie in het organiseren van verkiezingen. Zo hebben Amerikanen in veel centrale staten een identificatiebewijs met foto nodig om te mogen stemmen. Omdat Amerika geen verplichte nationale identiteitskaart kent, zijn kiezers vaak aangewezen op een rijbewijs. Dat benadeelt armen, die over het algemeen eerder Democratisch dan Republikeins stemmen. Hoewel er voor identificatieplicht goede argumenten zijn, zorgt de toepassing ervan in verschillende staten voor beslissingen waarbij minstens de indruk wordt gewekt dat zittende Republikeinse gouverneurs potentiële Democratische kiezers uitsluiten. In North Dakota zullen duizenden Native Americans niet kunnen stemmen omdat hun reservaten niet als vaste verblijfsplaats gelden. In Georgia wordt de Republikeinse gouverneur Brian Kemp ervan beschuldigd tienduizenden voter registrations van zwarte Amerikanen geannuleerd te hebben. In Florida mogen anderhalf miljoen inwoners niet stemmen omdat ze hun stemrecht zijn kwijtgeraakt na een veroordeling. Ook over de organisatie van de verkiezingen zelf is er het nodige politieke gesteggel. Zo krijgen Republikeinse autoriteiten vaak het verwijt dat ze te weinig kiesbureaus inrichten en die vaak ook te ver van bushaltes neerpoten. Dat benadeelt vooral armen en minderheden, die eerder geneigd zijn voor Democraten te stemmen. 'Het wordt voor de Democraten enorm belangrijk om gouverneurs verkozen te krijgen', aldus Daley. 'Op die manier hebben ze een veto om de ergste uitwassen tegen te gaan.' De spreekwoordelijke olifant in de kamer: komt er een afzettingsprocedure ('impeachment') tegen zittend president Donald Trump? Als de Democraten een meerderheid behalen in het Huis van Afgevaardigden (en daar ziet het naar uit) komt die optie opnieuw op de tafel. Om een procedure op te starten, is een tweederdemeerderheid in de Senaat nodig, maar daar zullen de Democraten ook na de verkiezingen waarschijnlijk in de minderheid zijn. De Democraten zijn intern verdeeld over de wenselijkheid van een afzettingsprocedure. Beto O'Rourke, de Democratische coming man in Texas, benadrukt in zijn campagne dat hij maar al te bereid is om te stemmen vóór impeachment. Die gedachtegang is populair bij de partijbasis: volgens een peiling is liefst 79 procent van de Democraten ervoor gewonnen om een afzettingsprocedure op te zetten. Toch mijden de Democraten het onderwerp als de pest. Boegbeelden als ex-buitenlandminister John Kerry en fractieleider Nancy Pelosi zeggen te vertrouwen op het onderzoek van speciaal aanklager Robert Mueller. Ze beseffen maar al te goed dat zo'n procedure onafhankelijke kiezers tegen de borst kan stuiten. Zonder die onafhankelijken zijn de Democraten kansloos in 2020, wanneer ze Trump uit het Witte Huis hopen te duwen.